AI-samenvatting
Deze belastinguitspraak behandelt de belastingheffing over de verkoop van een optierecht door een inwoner van Nederland dat indirect verbonden is met een Spaanse vennootschap. De kennisgroep wijst op de noodzaak om de zakelijke aard van de transactie te onderzoeken en de mogelijke gevolgen voor de belastingheffing in Nederland.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
**Publicatiedatum**
12 04 2018
**Geldigheidsperiode**
**Kennisgroep**
IBR IB niet winst LB
**Categorie**
Verdragen
**Rubriek**
onroerende zaken
**Sub rubriek**
Niet van toepassing
**Gerelateerde wet en regelgeving**
Koopoptie onroerende zaak in Spanje
**Vraag**
Belanghebbende, inwoner van Nederland, bezit indirect een aanmerkelijk belang in een Spaanse Sociedad de responsabilidad limitada (rechtspersoon met beperkte aansprakelijkheid). Deze SRL heeft in 2004 voor [GEANONIMISEERD] een stuk Spaanse grond van [GEANONIMISEERD] in eigendom verkregen. Ten tijde van de aankoop door de SRL heeft belanghebbende in privé een optie tot koop van [GEANONIMISEERD] van de grond verworven. Voor de koopoptie is geen optiepremie betaald. Op [GEANONIMISEERD] heeft hij zijn koopoptie voor [GEANONIMISEERD] aan zijn persoonlijke holding verkocht. Op het moment van deze verkoop bezat zijn persoonlijke holding [GEANONIMISEERD] van de aandelen in de Spaanse SRL, de eigenaar van de grond.
**Vragen**
Is de afkoop van het optierecht belast als resultaat uit terbeschikkingstelling? Zo ja, mag Nederland dit resultaat op basis van het belastingverdrag met Spanje hierna (Verdrag) belasten?
**Antwoord**
Gelet op de feiten zoals geschetst door de vragensteller ziet de kennisgroep nog een aantal aandachtspunten met betrekking tot aard en omvang van de voordelen behaald met de verkoop van de optie. Ter overweging daarom een aantal opmerkingen.
**Verwerving optie**
Uit de geschetste feiten volgt dat belanghebbende in 2004 een optie tot koop van de helft van de grond in privé heeft verworven. Voor deze optie is geen optiepremie berekend. Bij de verkoop in 2008 heeft belanghebbende een voordeel van [GEANONIMISEERD] behaald. Ter overweging wijst de kennisgroep op het volgende: het totaalwinstbegrip brengt met zich mee dat de optie bij aanvang van de werkzaamheid tegen de waarde in het economisch verkeer op de werkzaamheidsbalans moet worden opgenomen. Bij vervreemding van de optie is dan het verschil tussen de boekwaarde en de verkoopprijs als resultaat uit terbeschikkingstelling belast. In casu is bij de verkrijging van het optierecht geen optiepremie in rekening gebracht. De kennisgroep heeft geen inzicht verkregen in de exacte feiten waaronder het optiecontract, waardoor zij niet heeft kunnen beoordelen of er destijds sprake was van zakelijk handelen. Indien er waarde aan de koopoptie had moeten worden toegekend, dan rijst de vraag of de aanmerkelijk belanghouder ten tijde van de verkrijging is bevoordeeld en of er niet een verkapte winstuitdeling in aanmerking had moeten worden genomen. Dit zou er dan mogelijk toe leiden dat het resultaat uit terbeschikkingstelling bij de verkoop wordt beperkt.
**Verkoop optie**
Uit de geschetste feiten volgt dat belanghebbende de koopoptie op [GEANONIMISEERD] heeft verkocht aan zijn persoonlijke holding. De vraag die bij de kennisgroep opkomt is of er, gezien de onderstaande omstandigheden, een zakelijke transactie heeft plaatsgevonden. De optie liep op [GEANONIMISEERD] en is deze uitgeoefend. De persoonlijke holding had op dat moment door de herstructurering al direct [GEANONIMISEERD] van de belangen in de Spaanse SRL, de eigenaar van de grond. Het vermogensbestanddeel zou dus binnen het vermogen van de vennootschap blijven. Gelet daarnaast op de crisis op de Spaanse onroerendgoedmarkt en het feit dat er nog geen wijziging had plaatsgevonden in het bestemmingsplan, rijst de vraag of het optierecht [GEANONIMISEERD]. De kennisgroep acht het daarom raadzaam te onderzoeken of de optie voor een zakelijke prijs is verkocht. Indien dit niet het geval is, zou subsidiair kunnen worden gesteld dat er sprake is van een verkapte winstuitdeling aan de aanmerkelijk belanghouder. In dat kader zij opgemerkt dat belastingheffing over een winstuitdeling van de in Nederland gevestigde persoonlijke holding aan haar Nederlandse aandeelhouder niet wordt beperkt door een belastingverdrag.
Geef een reactie