AI-samenvatting
Een belastingplichtige kan een periodieke gift aan een ANBI beëindigen als zijn persoonlijke gegevens openbaar moeten worden gemaakt, zonder dat dit afbreuk doet aan het karakter van de gift. De wet vereist dat periodieke giften minimaal vijf jaar duren, maar staat toe dat de verplichting tot uitkeringen onder bepaalde voorwaarden kan eindigen. In dit geval is de beëindigingsmogelijkheid afhankelijk van een onzekere gebeurtenis, namelijk de toekomstige verplichting tot openbaarmaking van persoonsgegevens, waar de belastingplichtige geen invloed op heeft. Dit voldoet aan het onzekerheidsvereiste voor periodieke giften.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
AI-samenvatting
Een belastingplichtige kan een periodieke gift aan een ANBI beëindigen als zijn persoonlijke gegevens openbaar moeten worden gemaakt, zonder dat dit afbreuk doet aan het karakter van de gift. De wet vereist dat periodieke giften minimaal vijf jaar duren, maar staat toe dat de verplichting tot uitkeringen onder bepaalde voorwaarden kan eindigen. In dit geval is de beëindigingsmogelijkheid afhankelijk van een onzekere gebeurtenis, namelijk de toekomstige verplichting tot openbaarmaking van persoonsgegevens, waar de belastingplichtige geen invloed op heeft. Dit voldoet aan het onzekerheidsvereiste voor periodieke giften.
**Belastingdienst**
**MEMO Periodieke gift met als ontbindende voorwaarde een onzekere gebeurtenis.**
**Casus**
Een belastingplichtige besluit een schenking te doen aan een ANBI. Hij wil dit doen door middel van een periodieke gift. In de schenkingsovereenkomst wordt opgenomen dat hij jaarlijks €[GEANONIMISEERD] zal overmaken aan de ANBI. Verder zal worden opgenomen dat de verplichting om geld over te maken eindigt na vijf jaar of als voor het einde van de periode van vijf jaar de persoonlijke gegevens van de schenker in verband met (continuering van) deze periodieke gift openbaar moeten worden gemaakt. Deze laatste voorwaarde is opgenomen naar aanleiding van het ingediende wetsvoorstel Wet transparantie maatschappelijke organisaties waarin is opgenomen dat in bepaalde situaties de gegevens van schenkers openbaar moeten worden gemaakt, terwijl de belastingplichtige anoniem wenst te blijven (zie: https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/wetsvoorstellen/detail?id=20202225O8&dossier=35646).
**Vraag**
Wordt voldaan aan het onzekerheidsvereiste wanneer de belastingplichtige de periodieke gift kan beëindigen in de situatie dat binnen de vijfjaarstermijn zijn persoonlijke gegevens openbaar gemaakt moeten worden?
**Antwoord**
Ja.
**Beschouwing**
In artikel 6.34 van de Wet IB 2001, in combinatie met artikel 6.38 van deze wet, is bepaald dat het bij periodieke giften gaat om giften in de vorm van vaste en gelijkmatige periodieke uitkeringen aan instellingen of verenigingen die eindigen uiterlijk bij overlijden en dat deze dienen te berusten op een in een notariële of onderhandse akte van schenking aangegane verplichting om de uitkeringen of verstrekkingen gedurende vijf of meer jaren ten minste jaarlijks uit te keren. In het besluit van 19 december 2014, nummer BLKB2014/1415M is bij onderdeel 2.2. onder andere opgenomen dat de minimale looptijd van een periodieke gift vijf jaren is, tenzij de schenker eerder overlijdt. Daarnaast kan ook bedongen worden dat de verplichting tot het doen van de uitkeringen of verstrekkingen ook op een eerder tijdstip kan worden beëindigd. De schenker mag echter de looptijd niet zelf zodanig kunnen beïnvloeden dat deze korter kan worden dan de minimale looptijd van vijf jaren. Als de schenker die invloed wel heeft, is geen sprake van een wezenlijke onzekerheid terwijl dit juist een kenmerk is van een periodieke gift. Als voorbeelden van beëindigingsmogelijkheid periodieke giften die geen invloed hebben op het karakter van een periodieke gift zijn in dit besluit arbeidsongeschiktheid en werkloosheid genoemd.
Schenker en begiftigde kunnen in de overeenkomst opnemen dat de verplichting tot het doen van uitkeringen op basis van de overeenkomst eindigt in geval van arbeidsongeschiktheid of werkloosheid. Dit is echter niet verplicht. De schenker kan bij het aangaan van de overeenkomst er ook voor kiezen de periodieke gift te continueren in geval van arbeidsongeschiktheid en werkloosheid. Indien deze beëindigingsmogelijkheid wel wordt opgenomen doet dit geen afbreuk aan het karakter van een periodieke gift. De keuze om een bepaalde toegestane beëindigingsmogelijkheid wel of niet op te nemen in de overeenkomst is niet van belang bij de beoordeling van het onzekerheidsvereiste.
In de onderhavige casus wil de belastingplichtige een beëindigingsmogelijkheid opnemen die afhankelijk is van de vraag of zijn persoonlijke gegevens openbaar moeten worden gemaakt. Op het moment van aangaan van de overeenkomst is niet zeker of er in de toekomst een algemene verplichting komt om persoonlijke gegevens openbaar te maken en of er op deze algemene verplichting uitzonderingen zijn. Belastingplichtige heeft geen invloed op de vraag of deze verplichting er wel of niet komt.
Overigens is niet relevant of op grond van het huidige wetsvoorstel in de onderhavige casus een openbaarmaking van de persoonlijke gegevens van belastingplichtige in de toekomst vereist zal worden. Het wetsvoorstel is enkel de aanleiding voor belastingplichtige om de ontbindende voorwaarde op te nemen.
**Conclusie**
Belastingplichtige heeft geen invloed op de vraag of er een verplichting komt om zijn persoonlijke gegevens openbaar te maken. Het opnemen van een voorwaarde dat de uitkeringen op grond van de periodieke gift mogen worden beëindigd wanneer er een verplichting komt om persoonlijk gegevens van schenkers openbaar te maken en deze verplichting ook in zijn situatie geldt, kan worden aangemerkt als een toegestane beëindigingsmogelijkheid.
Geef een reactie