AI-samenvatting
De uitgaven voor dolfijntherapie bij een behandelingsinstituut kunnen als specifieke zorgkosten worden aangemerkt volgens artikel 6.17 van de Wet inkomstenbelasting 2001, mits deze uitgaven betrekking hebben op behandelingen door aangewezen paramedici en aan overige aftrekcriteria is voldaan. De therapie moet plaatsvinden op voorschrift en onder begeleiding van een arts om volledig aftrekbaar te zijn. Indien dit niet het geval is, zijn alleen de kosten voor behandelingen door aangewezen paramedici aftrekbaar. De belastingplichtige moet kunnen aantonen welk deel van de therapie door deze paramedici is uitgevoerd en dat aan alle voorwaarden voor aftrek is voldaan.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
AI-samenvatting
De uitgaven voor dolfijntherapie bij een behandelingsinstituut kunnen als specifieke zorgkosten worden aangemerkt volgens artikel 6.17 van de Wet inkomstenbelasting 2001, mits deze uitgaven betrekking hebben op behandelingen door aangewezen paramedici en aan overige aftrekcriteria is voldaan. De therapie moet plaatsvinden op voorschrift en onder begeleiding van een arts om volledig aftrekbaar te zijn. Indien dit niet het geval is, zijn alleen de kosten voor behandelingen door aangewezen paramedici aftrekbaar. De belastingplichtige moet kunnen aantonen welk deel van de therapie door deze paramedici is uitgevoerd en dat aan alle voorwaarden voor aftrek is voldaan.
**Documenttitel: 1694044**
**Belastingdienst**
Naam dienstonderdeel: Kennisgroep IB niet-winst algemeen
Contactgegevens: Postbus kennisgroep IB NW.
Datum: 1 november 2021
Referentienummer: 21-202-0029
**Kosten dolfijntherapie aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten? KG 21-202-0029**
Geen
Dit standpunt is een actualisering van KG 09-202-0015 d.d. 24 april 2009. Het standpunt is aangepast naar de huidige wet- en regelgeving.
**Casus**
Het [GEANONIMISEERD] is een behandelingsinstituut waarbij een — volgens de website — uniek en effectief behandelingsprogramma in een prachtige, inspirerende en ontspannende [GEANONIMISEERD] setting wordt aangeboden met behulp van dolfijnen. Er staat verder op de website vermeld dat deze therapiedolfijnen in een team werken van gekwalificeerde therapeuten en trainers, onder toezicht van een medisch raad van artsen. De therapeuten zijn allemaal gecertificeerd in dolfijnondersteunde therapieën. Het team van behandelaars bestaat uit fysiotherapeuten, logopedisten, gedragstherapeuten, ergotherapeuten en psychologen.
**Vraag**
Kunnen de uitgaven voor een ondergane dolfijntherapiebehandeling bij het [GEANONIMISEERD] worden gekwalificeerd als uitgaven voor specifieke zorgkosten in de zin van artikel 6.17 van de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001)?
**Antwoord**
Ja, de uitgaven voor een ondergane dolfijntherapiebehandeling bij het [GEANONIMISEERD] kunnen – voor zover ze betrekking hebben op de behandeling door aangewezen paramedici – worden gekwalificeerd als uitgaven voor specifieke zorgkosten in de zin van artikel 6.17 van de Wet IB 2001. Voorwaarde daarbij is dat ook aan de overige criteria voor aftrek van specifieke zorgkosten is voldaan.
N.B.: doorgaans zal de behandeling niet plaatsvinden op voorschrift en onder begeleiding van een arts. Mocht de behandeling wel plaatsvinden op voorschrift en onder begeleiding van een arts, dan zijn de uitgaven voor de ondergane dolfijntherapiebehandeling eveneens aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten.
**Beschouwing**
**Wettelijk kader**
Op grond van artikel 6.17, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet IB 2001 zijn uitgaven voor specifieke zorgkosten de uitgaven die wegens ziekte of invaliditeit zijn gedaan voor genees- en heelkundige hulp, met uitzondering van ooglaserbehandeling ter vervanging van bril of contactlenzen.
