AI-samenvatting
Dit memo behandelt de civiel- en fiscaalrechtelijke gevolgen van de emigratie en omzetting van een BV naar een buitenlandse rechtsvorm. De conclusie is dat Nederland vertrekkende vennootschappen niet slechter behandelt dan binnenlandse vennootschappen, en dat de relevante wetgeving niet in strijd is met EU-vrijheden.
Kennisgroepstandpunt
Belastingdienst
Kennisgroep IBR Vpb winstBelastingdienst Kantoor Buitenland
512e
I512e ■tiQrc Vkr
512e
IBR 1643
1512e~
belastinqdienst nl
Datum
28november 2016memo
1Inleiding
Via deKennisgroep belastingplichtkwaiificatie rechtsvormen isaan de
kennisgroep Internationaai beiastingrecht vennootschapsbelasting winst de
vraag voorgelegd hoe om tegaan met deaangifteplicht van geemigreerdeen
geconverteerde vennootschappen
Aangezienniet aile aspectenvan ditvraagstuktot het werkterrein van de
kennisgroep behoren verdient het aanbeveiing dat inieder gevai ook de
kennisgroep belastingpiicht kwaiificatie rechtsvormen en DGBel worden
aangesioten Voorts verdient hetaanbeveiing omdeclvielrechteiijke aspecten nog
eens met het Ministerie van VeiiigheidenJustitie aftestemmen
2Rechtsvraag
Wat zijn deciviel enfiscaalrechtelijke gevoigen van een emigratie engelijktijdige
omzetting van een BV ineen buiteniandse rechtsvorm Enwat zijn deEUaspecten
daarvan
bjiten verzoek
VERTROUWELIJK Pagina 1van 6
1951214 00042
4Beschouwing
In dit memo wordt slechts aandacht bestead aan de positievan naamloze
vennootschappenen besloten vennootschappen Andere rechtsvormenzijn
uitdrukkelijk uitgesloten
Hierna wordt allereerst ingegaan opdecivielrechtelijke aspecten endaarna opde
fiscaalrechtelijke aspecten Bij beide onderdelen wordt het EU recht meteen
meegenomen Verder wordtbijbeide onderdelen onderscheid gemaakttussen
enerzijds deconversie enanderzijds deemigratie van devennootschap
41Civieirechteiiik
Civielrechtelijk moet bijomzettingen onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds
derechtstreekse omzetting van een Nederiandse rechtspersoonineen buitenlandse
rechtspersoonenanderzijds devormingvan Societas Europaea
411Rechtstreekse omzetting
buiten verzoek
412Omzetting viadeSE route
^Hvl 16december 2008 C210 06 Cartesio
2Hvl 12juli2012 C378 10 Vale
^https www internetconsultatie nlgrensoverschrijdende_omzetting
BW 214 eerste lidjoBW 266 derde lid2177 derde lid
BW 214 eerste lidjoBW 266tweede lid2177 tweede lid
1951214 00042
Een alternatief voor derechtstreekse omzettingvan een Nederlandse rechtspersoon
ineen buitenlandse rechtsvorm isgebruik temaken van deSE route Indatgeval
wordt een Nederlandse rechtspersoon omgezet ineen Societas Europaea SE
bijvoorbeeid via een fusie Een SEkan haar feitelijke zetel verplaatsen en ais
gevolg daarvan wijzigt dan ook haar statutaire zetel®Vervolgenskan deSE ter
plaatseweer ineen buitenlandse rechtsvorm worden omgezet
Conclusie verplaatsing van een Nederlandse rechtspersoon enomzetting
daarvan in een buitenlandse rechtspersoon via de SEroute is
civielrechtelijk mogelijk
buiten verzoek
1951214 00042
buiten verzoek
423EUrecht
Pas nadat devoorgaande stappen zijndoorlopen komt een vraag opdie ligtophet
terrain van dekennisgroepInternationaal belastingrechtwinst vpb namelijkofhet
voorgaande strijdigismet devrijheidvan vestiging ofniet
Het antwoord lijkt vrij eenvoudig Nederland behandelt vertrekkende en
geconverteerde vennootschappen niet slechter dan vennootschappen die niet
vertrekken ofdie binnen delandsgrenzen verplaatsen Sterker nog Nederland
behandelt devennootschappen juist exact hetzelfde Van eenbelemmeringisdan
ook geen sprake Bevestiging hiervoor kan worden gevondeninhet arrest Van
Hilten Van derHeijdenwaarin het HvJ voor het successierecht heeft aangegeven
dat een vertrekker navertrek best indevertrekstaat indeheffing betrokken mag
worden Hof Den Bosch heeft zich voor devennootschapsbelasting reeds indie zin
uitgelaten^
Tot slot stelt belanghebbendedat artikel 2lid4van deWet Vpbendedaarmede
samenhangendeadministratieve last waaronder een aangifteplichteen
ongeoorloofde vertrekbelemmering vormt en aldus strijdt met de
