AI-samenvatting
Deze belastinguitspraak behandelt de vraag of de inhoudingsvrijstelling voor dividendbelasting kan worden geweigerd bij liquidatie uitkeringen aan vennootschappen die aandelen in verbonden lichamen opkopen. De kennisgroep concludeert dat als de opkoop en liquidatie vergelijkbaar zijn met het indirect inkopen van eigen aandelen, de inhoudingsvrijstelling kan worden geweigerd.
Kennisgroepstandpunt
Belastingdienst
Kennisgroep
Dividend belasti ngVERTROUWELIJK
Voorzitter
512e
Secretarls
633ie
Helpdeskvraag
Kennisgroep
Dlvldendbelastlng_Postbu5Dividendbelasting artikel 4lid4en lid7van deWet opdedividend belasti ng
1965
Datum inbreng
7november 2018
Vraag
Kan toepassingvan deinhoudingsvrijstelling worden geweigerd opdeliquidatie
uitkering aan eenvennootschap diedeaandelen ineen verbonden lichaam
opkoopt inhet vooruitzicht van deliquidate van dat lichaamVersienummer
0
Referentienummer
DIV 018 024 015
Datum vaststelling
5februari 2019 Antwoord
]a indien het karakter van deopkoop enliquidatie vergelijkbaar ismet het
indirect inkopen van eigen aandelen zoals beschreven indeonderdelen 82en
83van het verzamelbesluit^ Indatgeval isdeopkoper namelijk dienstverlener
engeen uiteindelijk gerechtigde Voor devergelijkbaarheid isonder andere van
belang dat hetgaat om eenvooropgesteld plan waarbij het teliquideren lichaam
Cook partij isendeopkoper geen risico loopt Daarbij komt dat dekennisgroep
voor deze vergelijking aeen liquidatie materieel hetzelfde vindt als een inkoop
van eigen aandelen enbde inhet besluit beschreven situatie ook relevant acht
voor vennootschappen die niet beursgenoteerd zijnVastgesteld door
Auteur
512e
Bijlager
Geen
Feiten
Inhet kort zijn defeiten alsvoIgt
67Awr
1Besluit van 21december 2011 nrDGB2011 6870M
VERTROUWELIJK Pagina1van 6
1708123 00046
67Awr
1708123 00046
67Awr
Beschouwing
Indekern stellen devraagstellers devraag ofbovenstaande kwalificeert als
dividendstripping Dekennisgroep meent dat wat hier gebeurt een duidelijk opzet
isom dedividendbelasting afteschudden Zoals verderop beargumenteerd lijkt
Met instelling brengen van debepalingen inzake dividendstripping geen kansrijk
standpunt Dekennisgroep heeft devraag daarom breder geinterpreteerd
namelijk ofdegepresenteerde aandeelhouder wel kan worden beschouwd alsde
uiteindelijk gerechtigde van deliquidatie uitkering dan wel dedividenduitkering in
het kader van deliquidate
1Wat oebeurt ernou eioenlilk
Dehierboven beschreven stappen hebben infeite devolgende effecten
Stap1 Door middel van deeerste stapwordt BV2afgezienvan de
vordering opdekoper ontdaan van zijn assets
Het doel van devolgende twee stappen Isom de
vermogensbestanddelendiedefacto overeenkomen met de
liquidatie uitkering dieBV2gedaanzou hebben inhet initiele
plan inbezit van de
|67AwT|tebrengen
Devierde stapisfeitelijkdelaatste stapvan hetopzetje waarbij
devennootschap ookdaadwerkelijk wordt opgedoekt
Isopzich niet zorelevant voor hetopzetje dat hier wordt
gehanteerdStap 23
Stap4
Stap 5
Feitelijk gaan dus allevermogensbestanddelen van BV2over naar BV 1ende
67Av rHgevolqd door deliquidatievan devennootschapMaterieel bezien wordt
devennootschap dus geliquideerdenkomen deopbrengsten tengoede aan de
aandeelhoudersjgelijkaan het initiele plan enkel liquideren van
BV2 Erzijn geen zakelijke redenen aangevoerd noch tebedenken waarom deze
Ingewikkelderoute zou worden bewandeld om ditte bewerkstelligeninplaatsvan
het enkel liquideren van BV267Awr
