1704151

AI-samenvatting

In de casus betreffende een open commanditaire vennootschap (CV) met een stichting als beherend vennoot, concludeert de kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen dat er materieel gezien slechts één commanditaire vennoot is, waardoor de CV niet voldoet aan de wettelijke eisen. De stichting heeft civielrechtelijke zelfstandigheid, maar de vereenzelviging met de enige commanditaire vennoot leidt tot complicaties bij de toestemming voor toetreding of vervanging. De kennisgroep adviseert om een vaststellingsovereenkomst (vso) op te stellen om inzicht in de structuur te waarborgen en geen zekerheid vooraf te geven zonder deze overeenkomst. De structuur is niet fiscaal gedreven, maar de stichting moet wel onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting (Vpb) en een marktconforme beloning ontvangen.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

AI-samenvatting

In de casus betreffende een open commanditaire vennootschap (CV) met een stichting als beherend vennoot, concludeert de kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen dat er materieel gezien slechts één commanditaire vennoot is, waardoor de CV niet voldoet aan de wettelijke eisen. De stichting heeft civielrechtelijke zelfstandigheid, maar de vereenzelviging met de enige commanditaire vennoot leidt tot complicaties bij de toestemming voor toetreding of vervanging. De kennisgroep adviseert om een vaststellingsovereenkomst (vso) op te stellen om inzicht in de structuur te waarborgen en geen zekerheid vooraf te geven zonder deze overeenkomst. De structuur is niet fiscaal gedreven, maar de stichting moet wel onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting (Vpb) en een marktconforme beloning ontvangen.

**Documenttitel: 1704151**

**Standpunt bij casus 15-211-0001 CV als houdster in anonimiseringsstructuur**

Onderstaande conceptreactie is ook voorgelegd aan het LVO Vpb. Dat leidde tot een discussie omtrent de wenselijkheid van het meewerken aan (geven van zekerheid vooraf bij) anonimiseringsstructuren, die is gevoerd tot aan de staatssecretaris. Uiteindelijk is beantwoording komen te vervallen doordat geen zekerheid vooraf meer mocht worden gegeven in geval van anonimisering.

Inhoudelijk komt de discussie terug in de casus “Toestemmingsvereiste CV”, gestart door §.1.2¢ 512e lop CP forum KGB&KRV Intern op 17-11-2016. Volgnr KG: 16-211-5014.

Geachte collega, beste….,

De kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de laatste tijd veel vragen gekregen over de kwalificatie van een open commanditaire vennootschap (CV). Aangezien deze vragen min of meer gelijkenis vertonen met die eerder door u voorgelegd, is het antwoord van de kennisgroep ook van toepassing op uw vraag.

**Omschrijving**

In vocroverleg wordt het volgende voorgelegd. Een open CV heeft als beherend vennoot een stichting, waarvan het enige bestuurslid tevens de enige commanditaire vennoot/natuurlijk persoon is. De werkzaamheid van de CV beperkt zich tot het houden van een deelneming van de voormalige dga, nu de enige commanditaire vennoot. De reden voor een dergelijke structuur is niet fiscaal gedreven, maar komt voort uit de wens door het tussenschuiven van de CV het zicht op het vermogen van de onderliggende deelneming te beperken voor derden zoals de Quote 500. Verzocht wordt akkoord te gaan met de structuur.

**Vraag**

Is hier sprake van een open CV in de zin van art 2, lid 1 onderdeel a Vpb jo art 2, lid 3 onderdeel c AWR?

**Antwoord**

Ja, onder voorwaarde van het opstellen van een vaststellingsovereenkomst (vso). Zonder vso wordt geadviseerd geen zekerheid vooraf te geven.

**Beschouwing**

De kennisgroep ziet materieel gezien een CV met slechts 1 commanditaire vennoot. De zeggenschap in de stichting berust namelijk materieel gesproken bij de enige commanditaire vennoot. De CV kan niet voldoen aan de eis van art … Wetboek van Koophandel: er is niet minimaal 1 beherend vennoot en minimaal 1 commanditaire vennoot. Materieel is er door de vereenzelviging slechts 1 vennoot. De CV bestaat dus niet. Mocht de CV civielrechtelijk wel bestaan, dan nog is er geen sprake van een open CV, aangezien door de vereenzelviging de toestemming voor toetreding of vervanging altijd met unanieme stemmen zal plaatsvinden.

Tegenover dit standpunt staat de civielrechtelijke werkelijkheid. De stichting is een rechtspersoon en is net als de natuurlijk persoon een zelfstandig drager van rechten en plichten. Niet ondenkbaar is, dat de stichting ondanks haar enige bestuurslid een civielrechtelijke zelfstandigheid kent, waardoor een vereenzelviging van de stichting met de bestuurder/commanditair vennoot niet mogelijk is. De leer van de transparance fiscal zoals verwoord in het arrest HR BNB 1986/16, ziet op een toerekening van het vermogen aan de achterliggende enige bestuurder; niet op een toerekening van de zeggenschap aan die bestuurder. Overigens is het de vraag of deze leer haar bestaansrecht heeft verloren met de intrede van de APV wetgeving van art 2.14a IB, aangezien de toerekening van het vermogen van de stichting hiermee is gecodificeerd. Binnen die wetgeving verliest de stichting niet haar zelfstandigheid in die zin, dat het vermogen niet wordt toegerekend aan de inbrenger, indien de stichting is onderworpen aan de Vpb.

De kennisgroep heeft beide invalshoeken gewogen en heeft daarbij meegenomen, dat de structuur niet fiscaal is gedreven. Om dat laatste wil de kennisgroep aan het verzoek tegemoet komen onder de voorwaarde, dat er sprake is van maximale inzicht in de structuur en dat meegewerkt wordt aan de zelfstandigheid van de stichting. Dit betekent, dat de stichting onderworpen is aan de Vpb en daartoe een beloning als beherend vennoot ontvangt per saldo boven de winstgrenzen van art 6 Vpb. Per saldo, omdat de bestuurder ook een marktconforme beloning dient te krijgen.

De kennisgroep is van mening, dat het een en ander vastgelegd dient te worden in een vso. Deze dient ertoe om aan alle partijen blijvend inzicht te verschaffen over de structuur.

De kennisgroep werkt in 1 geval mee aan het opstellen van een vso. Mogelijk kan deze als voorbeeld dienen.

Mocht verzoeker echter niet willen meewerken aan een vso, dan adviseert de kennisgroep geen zekerheid te geven over de structuur.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *