Ontsluit Nederlandse tax rulings
-
1694044
De uitgaven voor dolfijntherapie bij een behandelingsinstituut kunnen als specifieke zorgkosten worden aangemerkt volgens artikel 6.17 van de Wet inkomstenbelasting 2001, mits deze uitgaven betrekking hebben op behandelingen door aangewezen paramedici en aan overige aftrekcriteria is voldaan. De therapie moet plaatsvinden op voorschrift en onder begeleiding van een arts om volledig aftrekbaar te zijn. Indien…
-
1694047
Belastingplichtige, een arts, vraagt of de kosten voor natuurgeneeskundige behandelingen voor hem en zijn echtgenote aftrekbaar zijn als specifieke zorgkosten. De Belastingdienst concludeert dat de kosten voor de belastingplichtige zelf niet aftrekbaar zijn, omdat hij zowel de verwijzende arts als de behandelde persoon is, wat niet voldoet aan de voorwaarden voor aftrek. Voor de echtgenote…
-
1694053
In een casus waarin een gehuwd paar tijdelijk op verschillende adressen woont, wordt de vraag gesteld of de man recht heeft op de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) onder de Wet IB 2001. De man voldoet niet aan de inschrijvingseis omdat de kinderen niet op zijn adres staan ingeschreven. Co-ouderschap is een voorwaarde voor de toepassing van…
-
1694054
Bij beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap hebben erfgenamen de keuze om de nalatenschap te aanvaarden onder het voorrecht van boedelbeschrijving, wat hen beschermt tegen aansprakelijkheid voor schulden die de waarde van de bezittingen overstijgen. Na beneficiaire aanvaarding moeten erfgenamen de bezittingen en schulden in box 3 aangeven, zonder deze te salderen. Indien schulden de bezittingen…
-
1694055
De gezamenlijke rendementsgrondslag voor belastingplichtigen en hun partners wordt berekend op basis van de gezamenlijke bezittingen minus de gezamenlijke schulden, zoals vastgelegd in artikel 5.2, tweede lid, Wet IB 2001. Dit houdt in dat belastingplichtigen en hun voljaarpartners in hun aangifte per categorie bezitting en schuld het gezamenlijke totaal moeten opgeven. De wetgever heeft beoogd…
-
1694057
Een minderjarig kind dat in een pleeggezin wordt opgenomen en waarvoor een pleegzorgvergoeding wordt ontvangen, kan fiscaal niet als pleegkind worden aangemerkt volgens artikel 1.4 van de Wet IB 2001. Dit komt doordat de pleegouder niet voldoet aan de onderhoudseis, aangezien de kosten van onderhoud en opvoeding niet door de pleegouder zelf worden gedragen, maar…
-
1694058
De belastingplichtige heeft een partner die vanwege medische redenen in een woonvorm voor lichamelijk gehandicapten verblijft, waar zij intensieve zorg ontvangt. Deze woonvorm voldoet aan de criteria van een verpleeghuis of verzorgingshuis volgens artikel 5a, zevende lid, van de AWR. Hierdoor blijven de belastingplichtige en haar partner fiscaal partner, ondanks de verhuizing van de partner…
-
1694059
Belastingplichtige en haar vader hebben op 24 augustus 2018 een notariële samenwoonovereenkomst gesloten, waarin zij afspraken hebben gemaakt over hun gezamenlijke huishouding en wederzijdse zorgverplichtingen. De kennisgroep van de Belastingdienst concludeert dat deze overeenkomst gelijkgesteld kan worden aan een notarieel samenlevingscontract volgens artikel 5a, lid 1, sub b van de Algemene wet inzake Rijksbelastingen (AWR).…
-
1694062
In de casus hebben belanghebbenden bloot eigendom van certificaten B overgedragen aan Stichting Y, met voorbehoud van vruchtgebruik en een renteloze lening van € 3,5 miljoen. Ze hebben een periodieke gift van € 500.000 per jaar afgesproken voor de aflossing van de lening. De Belastingdienst concludeert dat deze jaarlijkse schenkingen niet als periodieke gift voor…
-
1694064
In casus I is de belastingplichtige overleden na twee jaar, waardoor de periodieke gift eindigde. De erfgenamen kunnen het legaat van € 150.000 aan de ANBI niet als gift aftrekken van hun inkomen, omdat de uitkering uit de nalatenschap niet drukt op hun inkomen. In casus II blijft de verplichting tot de periodieke gift bestaan…