Dekennisgroep meent dan ook dat erhier sprakeisvan een opzet om deheffing
van dedividendbelasting teverijdelen
1708123 00046
2 Isersprakevan dividendstrippinQ
Daarmee komt dekennisgroep eerst toe aan devraag zoals deze inengezin is
voorgelegd namelijk ofersprakeisvan dividendstrippingindezin van artikel 4
lid7van deWet opdedividendbelasting
Van dividendstripping isincasu kort gezegd sprake indien aan devolgende vijf
cumulatieve voorwaarden wordt voldaan
1 Erissprake van een samenstel van rechtshandelingen
waarbij BV 1een tegenprestatieheeft verricht
terwijl deliquidatie uitkering het dividend geheei ofgedeelteiijk direct of
indirect tengoede komt aande^67Awr
de^67Awr^ineen minder gunstige dividendbeiastingpositieverkeren
dan BV 1en
de|67Awr^een positie inaandelen winstbewijzen of10 1dvorderingen
opdirecte ofinindirecte wijze behouden ofverwerven dievergelijkbaaris
met depositieinsoortgelijke aandelen etc voorafgaandaan hetmoment
waarop het samenstel van transacties een aanvang heeft genomen2
3
4
5
Devraagstellers hebben deeerste vier voorwaarden inhun memo van
7november 2018 behandeld enhebben geconcludeerd dat aan dievoorwaarden is
voldaan Dekennisgroep deelt die conclusie maar constateert ook dat delaatste
voorwaarde indat memo onbesproken blijft
Op20november 2018 hebben devraagstellers nog een addendum ingediend
waarin oaopdelaatste voorwaarde wordt ingegaan
Uitdeaangeleverde feiten voIgt naar dekennisgroep begrijpt dat dejuridische
eigendomvan deaandeien inBV2niet terugkeert bijde[
ditveel opeen zusterverhanging dieook niet onder dedividendstrippingsregels
van artikel 4lid7van deWet Db1965 valtfeitelijk lijkt67Awr
67Awr is Mogeiijkdat wel het economisch belang bijdieaandelen steedsbijde
gebleven Indatgeval kan opbasis van dedividendstrippingsregels worden
gesteld dat BV 1niet deuiteindeiijke gerechtigde totdeiiquidatie uitkering dan
wel dividenduitkeringisHet isaan devraagstellers om naderte onderzoeken of
heteconomisch belang bijdeaandelen inBV2dan wel haar
vermogensbestanddelenisovergaan naar BV 1
3 Ziin ernoo andere aroumenten voor weiaerino van de
inhoudinasyriistelling
Dekennisgroep meent dat ernog een ander argument isopgrond waarvan
inhoudingsvrijstelling geweigerd kan worden Hetargumentisdat BV 1gezien
moet worden alsdienstverlener waardoor zijniet deuiteindelijk gerechtigde van
deIiquidatie uitkering is
BV 1kan worden gezienalsdienstverlener alshet karakter van deopkoopen
liquidatie vergelijkbaarismet het indirect inkopen van eigen aandelen zoals
beschreven indeonderdelen 82en83van het verzamelbesluit^
Hetgaat hierbij omdeonderdelen 82en83van het besluit waarin deForward
Purchase Agreement endeSecond Trading Line wordt beschreven Infeite komen
2Besluit van 21december 2011 nrDGB2011 6S70M
1708123 00046
dedaar beschreven situaties erop neer dat eenvennootschap deaandelen ineen
beursvennootschap opkoopt met aIsdoel deze door televeren aan die
beursvennootschap Destaatssecretaris isvanmening dat deopkopende
vennootschap dan opereert alsverlengstuk van deinkopende beursvennootschap
endus niet kwalificeert alsdeuiteindelijk gerechtigdevan debetalinguithoofde
van deinkoop
Dekennisgroep vindt datdepositievan BV 1gelijk kan worden gesteld met die
van deopkopende vennootschap endeliquidatie uitkering door BV2met hetgeen
betaald wordt terinkoopvan deaandelen mits het karakter van dehandelingen
vergelijkbaarisHiervoor isonder andere van belang dat hetgaat om een
