-
rul-20260113-atr-000003
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2024 tot en met 2025. Het verzoek om zekerheid vooraf is ingetrokken. Derhalve is er geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen.
-
rul-20250909-atr-000001
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2025 tot en met 2029. Het verzoek om zekerheid vooraf is ingetrokken. Derhalve is er geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen.
-
rul-20250506-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2022 tot en met 2026. Er is geen zekerheid vooraf verstrekt. De transactie zal in beginsel in het kader van het reguliere toezicht beoordeeld worden.
-
rul-20250304-atr-000021
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2025 tot en met 2029. Gelet op artikel 3, vierde lid, onderdeel a van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2029.
-
rul-20241126-atr-000015
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de jaren 2022 tot en met 2026. Het verzoek om zekerheid vooraf is ingetrokken. Derhalve is er geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen. Het voorgaande zal in beginsel worden beoordeeld in het kader het reguliere toezicht.
-
rul-20241008-atr-000003
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2024 tot en met 2028. X heeft geen vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland op basis van de relevante bepalingen van het toepasselijke belastingverdrag. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 juli 2024 tot en met 31 december 2028.
-
rul-20241008-atr-000011
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2024 tot en met 2028. X heeft geen vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland op basis van de relevante bepalingen van het toepasselijke belastingverdrag. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2028.
-
rul-20240723-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 augustus 2021 tot en met 31 december 2025.
-
rul-20240618-atr-000012
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2023 tot en met 2027. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 13 oktober 2023 tot en met 31 december 2027.
-
rul-20240611-atr-000007
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2023 tot en met 2027. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2027.
-
rul-20240604-atr-000009
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de jaren 2023 tot en met 2027. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 maart 2023 tot en met 31 december 2027.
-
rul-20240514-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2022 tot en met 2026. Gelet op artikel 3, vierde lid, onderdeel a van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2022 tot en met 31 december 2026.
-
rul-20240319-atr-000005
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de jaren 2023 tot en met 2027. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 juli 2023 tot en met 31 december 2027.
-
rul-20240213-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2023 tot en met 2027. Het verzoek om zekerheid vooraf is ingetrokken. Derhalve is er geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen. Op korte termijn zal een aangifte vennootschapsbelasting worden uitgereikt aan X.
-
rul-20231017-atr-000013
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2022 tot en met 2026. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2022 tot en met 31 december 2026.
-
rul-20230815-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2023 en 2024. Gelet op artikel 3, vierde lid, onderdeel a van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 juli 2023 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20230620-atr-000004
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2022 tot en met 2026. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 juli 2022 tot en met 31 december 2026.
-
rul-20230221-atr-000011
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 13 december 2021 tot en met 31 december 2025.
-
rul-20230214-atr-000004
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 8 oktober 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20221108-atr-000006
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het verdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 maart 2021 tot en met 31 december 2025.
-
rul-20220927-atr-000004
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2022 tot en met 2026. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het belastingverdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent partij X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 30 mei 2022 tot en met 31 december 2026.
-
rul-20220524-atr-000002
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het belastingverdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent partij X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 11 oktober 2021 tot en met 31 december 2025.
-
rul-20211214-atr-000004
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2022 tot en met 2026. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het belastingverdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2022 tot en met 31 december 2026.
-
rul-20211207-atr-000005
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2025. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het belastingverdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent partij X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 2 augustus 2021 tot en met 31 december 2025.
-
rul-20211005-atr-000012
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2020 tot en met 2024, aansluitend op een eerdere afspraak tot en met 2020. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het Belastingverdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent partij X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 augustus 2020 tot en met 31 december 2024.
-
rul-20210706-atr-000011
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de aanwezigheid van een vaste inrichting in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2018 tot en met 2020. X heeft vanaf 1 mei 2018 een vaste inrichting in Nederland op basis van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 mei 2018 tot en met 31 juli 2020.
-
rul-20210615-atr-000004
Er is verzocht om zekerheid vooraf over de afwezigheid van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland. Men wenst zekerheid voor de boekjaren 2021 tot en met 2022. Gelet op artikel 3, vierde lid van de Wet Vpb in combinatie met de relevante bepalingen van het Belastingverdrag tussen Nederland en verdragsland A oefent partij X haar onderneming niet uit met behulp van een vaste inrichting of vaste vertegenwoordiger in Nederland voor de toepassing van de Wet Vpb. Dit is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst met een looptijd van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022.