-
1694065
De bepalingen in de concept-schenkingsovereenkomst voldoen niet aan de vereisten voor een periodieke gift volgens de Wet inkomstenbelasting 2001. Dit komt doordat de uitkeringen niet vast en gelijkmatig zijn, en de schenker de looptijd van de gift kan beïnvloeden. De mogelijkheid tot tijdelijke verlaging of uitstel van betaling leidt tot ongelijkmatige uitkeringen, terwijl het ontslag…
-
1694067
Belanghebbende heeft in 2018 de AOW-leeftijd bereikt en laat zijn levenslooptegoed uitbetalen. Hij heeft recht op levensloopverlofkorting, die herrekend moet worden vanwege het bereiken van de AOW-leeftijd. De levensloopverlofkorting, opgenomen in artikel 8.18a Wet IB 2001, is sinds 1 januari 2012 afgeschaft, maar er is overgangsrecht. Dit recht geldt voor belastingplichtigen die beschikken over een…
-
1694068
Een belastingplichtige die rolstoelgebonden is, kan de kosten van de aanpassing van een auto als specifieke zorgkosten aftrekken, ook als de auto op naam van zijn vader staat. Dit is mogelijk mits aan de voorwaarden van de Wet IB 2001 wordt voldaan, zoals dat de kosten op de belastingplichtige drukken en hij zich redelijkerwijs gedrongen…
-
1694070
Een periodieke gift kan eindigen op basis van aanvullende beëindigingsgronden, zoals faillissement van de ANBI of verlies van de ANBI-status. De vraag of een gift voldoet aan de voorwaarden voor een periodieke gift hangt af van de feiten en omstandigheden, met name of de schenker wezenlijke onzekerheid heeft over de looptijd van de gift. Als…
-
1694071
Belanghebbende heeft recht op aftrek van scholingsuitgaven voor de maanden waarin geen studiefinanciering is ontvangen. Voor 2016 is de aftrek € 1.250, omdat voor de maanden september tot en met november 2016 studiefinanciering bestond en het collegegeld van € 2.000 voor het hele studiejaar in één keer is betaald. Voor 2017 is de aftrek €…
-
1694075
Een vader kan recht hebben op aftrek van specifieke zorgkosten voor een extra storting van €[67 Awr] aan de Sociale Verzekeringsbank (SVB) ten behoeve van zijn 25-jarige, gehandicapte zoon, mits de kosten daadwerkelijk drukken op de vader. De uitgaven zijn aftrekbaar tot de zoon 27 jaar is, en de extra storting moet uit de middelen…
-
1694076
Belastingplichtige, voorzitter van een ANBI-stichting, heeft samen met haar partner kosten gemaakt voor een controlereis, waaronder maaltijden en drank. Deze kosten zijn niet geclaimd bij de stichting. De vraag is of deze kosten als aftrekbare gift kunnen worden beschouwd. Volgens de Wet IB 2001 kunnen kosten die naar maatschappelijke opvattingen behoren te worden vergoed, als…
-
1694077
In een memo van de Belastingdienst wordt besproken of een schuld van € 40.000, die door een Vereniging van Eigenaren (VvE) is aangegaan voor onderhoudswerkzaamheden, in mindering kan worden gebracht op het banksaldo van de VvE voor de bepaling van de waarde van het lidmaatschapsrecht in box 3. Het antwoord is negatief. Het lidmaatschapsrecht wordt…
-
1694080
Belanghebbende, een in Nederland woonachtige student, sluit een lening af bij een buitenlandse bank voor zijn studie. De vraag is of de scholingsuitgaven voor aftrek in aanmerking komen, gezien de voorwaarden van de lening. Volgens artikel 6.28 van de Wet IB 2001 komen scholingsuitgaven niet voor aftrek als de belastingplichtige aanspraak heeft op studiefinanciering of…
-
1694083
De kosten voor een speciale verzekering voor de vervanging van een hulpmiddel, zoals een gehoortoestelverzekering, zijn aftrekbaar als specifieke zorgkosten. Dit geldt niet voor algemene kostbaarhedenverzekeringen waarbij het hulpmiddel slechts onder de dekking valt. De aftrekbaarheid is gebaseerd op het sterke verband tussen de verzekering en het hulpmiddel, dat de belastingplichtige in staat stelt om…