vooropgesteld plan waarbij BV2ook partij isenBV 1geen risico loopt De
kennisgroep geeftdevragenstellermee ditnader teonderzoeken enfeiten te
verzamelen die ditonderbouwen
Dat depassageinhet verzamelbesluit betrekkingheeft opbeursaandelen endat
BV2geen beursvennootschapismaakt geen verschil Dekennisgroepziet
namelijk geen reden waarom dedividendbelastinggevolgen voor niet
beursaandelen anders zou uitpakken
Verder heeft debetreffende passage betrekking opdeinkoop van aandelen en
wordt niet gerept over een liquidatie uitkering Dekennisgroep ziet ook daarin
geenonderscheidend verschil Een liquidatieismaterieel niet veel anders dan de
inkoop van alle aandelen
4 Fraus leais
Dekennisgroep vraagt zich voorts afofdevoorliggende casus niet kan worden
bestreden met fraus legis
1Deconstructie lijkt namelijk opgezet met alsdoorslaggevend doel de
verijdeling van belastingheffing
2 Deconstructielijkt geen ander doel tedienen
3 Degekozen weg komt naar demeningvan dekennisgroepinstrijd met
doel enstrekking van dedividendbelasting
Indat kader kan ook worden gewezen opdejurisprudentieinzake het
tussenschuiven van vennootschappen endeholdingjurisprudentie^Indie
jurisprudentie gewezen onder dewet opdeinkomstenbelasting 1964 konden
opzetjesalsdebovenstaande worden bestreden met fraus legisUit die
jurisprudentie zou kunnen worden afgeleid dateenmalige opzetjes zoals de
bovenstaande structuur met succes bestreden kunnen worden voor de
inkomstenbelasting oud
Wattel enMarres betwijfelen ofdiejurisprudentie ook kan worden doorgetrokken
naar dedividendbelasting Dekennisgroepzou dievraag graageens aan de
rechter voorleggen Dekennisgroep geeft devraagstellers dan ook om mee om te
bekijken ofdeze stelling subsidiair inkan worden genomen
Zie inditkader echter ook deopmerkingen onder 6over detoepassing van
belastingverdragen
5Omvana verschuldiade dividendbelasting
^Ziedebeschrijving van diejurisprudentie inonderdeel 243en244van Fed fiscale
studieserie 26Dividendbelasting vierde drukj Wattel enMarres
1708123 00046
Ten slotte valt het dekennisgroep opdat devraagsteilers bijhet berekenen van
deverschuldigde dividendbelasting uitgaanvan deomvang van deliquidatie
uitkering Dekennisgroep geeft devraagsteilers mee dat ingeval van een
liquidatie uitkering deopbrengst bestaat uit
hetgeen bijdeliquidatie opaandelen wordt uitgekeerd boven het aemiddelde oo
dedesbetreffende aandelen aestorte kapitaal
Met andere woorden indien deopbrengst terbeschikking wordt gesteld inde
vorm van een liquidatie uitkeringdan dient rekeningteworden gehouden met het
bedrag datopdeaandelen isgestort Over dat deel isgeen dividendbelasting
verschuldigd
6 Overiae dividendbelastinoelementen
Verder merkt dekennisgroep opdat devraagsteilersindevraagniet ingaan opde
toepassing van belastingverdragen Daar zulien devraagsteilers ook nognaar
moeten kijken alvorens totnaheffing over tegaan
Ten slotte merkt dekennisgroep nog opdat BV2voorafgaandaan verrichten van
hetsamenstel aan rechtshandelingen reeds geld heeft uitgeleend aan de
67Awr Mogelijk kan uitdefeiten worden afgeleid dat dit infeite geen
verstrekKingvan leningenbetrof maar dividenduitkeringen vormden Daarbijzou
kunnen worden gekeken ofereen daadwerkelijke aflossingsverplichting was
bijvoorbeeld
7 Overia
Verder geeft dekennisgroepdevraagsteilersmee datzijook moeten controleren
ofBV 1dedeelnemingsvrijstelling welmag toepassen opzijn belang inBV2Daar
gaat deKennisgroep dividendbelasting echter niet over
1708123 00046
Geef een reactie