veidragsvrijheden
Het mogezozijndatvennootschappendie naar vreemd recht zijn opgerichtna
vertrek uitNederland die last en dieplichtinhetaigemeenniet hebben endan
gunstiger worden behandeld dan naar Nederlands recht opgerichte
vennootschappen dievertrekken UitHvJEG23februari 2006 zaak C513 03 van
Hilten van der 5i2e|Joverweging 45en46BNB 2006 194 leidt hetHof echter
afdat deze vorm van discriminatie istoegestaan onder voorwaarde dat de
Nederlandse vennootschapnavertrek nationaie behandeling houdt Anders gezegd
van een verboden vertrekbelemmering is alleen sprake wanneer de
grensoverschrijdende onderdaan slechter wordt behandeld dan de niet
vertrekkende onderdaan Die situatie doetzich hier niet voor
Belanghebbendewordt navertrek niet siechter behandeld dan wanneer ze niet
vertrokken zou zijn Naar het oordeel van hetHof vormt artikel 2lid4van deWet
Vpb endedaaruit voortvioeiende administratieve last daarom een geoorloofde
maatregel Artikel 2lid4van de IVet Vpb leidt daarom niet tot een verboden
vertrekbelemmering
Opgrondvan hetvoorgaandeconcludeert dekennisgroepdat artikel 2vierde lid
Wet opdevennootschapsbelasting 1969 niet instrijd ismet devrijheid van
Hv] EU23februari 2006 C513 03 Van Hilten van der 512eD
^Hof sHertogenbosch 28februari 2014 nr1200343 ro46
1951214 00042
vestiging Ofhet daarbij gaat om wel ofniet geconverteerde vennootschappen
maakt volgens dekennisgroep geen verschil
Conclusie dekennisgroep neemt hetstandpunt indat artikel twee vierde
lidWet opdevennootschapsbelasting 1969 niet instrijdismet devrijheid
van vestiging
424Gevolaen van deconversie voor deaanaifteplicht
Wat degevolgenvan hettoepassenvan artikel twee vierde lidWet opde
vennootschapsbelasting 1969 zijn ligt niet ophet terrein van dekennisgroep De
kennisgroep wijst wei ophet Besiuit Staatssecretaris van Financien 6maart
200110
Indien dewerkelijke leidingvan devennootschapisverpiaatst dienen ook na
vertrek aangiftebUjettentewarden verzonden envoltedig datwilzeggeninclusief
jaarstukken endergelijke tewarden ingevuld enteruggezonden
Conclusie toepassenvan artikel twee vierde lidWet opde
vennootschapsbelasting 1969 leidt ertoe dat een volledig aangifte dient
teworden ingediend Het verdient aanbeveling ditstandpunt afte
stemmen met DGBel
425Gevolaen van deemiaratie van devennootschap
Inhetvoorgaande werd ingegaan opdefiscaalrechtelijke gevolgen van de
conversie Datgedeelte kan worden samengevat als wat erook allemaal gebeurt
fiscaalrechtelijk heeft hetgeen gevolgen
Inogenschouwdient echter welgenomenteworden dat deconversie doorgaans
gepaard gaat met emigratie van devennootschap Indien sprake isvan een
emigratie naar een verdragsland dan kan dieemigratie wel denodige fiscale
gevolgen hebben
Allereerst zal indatgeval een eindafrekening moeten plaatsvinden Bovendien
mag Nederland nadeemigratie dan nog slechts heffen over bronnen die ter
heffingaan Nederland zijntoegewezen Inkomsten uitalle overige bronnen
worden inhetaangiftebiljet ingevuld onder overige vrijgestelde
winstbestanddelen endus niet als aftrek elders belast enmaken derhalve geen
onderdeel uitvan debelastbare winsti^
Dual residency
Het kan voorkomen dat een belastingpiichtige opgrand van regelingen van
internationaal belastingrechteen dubbele vestigingsplaatsdual residencyheeft
Indatgeval mag deNederiandse Belastingdienst alleen diebestanddelen van de
belastbare winst Indebelastingheffing betrekken die inhetVerdrag ter
voorkomingvan dubbele belastingaan Nederland zijn toegewezen
426Gevolaen van niet voldoen aan aanaifteplicht door dual residents
Ten aanzien van het niet voldoen aan deaangifteplichtdoor dual resident
vennootschappen kan worden gewezen opHR26augustus 1998 nr33687
BNB 1998 350 waaruit voIgt dat voor dual resident vennootschappen dezelfde
CPP2000 3020 VN2001 179
Detoelichting ophet Elektronisch aangiftebiljet 2012 onderwerp belastbaar bedrag
sub Vrijgestelde winstbestanddelen Zieook HR 17februari 1993 nr28260 BNB
1994 163
1951214 00042
gevolgen gelden voor het niet doen van aangifte als voor ingezeten
vennootschappen
512e
1951214 00042
Geef een reactie