-
1694084
Belanghebbende, een religieuze die haar inkomsten aan een kloostergemeenschap afstaat, kan in aanmerking komen voor giftenaftrek volgens artikel 6.35 van de Wet IB 2001. Het afstaan van inkomsten wordt gezien als een bevoordeling uit vrijgevigheid, aangezien de keuze om lid te worden van de gemeenschap vrijwillig is en de gelofte van armoede omvat. De Hoge…
-
1694091
In geval van onvrijwillige werkloosheid of invaliditeit kan een periodieke gift voortijdig worden beëindigd, maar niet verlaagd. Dit is vastgelegd in de schenkovereenkomst en vormt geen beletsel voor de kwalificatie als periodieke gift. De wettelijke vereisten voor periodieke giften, zoals een minimale looptijd van vijf jaar en vaste, gelijkmatige uitkeringen, blijven van toepassing. Wijzigingen in…
-
1694095
De kennisgroep IB heeft op 16 januari 2014 vastgesteld dat de aandelen SNS en aanverwante producten op peildatum 1 januari 2014 niet als bezittingen in box 3 hoeven te worden vermeld, omdat beleggers door onteigening geen bezitting meer hebben. De waarde van afgeleide producten is eveneens nihil. Voor de waardepeildata 1 januari 2015 en 1…
-
1694097
In deze casus heeft de belanghebbende de bloot eigendom van een woning, terwijl zijn ouders het vruchtgebruik hebben. De Hoge Raad heeft in een eerdere uitspraak bepaald dat de WOZ-waarde als basis kan dienen voor het berekenen van een forfaitair rendement van vier procent in box 3. Bij verhuurde woningen kan er een stapeling van…
-
1694098
Belanghebbende, die invalide is, claimt aftrek voor extra vervoerskosten die hij maakt in verband met zijn handicap. Hij ontvangt een vergoeding van de gemeente voor een deel van deze kosten. De vraag is of het niet vergoede deel van de vervoerskosten aftrekbaar is als specifieke zorgkosten. Het antwoord is negatief; dit niet-vergoede deel wordt beschouwd…
-
1694099
Belanghebbende heeft een periodieke gift van € 50.000 per jaar aan een ANBI overeengekomen voor een periode van 5 jaar, eindigend in 2012. Betalingen na deze periode komen niet in aanmerking voor aftrek als periodieke gift, omdat er geen nieuwe overeenkomst is gesloten. Deze betalingen worden beschouwd als normale giften, waarvoor een drempel van 1%…
-
1694100
Belastingplichtige met een aanmerkelijk belang heeft in 2010 en 2014 verliezen gerealiseerd van respectievelijk € 20.000 en € 10.000. In 2016 verzoekt hij om omzetting van het totale verlies van € 30.000 in een belastingkorting van € 7.500, wat wordt goedgekeurd. De belastingkorting kan tot en met 2019 voor € 5.000 en tot en met…
-
1694102
In een memo van de Belastingdienst wordt de berekening van zorgcomponenten voor niet-Wlz instellingen besproken, specifiek voor bewoners met verschillende zorgbehoeften. De goedkeuring uit het besluit van de staatssecretaris van 4 april 2014 geldt ook voor deze instellingen. Het is mogelijk om afspraken te maken over zorgkosten voor alle bewoners, maar het heeft de voorkeur…
-
1694104
In het memo van de Belastingdienst wordt besproken welk inkomen als inkomensgegeven moet worden aangemerkt wanneer een ingediende aangifte niet leidt tot een aanslag. Er zijn twee situaties: als er een fictieve aanslag is vastgesteld op basis van voorlopige teruggaven, moet het laatst bepaalde verzamelinkomen worden gebruikt. In het geval dat er geen aanslag is,…
-
1694105
In 2010 hebben de heer en mevrouw B de blote eigendom van een geldbedrag overgedragen aan stichting B, waarvan de heer B. voorzitter is. De heer B. heeft het vruchtgebruik voor zichzelf en zijn echtgenote voorbehouden, wat hen de bevoegdheid geeft om het vermogen te vervreemden en te verteren. De koopsom voor de blote eigendom…
-
1694106
