AI-samenvatting
Het PSL I Fund is een Fonds Professional de Capital Investissement (FPCI) dat naar Frans recht is opgericht en geen rechtspersoonlijkheid heeft. De wettelijke basis is te vinden in de Code Monétaire et Financier. Het toetsingskader voor buitenlandse samenwerkingsverbanden sluit bepaalde fondsen uit van beoordeling. De FPCI wordt beoordeeld op drie criteria: beleggen, voor gemene rekening en vrije verhandelbaarheid. Het fonds voldoet aan de eisen voor beleggen en voor gemene rekening, maar de participaties zijn vrij verhandelbaar. De conclusie is dat de FPCI niet voldoet aan de (passieve) beleggingseis van artikel 2 lid 3 van de wet Vpb en derhalve als transparant wordt beschouwd.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
AI-samenvatting
Het PSL I Fund is een Fonds Professional de Capital Investissement (FPCI) dat naar Frans recht is opgericht en geen rechtspersoonlijkheid heeft. De wettelijke basis is te vinden in de Code Monétaire et Financier. Het toetsingskader voor buitenlandse samenwerkingsverbanden sluit bepaalde fondsen uit van beoordeling. De FPCI wordt beoordeeld op drie criteria: beleggen, voor gemene rekening en vrije verhandelbaarheid. Het fonds voldoet aan de eisen voor beleggen en voor gemene rekening, maar de participaties zijn vrij verhandelbaar. De conclusie is dat de FPCI niet voldoet aan de (passieve) beleggingseis van artikel 2 lid 3 van de wet Vpb en derhalve als transparant wordt beschouwd.
**Documenttitel: 1704083**
**Beschouwing**
1. **Algemeen**
Het naar Frans recht opgerichte c.q. overeengekomen PSL I Fund betreft een zogeheten Fonds Professional de Capital Investissement (hierna FPCI).
Een FPCI is geen personen- of kapitaalvennootschap maar is ingesteld bij overeenkomst tussen de beheerder (management company), de bewaarder (depositary) en investeerders. Een FPCI heeft derhalve geen rechtspersoonlijkheid.
De wettelijke regelgeving van een FPCI is in Frankrijk neergelegd in de artikelen L214-159 tot en met L214-161 van de Code Monétaire et Financier, hierna CMF. De statuten worden niet goedgekeurd door de Autorité des Marches Financiers (AMF) maar er is wel toezicht door het AMF. Naast de CMF kon ook worden beschikt over de Engelse vertaling van de statuten van het fonds (by-laws), hierna statuten.
2. **Toetsingskader**
Het kwalificatiebesluit buitenlandse samenwerkingsverbanden van 11 december 2009, nr. CPP 2009/519M geeft het toetsingskader aan voor de beoordeling van buitenlandse samenwerkingsverbanden. Onderdeel 2 van het Besluit geeft de reikwijdte aan van het Besluit en sluit fondsen uit voor de beoordeling volgens het toetsingskader;
Onder samenwerkingsverbanden wordt verstaan de naar buitenlands recht opgerichte dan wel aangegane samenwerkingsverbanden die vergelijkbaar zijn met lichamen in de zin van artikel 2, eerste lid, onderdeel b, van de AWR, met uitzondering van de rechtsvormen die vergelijkbaar zijn met de vereniging, de stichting, het fonds voor gemene rekening (zie hiervoor het Besluit van 11 januari 2007, nr. CPP2006/1870M), de trust en overige doelvermogens.
Beoordeeld dient te worden of de FPCI vergelijkbaar is met een bovengenoemd samenwerkingsverband en zo nee, of het vergelijkbaar is met een fonds in het algemeen en een fonds voor gemene rekening ingevolge artikel 2 lid 3 wet Vpb. in het bijzonder. Van een niet-transparant fonds is enkel sprake indien wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 2 lid 3 wet Vpb. Hierbij wordt gekeken naar zowel de algemene wettelijke bepalingen als naar de concrete invulling in de statuten van de FPCI.
3. **Beoordeling**
Deze drie criteria zijn achtereenvolgens:
a. beleggen
b. voor gemene rekening
c. vrije verhandelbaarheid
a. **Beleggen**
Aan deze eis wordt voldaan indien het bezit in het fonds gericht is op het verkrijgen van een waardestijging en het rendement de omvang heeft van hetgeen bij normaal vermogensbeheer kan worden verwacht. Hierbij is het van belang dat de participanten geen actieve betrokkenheid hebben bij de ondernemingen waarin wordt belegd.
b. **Voor gemene rekening**
De activiteiten van een fonds voor gemene rekening moeten gericht zijn op het bijeenbrengen van vermogen door meerdere personen met één of meerdere gemeenschappelijke beleggingsdoelen. Aan de eis dat er voor gemene rekening wordt belegd wordt voldaan.
c. **Vrije verhandelbaarheid**
De bewijzen van deelgerechtigdheid worden als verhandelbaar aangemerkt indien voor de vervreemding niet de toestemming van alle deelnemers is vereist. Ingeval een vervreemding uitsluitend kan plaatsvinden aan het fonds of aan bloedverwanten in de rechte linie worden de bewijzen niet als verhandelbaar aangemerkt. Dit betekent dat de participaties vrij verhandelbaar zijn.
4. **Conclusie**
Een FPCI is vergelijkbaar met een fonds, waarbij de beoordeling niet plaatsvindt overeenkomstig het kwalificatiebesluit. Of het fonds besloten of open is vindt plaats door de kenmerken te vergelijken met de kenmerken die genoemd zijn in artikel 2 lid 3 wet Vpb. Het fonds voldoet op basis van de beschikbare informatie ogenschijnlijk niet aan de (passieve) beleggingseis en is derhalve geen fonds in de zin van artikel 2 lid 3 wet Vpb. De FPCI is in casu transparant.
Geef een reactie