-
rul-20210202-atr-000006
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken. Volledigheidshalve wordt nog opgemerkt dat de transactie wordt beoordeeld in het kader van de reguliere behandeling van de aangifte vennootschapsbelasting.
-
rul-20210202-atr-000003
Er is een verzoek ingediend om zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Er is geen zekerheid vooraf gegeven omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20210126-atr-000012
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20210119-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling. Zekerheid wordt gevraagd voor de jaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20210112-atr-000001
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de inhoudingsvrijstelling, de buitenlandse belastingplicht en de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. Y is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17, derde lid, onderdeel b, van de Wet Vpb. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Z. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 17 juli 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20210105-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de buitenlandse belastingplicht, de inhoudingsvrijstelling en de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de belangen van X in A en B. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. Y is naar aanleiding van haar belang in X niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17, derde lid, onderdeel b van de Wet Vpb. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 2 juli 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201229-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling, de subjectieve belastingplicht voor de dividendbelasting en of er sprake is van buitenlandse belastingplicht voor de vennootschapsbelasting. Men wenst zekerheid over de boekjaren 2020 tot en met 2024. Y is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 en 17a van de Wet Vpb. X kwalificeert niet als houdstercoöperatie in de zin van artikel 1, lid 8, Wet DB en is er om die reden geen subjectieve belastingplicht voor de dividendbelasting. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de belangen gehouden door Z in de relevante deelnemingen. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 30 september 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201222-atr-000010
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de voorgenomen vervreemding van de investeringsrechten van X in A, B en C op basis van artikel 13, negende lid van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 18 november 2020 tot en met 31 december 2024
-
rul-20201222-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de jaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 26 oktober 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201215-atr-000019
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de inhoudingsvrijstelling, de buitenlandse belastingplicht en de deelnemingsvrijstelling. Zekerheid wordt gevraagd voor de jaren 2020 tot en met 2024. 1. Gelet op artikel 4, tweede lid Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. 2. Y is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 of 17a van de Wet Vpb. 3. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Z. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 30 juli 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201208-atr-000007
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024 De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y op basis van artikel 13, negende lid van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 30 oktober 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201201-atr-000011
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de vraag of er sprake is van subjectieve belastingplicht voor de dividendbelasting, of er sprake is van buitenlandse belastingplicht voor de vennootschapsbelasting en de toepassing van de deelnemingsvrijstelling met betrekking tot een bestaand belang. 13. Op grond van het voorgaande kwalificeert X niet als houdstercoöperatie in de zin van artikel 1, lid 8, Wet DB en is er om die reden geen subjectieve belastingplicht voor de dividendbelasting. 14. Y en Z zijn niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 en artikel 17a van de Wet Vpb. 15. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang gehouden door X in A. Bovenstaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 april 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201201-atr-000002
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling en de in aanmerking te nemen voordelen uit hoofde van de CFC wetgeving op een voorgenomen liquidatie van een buitenlandse vennootschap. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20201110-atr-000012
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20201110-atr-000004
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20201103-atr-000020
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20201103-atr-000019
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20201103-atr-000007
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling op een voorgenomen verkoop van een buitenlandse vennootschap. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek om zekerheid vooraf buiten behandeling is gesteld.
-
rul-20201020-atr-000004
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y op basis van artikel 13, negende lid van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 9 september 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20201013-atr-000005
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de inhoudingsvrijstelling en de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20200922-atr-000002
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling en de inhoudingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor het boekjaar 2020 in verband met een herstructurering binnen de groep. 1. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in A en B. 2. Gelet op artikel 4, tweede lid en verder van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan de gestelde voorwaarden is voldaan. Bovenstaande is vastgelegd in een ATR vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2020.
-
rul-20200915-rulov-000008
B heeft verzocht om zekerheid vooraf over de renteaftrekbeperkingen en de deelnemingsvrijstelling. B wenst zekerheid voor de boekjaren vanaf 2018/2019. 1. De volledige rente op de interne leningen verstrekt door Z aan B is gedurende de gehele looptijd van de leningen niet aftrekbaar. 2. De in het boekjaar 2018/2019 verschuldigde rente op de externe leningen wordt niet in aftrek beperkt. De rente over de boekjaren 2019/2020 e.v. valt onder de reikwijdte van artikel 15b Wet VPB 1969. 3. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, die geldt vanaf het boekjaar 2018/2019, met een looptijd van vijf jaar of korter in geval van aflossing van de thans nog lopende aandeelhoudersleningen, daaronder begrepen herfinancieringen, die verband houden met de directe of indirecte verwerving of de uitbreiding van een belang in één van de in vaststellingsovereenkomst genoemde belanghebbenden. De vaststellingsovereenkomst is van overeenkomstige toepassing voor het boekjaar 2017/2018. 4. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat de Belastingdienst en X ook overeenstemming hebben bereikt over aspecten die niet vallen onder het bereik van het besluit van 19 juni 2019. Het betreft hier de deelnemingsvrijstelling (de aftrekbaarheid van de overnamekosten).
-
rul-20200915-atr-000001
Er is zekerheid vooraf gegeven middels een vaststellingsovereenkomst voor de boekjaren 2019 tot en met 2022 ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling met betrekking tot een bestaand belang. Er heeft nadien een wijziging plaatsgevonden in de feiten. Men wenst zekerheid dat de wijziging geen gevolgen heeft voor de gegeven zekerheid vooraf. De deelnemingsvrijstelling blijft van toepassing op het belang van X in A. De wijziging in de feiten is vastgelegd in een addendum op de ATR vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 november 2019 tot en met 31 oktober 2022.
-
rul-20200908-atr-000002
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de vraag of de deelnemingsvrijstelling van toepassing is en of er sprake is van CFC’s. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20200901-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling, de inhoudingsvrijstelling en de buitenlandse belastingplicht. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek is ingetrokken.
-
rul-20200818-atr-000006
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de inhoudingsvrijstelling, de buitenlandse belastingplicht en de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. Y is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17, derde lid, onderdeel b, van de Wet Vpb.
-
rul-20200804-atr-000003
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen.
-
rul-20200728-atr-000010
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de buitenlandse belastingplicht, de inhoudingsvrijstelling, toepassing van de deelnemingsvrijstelling en vaststelling gestort kapitaal. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen.
-
rul-20200714-atr-000004
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling, aansluitend op een eerdere afspraak tot en met 2019. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2023. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y op basis van artikel 13, negende lid van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200714-atr-000003
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de aandelenbelangen die X houdt in de diverse vennootschappen. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 4 oktober 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200714-atr-000002
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling, aansluitend op een eerdere afspraak tot en met 2019. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2023. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y op basis van artikel 13, negende lid van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200707-atr-000001
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling op inkomen gerealiseerd met een verkoop van aandelen. Er wordt zekerheid gevraagd op inkomsten verkregen zowel tijdens als na de transactiedatum. Het verzoek is buiten behandeling gesteld. Er is dus geen zekerheid vooraf gegeven.
-
rul-20200609-atr-000004
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen.