In de casus van landgoed M, ingebracht in een landgoed-BV, is er sprake van fiscale transparantie op basis van artikel 10.9 van de Wet IB 2001. De aandelen zijn verdeeld tussen X en een ANBI-stichting. Het bestuursbesluit tot verlettering van aandelen heeft geen fiscale werking zonder notariële statutenwijziging, waardoor de verlettering niet effect heeft op…
-
1694107
In het memo van de Belastingdienst wordt besproken of goederen die via een leverancier van veilingsoftware aan een ANBI-instelling worden geschonken, als aftrekbare giften kunnen worden aangemerkt. De conclusie is dat dit mogelijk is, mits aan de voorwaarden voor giftenaftrek wordt voldaan. Voor vervangbare goederen kan de schenker de waarde in het economisch verkeer (winkelwaarde)…
-
1694119
Een belastingplichtige met chronisch progressief congenital lipoedeem heeft een dure medische behandeling ondergaan, maar de zorgverzekeraar heeft de kosten niet vergoed. De vraag of lipoedeem als ziekte kan worden aangemerkt, wordt negatief beantwoord. Lipoedeem is niet opgenomen in de International Statistical Classification of Diseases (ICD) en wordt volgens de huidige medische opvattingen niet als ziekte…
-
1694120
De casus betreft de aftrekbaarheid van scholingsuitgaven voor piloten die type-rating kosten maken om hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. De Wet IB 2001 definieert scholingsuitgaven en sinds 2013 zijn alleen noodzakelijke kosten voor opleidingen of studies die gericht zijn op het verwerven van inkomen aftrekbaar. Voor type-rating geldt dat de belastingplichtige moet aantonen…
-
1694121
Een donateur die deelneemt aan een door een ANBI georganiseerde reis naar Nepal, moet naast de kostprijs van de reis (€ 2000) een extra bedrag van € 700 schenken. Dit bedrag kan als aftrekbare gift worden aangemerkt volgens artikel 6.33 van de Wet IB 2001. Hoewel de donateur verplicht is om de donatie te doen…
-
1694124
Het memo van de Belastingdienst bespreekt de aftrekbaarheid van scholingsuitgaven voor piloten, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen kosten gemaakt vóór en na 1 januari 2013. Voor 2013 waren specifieke kosten niet aftrekbaar, zoals levensonderhoud en reiskosten. Sinds 2013 is de regeling vereenvoudigd en zijn alleen bepaalde kosten, zoals lesgeld en verplichte leermiddelen, aftrekbaar. Voor kosten…
-
1694127
Belanghebbende heeft studiekosten en doorbetaalde studie-uren vergoed gekregen van zijn werkgever tijdens zijn studie voor registeraccountant. Na zijn ontslag is hij verplicht om een deel van deze kosten terug te betalen. De terugbetalingen kunnen mogelijk als scholingsuitgaven worden aangemerkt, afhankelijk van de aard van de kosten en de wettekst van het jaar van terugbetaling. Het…
-
1694134
De wet van 19 december 2018 maakt het mogelijk om levenloos geboren kinderen in te schrijven in de basisregistratie personen. Voor kinderen die kort na de geboorte overlijden, geldt dat zij recht hebben op de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) als zij op of voor 1 juli van het kalenderjaar zijn geboren en aan de overige voorwaarden…
-
1694137
Een elektrische handbike, die aan een rolstoel is bevestigd, kan niet worden aangemerkt als aftrekbaar hulpmiddel onder artikel 6.17, lid 2 Wet IB 2001. Hoewel de handbike hoofdzakelijk door zieke of invalide personen wordt gebruikt, valt deze onder de uitsluiting van aftrekbare kosten voor rolstoelen en scootmobielen. Deze uitsluiting is het gevolg van een versobering…
-
1694138
Belanghebbende, kleurenblind en werkzaam als elektrotechnicus, vraagt of de kosten van een bril voor kleurenblindheid aftrekbaar zijn. De Belastingdienst concludeert dat dit niet het geval is, omdat de bril ter ondersteuning van het gezichtsvermogen dient en niet als vervanging. Volgens artikel 6.17 van de Wet IB 2001 zijn uitgaven voor brillen en lenzen uitgesloten van…
-
1694139
