1694095

AI-samenvatting

De kennisgroep IB heeft op 16 januari 2014 vastgesteld dat de aandelen SNS en aanverwante producten op peildatum 1 januari 2014 niet als bezittingen in box 3 hoeven te worden vermeld, omdat beleggers door onteigening geen bezitting meer hebben. De waarde van afgeleide producten is eveneens nihil. Voor de waardepeildata 1 januari 2015 en 1 januari 2016 dient het recht op schadevergoeding wegens onteigening ook op nihil te worden gewaardeerd, totdat de uitkomst van de procedure bij de Ondernemingskamer definitief is. Dit is gebaseerd op de grote onzekerheid over de schadevergoeding, waardoor een koper geen of slechts een zeer geringe prijs voor de claim zou bieden.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

AI-samenvatting

De kennisgroep IB heeft op 16 januari 2014 vastgesteld dat de aandelen SNS en aanverwante producten op peildatum 1 januari 2014 niet als bezittingen in box 3 hoeven te worden vermeld, omdat beleggers door onteigening geen bezitting meer hebben. De waarde van afgeleide producten is eveneens nihil. Voor de waardepeildata 1 januari 2015 en 1 januari 2016 dient het recht op schadevergoeding wegens onteigening ook op nihil te worden gewaardeerd, totdat de uitkomst van de procedure bij de Ondernemingskamer definitief is. Dit is gebaseerd op de grote onzekerheid over de schadevergoeding, waardoor een koper geen of slechts een zeer geringe prijs voor de claim zou bieden.

**Documenttitel: 1694095**

**Belastingdienst**
**VERTROUWELIJK**

**Memo Waardering aandelen SNS**

**Casus**
De kennisgroep IB niet winst-algemeen heeft op 16 januari 2014 antwoord gegeven op de vraag voor welke waarde de aandelen SNS en aanverwante producten op peildatum 1 januari 2014 in aanmerking moeten worden genomen in box 3 (vraag 14-202-0004). De kennisgroep heeft aangegeven dat nu de beleggers als gevolg van de onteigening ten aanzien van de betreffende aandelen geen bezitting meer hebben, deze aandelen niet als een bezitting in box 3 hoeven te worden vermeld. Voorts bedraagt door het ontbreken van een onderliggende waarde als gevolg van de onteigening van de onderliggende stukken de waarde van de afgeleide producten dan op de peildatum 1 januari 2014 nihil. Op 14 februari 2014 heeft de kennisgroep IB niet winst-algemeen antwoord gegeven op de vraag welke waarde aan de claim met betrekking tot de schadevergoeding per 1 januari 2014 kan worden toegekend.

In vervolg hierop is aan de kennisgroep de volgende vraag voorgelegd.

**Vraag**
Welke waarde dient te worden toegekend aan het recht op schadevergoeding in verband met de onteigening voor de bepaling van de rendementsgrondslag in box 3 voor waardepeildatum 1 januari 2015 en 1 januari 2016?

**Antwoord**
Aan het recht op een eventuele schadevergoeding in verband met de onteigening dient een waarde van nihil te worden toegekend. Dit geldt zowel voor waardepeildatum 1 januari 2015 als 1 januari 2016. Dit antwoord is geldig tot het moment dat de uitkomst van de procedure bij de Ondernemingskamer, eventueel na cassatie, onherroepelijk vaststaat.

**Beschouwing**
De Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam heeft op 26 februari 2016, na terugverwijzing door de Hoge Raad, met het oog op de vaststelling van de hoogte van de schadeloosstelling van onteigende effecten en vermogensbestanddelen SNS REAAL N.V. en SNS Bank N.V. een onderzoek bevalen. Het ministerie van Financiën heeft zich tot nu toe steeds verzet tegen het betalen van een vergoeding aan onteigende effectenbezitters.

1 ECLI: NL: GHAMS: 2016:594

**VERTROUWELIJK**

**Behandeld door**
**Kopie aan**
Leden kennisgroep
Lavaco’s IH
Bijlagen
Geen

**Pagina 1 van 2**

In artikel 5.19 Wet IB 2001 is bepaald dat bezittingen en schulden in aanmerking worden genomen voor de waarde in het economisch verkeer. De waarde in het economisch verkeer is de prijs die een redelijk handelende verkoper en een redelijk handelende koper na een zorgvuldige voorbereiding zouden overeenkomen bij een veronderstelde verkoop. Gelet op de grote onzekerheid omtrent de uitkomst van de procedure waarin bepaald moet worden of recht bestaat op een schadevergoeding en hoe hoog deze schadevergoeding zou moeten zijn, zal een koper geen of slechts een zeer geringe prijs over hebben om de claim te kunnen kopen. Gelet hierop betekent dit dat het recht op schadevergoeding in verband met de onteigening voor box 3 gewaardeerd mag worden op nihil.

**VERTROUWELIJK**

**Pagina 2 van 2**

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *