-
rul-20251223-rulov-000005
Er is een onderzoek ingesteld of X in Nederland is gevestigd en daarmee als binnenlands belastingplichtige voor de vennootschapsbelasting aangemerkt had moeten worden. Het betreft de jaren 2022 en 2023. Primair is X gevestigd in Nederland en daarmee binnenlands belastingplichtig op grond van artikel 2, eerste lid, onderdeel a, Wet Vpb. Subsidiair beschikt X over een vaste inrichting in Nederland en is zij buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 3, vierde lid, onderdeel a in combinatie met artikel 17, derde lid, onderdeel a of artikel 17a Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een eenzijdig standpunt en heeft betrekking op de jaren 2022 en 2023.
-
rul-20251223-rulov-000012
Er is een onderzoek ingesteld of X in Nederland is gevestigd en daarmee als binnenlands belastingplichtige voor de vennootschapsbelasting aangemerkt had moeten worden. Het betreft de jaren 2023 en 2024. Primair is X gevestigd in Nederland en daarmee binnenlands belastingplichtig op grond van artikel 2, eerste lid, onderdeel a, Wet Vpb. Subsidiair beschikt X over een vaste inrichting in Nederland en is zij buitenlands belastingplichtig op grond van artikel 3, vierde lid, onderdeel a in combinatie met artikel 17, derde lid, onderdeel a of artikel 17a Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een eenzijdig standpunt en heeft betrekking op de jaren 2023 en 2024.
-
rul-20251223-rulov-000019
Er is een onderzoek ingesteld of X in Nederland is gevestigd en daarmee als binnenlands belastingplichtige voor de vennootschapsbelasting aangemerkt had moeten worden. Het betreft de jaren 2022 tot en met 2024. X is gevestigd in Nederland en daarmee binnenlands belastingplichtig op grond van artikel 2, eerste lid, onderdeel a, Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een eenzijdig standpunt en heeft betrekking op de jaren 2022 tot en met 2024.
-
rul-20251216-rulov-000004
Er is een verzoek tot zekerheid vooraf ingediend ten aanzien van voorgenomen fiscale zetelverplaatsingen uit Nederland door X en Y. Men wenst zekerheid vooraf ten aanzien van de eindafrekeningswinst voor de vennootschapsbelasting. Ook wenst men zekerheid vooraf ten aanzien van het terugtreden van Nederland inzake haar heffingsrecht op uit te keren dividenden – op basis van het relevante belastingverdrag – voor de periode na de fiscale zetelverplaatsingen. Men wenst zekerheid voor de jaren 2025 tot en met 2029. Er is zekerheid gegeven inzake de omvang van de (eindafrekenings-)winst bij verplaatsing van de fiscale zetels van X en Y. Na verplaatsing van de zetel van Y kan zij zonder heffing van Nederlandse dividendbelasting dividenden uitkeren aan haar aandeelhouder. Omdat na het verplaatsen van de fiscale zetel X onvoldoende economische nexus heeft in Nederland kan zij geen zekerheid vooraf krijgen ten aanzien van de dividendbelasting. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2029.
-
rul-20240709-rulov-000005
X en Y hebben verzocht om zekerheid vooraf dat zij na een voorgenomen verplaatsing van hun feitelijke leiding kwalificeren als verdragsinwoner van een andere staat van de Europese Unie (EU) op grond van het relevante belastingverdrag tussen Nederland en die andere staat (staat A). Ook verzoeken X en Y om zekerheid vooraf over de inperking van het heffingsrecht van Nederland ter zake van toekomstige dividenden die aan aandeelhouders van X en Y betaald worden voor zover de aandeelhouders van X en Y geen inwoner van Nederland zijn. Daarnaast hebben X en Y verzocht om zekerheid vooraf dat hun belastingplicht voor de vennootschapsbelasting in Nederland eindigt na verplaatsing van de feitelijke leiding. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2024 tot en met 2028. Na verplaatsing van de feitelijke leiding zijn X en Y inwoner van staat A op grond van artikel 4 van het belastingverdrag tussen Nederland en de staat A. X en Y blijven inhoudingsplichtig voor de Wet DB maar Nederland wordt – gezien de buiten Nederland gevestigde aandeelhouders van X en Y – in haar heffingsrecht beperkt. Tot slot is het verzoek tot ontheffing van het doen van aangiften vennootschapsbelasting door X en Y afgewezen en zullen deze aangiften in beginsel in het kader van het reguliere toezicht beoordeeld worden. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2028.