De kosten van een sta-op-stoel kunnen niet als specifieke zorgkosten worden aangemerkt, omdat deze stoelen niet hoofdzakelijk door zieke of invalide personen worden aangeschaft. Dit geldt ook voor relaxstoelen en stoelen met gecombineerde functies. Alleen AFA-stoelen, die specifiek zijn aangepast voor functiebeperkingen, kwalificeren als hulpmiddel en komen voor vergoeding uit de basisverzekering in aanmerking, waardoor…
-
1694143
Een familiestichting, momenteel aangemerkt als een afgeschermd particulier vermogen (APV) volgens artikel 2.14a van de Wet IB 2001, kan giften aan ANBI’s toerekenen aan de afzonderlijke familieleden voor een evenredig deel. Bij omzetting naar een sociaal belang behartigende instelling (SBBI) kan deze toerekening niet plaatsvinden, aangezien een SBBI een zelfstandige entiteit is en er geen…
-
1694144
Moeder schenkt aan haar drie kinderen en neemt de verplichting op zich om de schenkbelasting en kosten van de schenkingsakte te betalen. Deze verplichting kan door de schenkster in box 3 worden meegenomen, omdat deze voortvloeit uit de schenkingsovereenkomst en niet uit de Successiewet 1956. De verplichting ontslaat de kinderen niet van hun aansprakelijkheid voor…
-
1694146
Afgestudeerde tandartsen die in het buitenland een opleiding volgen, kunnen de kosten voor deze opleiding niet als scholingsuitgaven aftrekken in hun Nederlandse belastingaangifte, zolang zij nog geen binnenlandse belastingplichtige zijn. De kosten worden pas als betaald beschouwd op het moment dat de tandarts in Nederland een functie als tandarts uitoefent, wat samenhangt met de totstandkoming…
-
1694147
Belastingplichtige en zijn echtgenote willen hun periodieke gift aan een ANBI aanpassen, zodat de verplichting tot jaarlijkse uitkering vervalt bij het overlijden van één van hen, in plaats van de langstlevende. Deze wijziging wordt als ingrijpend beschouwd, waardoor er een nieuwe overeenkomst ontstaat die opnieuw voor minimaal vijf jaar moet worden overeengekomen. De wijziging leidt…
-
1694161
In het geval van een ik-opa-testament, waarbij de langstlevende partner vruchtgebruik heeft en de kinderen bloot eigendom, is artikel 5.4 Wet IB 2001 niet van toepassing op de vordering van kleinkinderen. Deze vordering, die pas opeisbaar is na het overlijden van de ouders, moet door de kleinkinderen worden aangegeven in box 3 voor de contante…
-
1694162
Het wetsvoorstel ‘Wet studievoorschot hoger onderwijs’ is op 20 januari 2015 aangenomen en treedt per 1 september 2015 in werking, met fiscale gevolgen vanaf 1 juli 2015. Voor deze datum konden studenten studiekosten aftrekken, afhankelijk van de status van hun prestatiebeurs. Na 1 juli 2015 zijn studenten die studiefinanciering ontvangen niet meer voor aftrek van…
-
1694163
In deze memo van de Belastingdienst wordt besproken hoe de erfbelastingschuld van erfgenamen in box 3 kan worden behandeld na inkeer van niet aangegeven buitenlands vermogen. De erfgenamen hebben melding gemaakt van hun inkeer en zijn geconfronteerd met navorderingsaanslagen voor zowel inkomstenbelasting als erfbelasting. De memo stelt dat de erfbelastingschuld, inclusief heffingsrente en belastingrente, vanaf…
-
1694164
Een belastingplichtige die in 2011 studiefinanciering ontving, moet in 2014 een deel van de prestatiebeurs terugbetalen vanwege te veel bijverdienen. Dit heeft gevolgen voor de berekening van de scholingsuitgaven. Bij terugwerkende kracht kan, na een tijdig verzoek, een ambtshalve vermindering worden verleend voor de scholingsuitgaven, omdat de prestatiebeurs in 2011 lager is geworden. De terugbetaling…
-
1694165
De invoering van de wet Studievoorschot Hoger Onderwijs op 1 september 2015 heeft gevolgen voor de behandeling van studieschulden in box 3 van de inkomstenbelasting. Voor studieschulden ontstaan vóór deze datum worden deze niet als schuld in box 3 aangemerkt als er mogelijkheden zijn voor persoonsgebonden aftrek. Voor studieschulden ontstaan vanaf 1 september 2015 geldt…
Tips, vragen, opmerkingen?