AI-samenvatting
Deze belastinguitspraak behandelt de vraag of een kwalificerende buitenlandse belastingplichtige recht heeft op een tijdsevenredig deel van de heffingskorting wanneer hij slechts een deel van het jaar in Nederland heeft gewerkt. De ruling bevestigt dat de heffingskortingen tijdsevenredig kunnen worden herleid, mits aan de voorwaarden wordt voldaan.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
**Publicatiedatum**
28 09 2016
**Kenmerk**
IBRIB nietwiiist LB
**Categorie**
Wet IB
**Rubriek**
buitenlandse belastingplicht
**Subrubriek**
kwalificerende buitenlandse belastingplichtige
**Gerelateerde wet en regelgeving**
Heffingskorting tijdsevenredige herleiding
**Vraag**
Kan iemand die een deel van het jaar in Nederland heeft gewerkt en die voor het hele jaar voldoet aan de voorwaarden om als kwalificerend buitenlands belastingplichtige aangemerkt te worden recht hebben op een tijdsevenredig deel van de heffingskorting?
**Casus**
Een buitenlands belastingplichtige voldoet aan de voorwaarden voor de kwalificerende buitenlandse belastingplicht, maar is toch maar een deel van het jaar buitenlands belastingplichtige omdat hij gedurende het andere deel van het jaar geen Nederlandse bron van inkomen heeft.
**Antwoord**
De heffingskortingen worden tijdsevenredig herleid (art. tweede lid Wet IB) als de belastingplichtige aan alle voorwaarden voldoet om aangemerkt te worden als kwalificerend buitenlands belastingplichtige en maar gedurende een deel van het jaar in Nederland belastingplichtig is omdat maar gedurende een deel van het jaar sprake is van een bron van inkomen in de zin van hoofdstuk Wet IB.
De heffingskortingen worden tijdsevenredig herleid (art. tweede lid Wet IB) als de belastingplichtige gedurende een deel van het jaar een kwalificerend buitenlands belastingplichtige is en gedurende het resterende deel van het jaar geen buitenlandse belastingplicht kent, bijvoorbeeld omdat geen sprake is van een bron in de zin van hoofdstuk Wet IB. Die herleiding past in de systematiek voor het toekennen van aftrekposten als iemand bijvoorbeeld dooremigreert naar een land dat niet tot de landenkring behoort (art. 21bis UBIB). In dat jaar kun je wel kwalificerende buitenlandse belastingplichtige (art. Wet IB) zijn als je over het gehele kalenderjaar voldoet aan de 90-eis, maar dan krijg je de aftrekpost alleen over de periode waarin sprake is van kwalificerende buitenlandse belastingplicht.
EU-rechtelijk is dit verdedigbaar, aangezien Nederland ook geen aftrekposten of tegemoetkomingen verleent aan iemand die over een periode geen banden meer heeft met Nederland, ook niet als die periode deel uitmaakt van een kalenderjaar waarin iemand een bepaalde periode wel recht heeft op dergelijke tegemoetkomingen. Hierbij is verder het volgende mee in overweging genomen: zesde lid Wet IB 2001. Daar staat niet dat hij buitenlands belastingplichtige de kwalificerende buitenlandse belastingplichtige is; een persoon die er staat, is niet een buitenlands belastingplichtige die het hele jaar moet zijn.
Anderzijds kan de wetssystematiek van stal gehaald worden en gesteld worden dat men wel buitenlands belastingplichtige moet zijn, anders komt men hoofdstuk niet in. Ook is verdedigbaar dat uit eerste lid onder Wet IB volgt dat men Nederlands inkomen moet genieten. Anders kan men immers geen belastingplichtige zijn. De term belastingplichtige wordt in art. lid gehanteerd (art. 21bis UBIB). In lid gaat het over een inwoner van een derde staat. Er staat niet dat hij buitenlands belastingplichtig moet zijn. Art. tweede lid Wet IB 2001 stelt dat tijdsevenredige vermindering alleen in beeld komt als men een niet kwalificerende buitenlands belastingplichtige is.
**Ratio**
De ratio achter de kwalificerende buitenlandse belastingplicht is dat in het woonland onvoldoende inkomen gegenereerd wordt om aftrekposten en heffingskorting te kunnen realiseren. In het Belastingplan 2015 zijn de regels voor de heffingskorting voor de inkomstenbelasting zodanig aangepast dat de heffingskorting tijdsevenredig wordt toegekend voor de periode waarin de belastingplichtige binnenlandse of kwalificerende buitenlandse belastingplichtige is. Deze tijdsevenredige heffingskorting wordt pas per januari 2016 gerealiseerd.
Als overgangsmaatregel voor 2015 geldt dat de gehele heffingskorting wordt toegekend aan personen die slechts een deel van het jaar binnenlandse of kwalificerende buitenlandse belastingplichtige zijn. Hieruit valt ook af te leiden dat bij een kwalificerende buitenlandse belastingplichtige de heffingskorting tijdsevenredig toegekend moet worden. Immers, een niet kwalificerende buitenlandse belastingplichtige heeft in beginsel geen recht op de heffingskorting.
EU-rechtelijk lijkt het erop dat de heffingskorting volledig gegeven moet worden als in het woonland geen inkomen genoten wordt. Wordt in het woonland wel inkomen genoten en kan men aldaar de heffingskorting deels gelt, hoeft Nederland EU-rechtelijk niet gehouden te zijn de heffingskorting volledig te moeten geven.
**Kamerstukken BP2015 MvT**
In het onderhavige wetsvoorstel worden de regels voor de heffingskorting voor de inkomstenbelasting zodanig aangepast dat de heffingskorting tijdsevenredig wordt toegekend voor de periode waarin de belastingplichtige binnenlandse of kwalificerende buitenlandse belastingplichtige is. Door de in artikel II onderdeel opgenomen wijziging van artikel van de Wet IB 2001 worden de regels voor de heffingskorting voor de inkomstenbelasting zodanig aangepast dat de heffingskorting tijdsevenredig wordt toegekend voor de periode waarin de belastingplichtige binnenlandse of kwalificerende buitenlandse belastingplichtige is. Daarbij verdient het opmerking dat iemand alleen maar voor een deel van het jaar kwalificerende buitenlandse belastingplichtige kan zijn als gedurende het kalenderjaar niet langer aan het woonlandcriterium wordt voldaan.
Geef een reactie