-
rul-20240702-rulov-000007
Er is een verzoek ingediend voor het verkrijgen van zekerheid vooraf inzake de toewijzing van heffingsrechten inzake voordelen uit de exploitatie van schepen in het internationale verkeer en de toewijzing van vermogenswinsten ten aanzien van dergelijke schepen onder het van toepassing zijnde belastingverdrag. Men wenst zekerheid voor de jaren 2024 tot en met 2028. Nederland wordt beperkt in haar nationale heffingsrecht voor zover het voordelen van Y betreft uit de exploitatie van schepen in het internationale verkeer waarvan de onderneming geleid wordt vanuit verdragsland A. Dit geldt ook voor vermogenswinsten die Y realiseert ten aanzien van dergelijke schepen. Bovenstaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 juli 2024 tot en met 31 december 2028.
-
rul-20240625-rulov-000011
X heeft verzocht om zekerheid vooraf voor het feit dat Nederland beperkt wordt in haar nationale heffingsrecht inzake inkomsten van X in Nederland uit internationale vervoersactiviteiten. Dit vanwege de toepassing van het relevante belastingverdrag met verdragsland A. X wenst zekerheid voor de boekjaren 2023 tot en met 2027. De activiteiten van X in Nederland kwalificeren als internationale luchtvaartactiviteiten. Nederland wordt beperkt in haar nationale heffingsrecht op basis van het relevante belastingverdrag. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2027.
-
rul-20230523-rulov-000009
Er is een verzoek ingediend door X voor het verkrijgen van zekerheid vooraf dat Nederland beperkt wordt in haar heffingsrecht ten aanzien van dividenden na een herstructurering. Het verzoek is ingetrokken. Er is geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen. De transactie zal in beginsel in het kader van het reguliere toezicht beoordeeld worden.
-
rul-20220329-rulov-000013
Er is verzocht om zekerheid vooraf dat Nederland beperkt wordt in haar nationale heffingsrecht om toekomstige dividenden in de belastingheffing te betrekken op grond van een specifieke regeling opgenomen in het relevante verdrag ter voorkoming van dubbele belasting tussen Nederland en een land waarmee Nederland een belastingverdrag heeft gesloten (verdragsland A), hierna “het belastingverdrag”. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. X kan zonder inhouding van dividendbelasting dividenden uitkeren aan Z. X dient de vrijstellingsprocedure voor portfoliodividenden toe te passen zoals omschreven in de uitvoeringsvoorschriften van het belastingverdrag. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 7 mei 2021 tot en met 31 december 2025.
-
rul-20220329-rulov-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf dat Nederland (gedeeltelijk) beperkt wordt in haar nationale heffingsrecht om toekomstige dividenden in de belastingheffing te betrekken op grond van het dividendartikel opgenomen in het relevante verdrag ter voorkoming van dubbele belasting tussen Nederland en een land waarmee Nederland een belastingverdrag heeft gesloten (verdragsland A), hierna “het belastingverdrag”. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. Gelet op het belastingverdrag is ter zake van winstuitkeringen van X aan A, voor zover toerekenbaar aan D, en voor zover de houdsterperiode in het belastingverdrag nog niet is verstreken, Nederlandse dividendbelasting verschuldigd tegen een verlaagd tarief. Na het verstrijken van de houdsterperiode in het belastingverdrag is ter zake van winstuitkeringen van X aan A, voor zover toerekenbaar aan D, geen Nederlandse dividendbelasting verschuldigd. Ter zake van winstuitkeringen van X aan A, voor zover toerekenbaar aan C, is de faciliteit voor het verlagen of achterwege laten van dividendbelasting niet van toepassing, en mag Nederland dividendbelasting heffen tegen het regulier tarief. Voorgaande is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, met een looptijd van 1 februari 2021 tot en met 31 december 2025. De gebruikelijke systematiek en formaliteiten die het belastingverdrag voorschrijft zoals nader uitgewerkt in de Nederlandse uitvoeringsvoorschriften inzake het belastingverdrag zijn van toepassing.