Ingevolge artikel 6.17, negende lid, van de Wet IB 2001 wordt voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel a, van de Wet IB 2001 onder genees- en heelkundige hulp verstaan:
a. een behandeling door een arts;
b. een behandeling op voorschrift en onder begeleiding van een arts door een paramedicus;
c. een behandeling door een bij ministeriële regeling aan te wijzen paramedicus, mits voor de behandeling door de paramedicus een verklaring is afgegeven die voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden.
Bovengenoemd onderdeel c is uitgewerkt in artikel 39, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 (hierna: URIB 2001).
**Is sprake van een ziekte?**
Op grond van artikel 6.17, eerste lid, aanhef, van de Wet IB 2001 moeten de uitgaven voor specifieke zorgkosten zijn gedaan vanwege een ziekte of invaliditeit. Van belang is daarom eerst vast te stellen of sprake is van een medische aandoening.
Volgens de website van het behandelingsinstituut is het programma ontworpen voor de behandeling van patiënten van 3 jaar en ouder met een breed scala aan diagnoses, waaronder autisme, ADHD en cerebrale parese, evenals mensen met fysieke en psychische aandoeningen zoals kanker, depressie en PTSS. De genoemde diagnoses zijn medische aandoeningen. Er is sprake van een ziekte wanneer iemand lijdt aan een van de genoemde aandoeningen.
**Zijn de uitgaven voor ondergane dolfijntherapiebehandeling bij het [GEANONIMISEERD] specifieke zorgkosten?**
Om antwoord te geven op de vraag of sprake is van genees- en heelkundige hulp die voor aftrek in aanmerking komt, moet worden beoordeeld of aannemelijk is gemaakt dat aan een van de onderdelen van artikel 6.17, negende lid, van de Wet IB 2001 is voldaan.
**Een behandeling door een arts (onderdeel a)**
Volgens de website bestaat het team van behandelaars uit paramedici (gedragstherapeuten en psychologen) en aangewezen paramedici (fysiotherapeuten, logopedisten en ergotherapeuten). Er staat niet vermeld dat de behandeling plaatsvindt door een arts. De behandeling kan op grond van het vorenstaande daarom niet worden gekwalificeerd als genees- en heelkundige hulp in de zin van artikel 6.17, negende lid, onderdeel a, van de Wet IB 2001.
**Een behandeling op voorschrift en onder begeleiding van een arts door een paramedicus (onderdeel b)**
De behandelingen kunnen als genees- en heelkundige hulp worden aangemerkt indien de behandelingen op voorschrift en onder begeleiding van een arts door een paramedicus hebben plaatsgevonden (artikel 6.17, negende lid, onderdeel b, Wet IB 2001). De toepassing van de drie cumulatieve criteria van onderdeel b wordt hieronder nader toegelicht.
1. **Voorschrift**
Onder behandeling op voorschrift van een arts wordt een behandeling na een daadwerkelijke verwijzing door een arts verstaan. In de praktijk zal deze verwijzing schriftelijk of digitaal aan de behandelend paramedicus zijn verstrekt. Aan de hand van bijvoorbeeld een schriftelijke bevestiging achteraf of communicatie tussen arts en paramedicus zal de verwijzing aannemelijk kunnen worden gemaakt. Volgens vaste jurisprudentie is het niet voldoende dat met instemming van een arts op eigen initiatief naar een behandelaar wordt gegaan.
2. **Begeleiding**
De behandeling moet vervolgens onder begeleiding van een arts plaatsvinden. Uit de jurisprudentie volgt dat hieronder niet wordt verstaan dat de bevindingen van de behandelaar door de patiënt/belastingplichtige worden teruggekoppeld aan de huisarts. Er moet sprake zijn van een actieve medische betrokkenheid van de verwijzend arts bij de behandelingen. Tevens dient sprake te zijn van regelmatig contact tussen huisarts en behandelaar.