-
rul-20200602-atr-000001
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de inhoudingsvrijstelling, de buitenlandse belastingplicht, de toepassing van de deelnemingsvrijstelling en de toepassing van de CFC maatregel. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. Y is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 of 17a van de Wet Vpb. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van Z in Q. Met betrekking tot W is artikel 13ab van de Wet Vpb niet van toepassing, omdat W een wezenlijke economische activiteit uitoefent zoals bedoeld in artikel 13ab, vijfde lid en elfde lid van de Wet Vpb. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 13 mei 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200526-atr-000010
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de buitenlandse belastingplicht, de inhoudingsvrijstelling en de deelnemingsvrijstelling in het kader van een herstructurering. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024 Y is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 en 17a van de Wet Vpb. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan Y geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de belangen gehouden door X in de relevante deelnemingen. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 20 januari 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20200505-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling, de inhoudingsvrijstelling en de buitenlandse belastingplicht. Men wenst zekerheid over de boekjaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling in van toepassing op het belang van Y in C en het belang van Z in D. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van de winstuitkeringen van X aan A en B geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden dat door X aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. A en B zijn niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 of 17a van de Wet Vpb. Bovenstaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20200421-atr-000003
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de buitenlandse belastingplicht, de inhoudingsvrijstelling en de deelnemingsvrijstelling in het kader van een herstructurering. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Z en T zijn voor de respectievelijke periodes waarin zij het belang in X direct houden niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17, derde lid, onderdeel b van de Wet Vpb. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is de inhoudingsvrijstelling van toepassing ten aanzien van winstuitkeringen van X aan respectievelijk Z en T voor de periodes waarin zij het belang in X houden. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in A. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 30 juni 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200414-atr-000011
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling, aansluitend op een eerdere afspraak tot en met 2019. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang in Y. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20200331-atr-000003
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2018 tot en met 2022. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de belangen in A en B. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2022.
-
rul-20200331-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men verzoekt de zekerheid voor de jaren 2020 tot en met 2024. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y op basis van artikel 13, negende lid van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 21 februari 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20200303-atr-000009
Er is verzocht om zekerheid vooraf dat de deelnemingsvrijstelling van toepassing is op een hybride financieringsinstrument. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Het verzoek is afgewezen.
-
rul-20200303-atr-000005
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de kwalificatie van een buitenlandse hybride rechtsvorm naar Nederlandse fiscale maatstaven en de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen omdat het verzoek buiten behandeling is gesteld.
-
rul-20200218-atr-000009
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Gelet op artikel 13, negende lid en elfde lid, onderdeel b van de Wet Vpb is de deelnemingsvrijstelling van toepassing op het belang van X in A. Bovenstaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20200211-atr-000003
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de toepassing van de deelnemingsvrijstelling voor een aantal deelnemingen. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Gelet op artikel 13, negende lid Wet Vpb is ter zake van de dochtervennootschappen van X de deelnemingsvrijstelling van toepassing. Bovenstaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 22 november 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200127-atr-000021
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men verzoekt de zekerheid voor de jaren 2019 tot en met 2023. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van Y in Z. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 19 november 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200117-atr-000006
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Er is geen zekerheid vooraf gegeven.
-
rul-20200107-atr-000005
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de jaren 2019 tot en met 2022. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de vennootschappen gehouden door X. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2022.
-
rul-20200107-atr-000001
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf ten aanzien van de buitenlandse belastingplicht, de inhoudingsvrijstelling, toepassing van de deelnemingsvrijstelling en toepassing van de objectvrijstelling voor buitenlandse ondernemingswinsten. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. Gelet op artikel 4, tweede lid van de Wet DB is ter zake van winstuitkeringen van X aan A geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Conform artikel 4, elfde lid van de Wet DB dient binnen een maand na het tijdstip waarop de opbrengst ter beschikking is gesteld, verklaard te worden door X dat aan alle gestelde voorwaarden is voldaan. A is niet buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 17 en 17a Wet Vpb. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op de belangen gehouden door Y en Z. De objectvrijstelling is van toepassing voor de buitenlandse ondernemingswinsten met betrekking tot de activiteiten verricht door Y en Z in een land buiten de Europese Unie. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 9 september 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200106-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de deelnemingsvrijstelling. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2019 tot en met 2023. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van X in Y. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 10 november 2019 tot en met 31 december 2023.
-
rul-20200103-atr-000008
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de toepassing van de deelnemingsvrijstelling. Men verzoekt de zekerheid voor de jaren 2019 tot en met 2023. De deelnemingsvrijstelling is van toepassing op het belang van W in Y en op het belang van X in Z. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 6 november 2019 tot en met 31 december 2023.