3. **Paramedicus**
Ten slotte moet er sprake zijn van een behandeling door een paramedicus. Op de website van het behandelingsinstituut staat vermeld dat het team werkt onder toezicht van een medisch raad van artsen. Er staat echter niet vermeld dat deze behandeling alleen daadwerkelijk kan plaatsvinden op voorschrift van een arts. Dit wil echter niet zeggen dat een belastingplichtige niet op voorschrift van een arts de therapie kan volgen. Ook valt niet te achterhalen of sprake is van een actieve medische betrokkenheid van de verwijzend arts bij deze behandeling. Dat de behandeling door een paramedicus plaatsvindt is niet voldoende om te kunnen vaststellen dat wordt voldaan aan de gestelde cumulatieve voorwaarden voor de toepassing van dit artikel.
De behandeling zal doorgaans op grond van het vorenstaande niet worden gekwalificeerd als genees- en heelkundige hulp in de zin van artikel 6.17, negende lid, onderdeel b, van de Wet IB 2001, omdat de behandeling niet plaatsvindt op voorschrift en onder begeleiding van een arts.
**Een behandeling door een bij ministeriële regeling aan te wijzen paramedicus (onderdeel c)**
De aangewezen paramedici zijn opgenomen in het eerste lid van artikel 39 van de URIB 2001. In het tweede lid staat voorts vermeld aan welke aspecten de verklaring als bedoeld in artikel 6.17, negende lid, onderdeel c, van de Wet IB 2001 moet voldoen.
Als paramedicus als bedoeld in artikel 6.17, negende lid, onderdeel c, van de Wet IB 2001 jo. artikel 39 van de URIB 2001 wordt aangewezen de persoon die bevoegd is tot het voeren van de titel van fysiotherapeut, diëtist, ergotherapeut, logopedist, oefentherapeut, orthopedist, podotherapeut, mondhygiënist of huidtherapeut.
Tijdens de behandeling wordt in casu de belastingplichtige een persoonlijk team van behandelaars toegewezen. Dit team kan bestaan uit paramedici (gedragstherapeuten en psychologen) en aangewezen paramedici (fysiotherapeuten, logopedisten en ergotherapeuten), een therapeut assistent, de dolfijn en de dolfijnentrainer. Bij deze therapie staat de interactie tussen belastingplichtige en de therapeut samen met speciaal daarvoor getrainde dolfijnen centraal. In deze situatie is aannemelijk dat voor een deel wordt gewerkt met paramedici als bedoeld in artikel 6.17, negende lid, onderdeel c, van de Wet IB 2001.
Nu het aannemelijk is dat de dolfijntherapie voor een deel onder behandeling door een bij ministeriële regeling aan te wijzen paramedicus valt, is voor dit deel voldaan aan de voorwaarden in artikel 6.17, eerste lid, onderdeel c, van de Wet IB 2001. Dat wil zeggen dat alleen het deel van de behandelingen door de aangewezen paramedici voor aftrek in aanmerking komen. Indien ook aan de overige criteria voor aftrek van specifieke zorgkosten is voldaan, zijn de uitgaven voor een dolfijntherapiebehandeling bij het [GEANONIMISEERD] voor het deel dat plaatsvindt door aangewezen paramedici aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten in de zin van artikel 6.17 van de Wet IB 2001.
**Tot slot**
Op belanghebbende rust de bewijslast aannemelijk te maken dat uitgaven voor specifieke zorgkosten zijn gedaan, dat de uitgaven hebben gedrukt en dat aan de eventuele overige voorwaarden voor aftrek van specifieke zorgkosten is voldaan. Belanghebbende zal ook aannemelijk moeten maken welk deel van de therapie wordt verricht door de aangewezen paramedici als bedoeld in artikel 6.17, negende lid, onderdeel c, van de Wet IB 2001. Van het totale bedrag aan kosten zal een splitsing aangebracht moeten worden in een deel dat wel en een deel dat niet aftrekbaar is.
Geef een reactie