rul-20260609-apa-000007

Aanleiding

X heeft een verzoek ingediend om zekerheid vooraf te krijgen over een verrekenprijs voor het boekjaar 2025.

Feiten

X is een vennootschap gevestigd in Nederland met [26 – 75] personeelsleden in Nederland en maakt onderdeel uit van de internationaal opererende Z-groep. De Z-groep is actief in de handelssector.

Z is een vennootschap gevestigd in de Europese Unie (EU) en is het hoofdkantoor van de Z-groep. Z is binnen de Z-groep onder meer verantwoordelijk voor het strategisch management en de ontwikkeling van merkbeleid.

X is verantwoordelijk voor de verkoop van producten van de Z-groep in een bepaald territoriaal gebied. X bepaalt zelfstandig de prijsstelling richting klanten, het kortingenbeleid, de productselectie voor de lokale markt en de inrichting van haar distributiekanalen. X draagt het markt-, voorraad- en debiteurenrisico en wordt voor haar verkoopactiviteiten gezien als entrepreneur. Als gevolg van een Europese herstructurering draagt X haar immateriële activa, die met name zien op marketing intangibles, over aan een groepsmaatschappij in een land binnen de EU.

X vraagt zekerheid vooraf over de waarde van de overgedragen immateriële activa. Het verzoek is ingetrokken

Rechtskader

Het verzoek van X ziet op het verkrijgen van zekerheid vooraf over de vaststelling van een zakelijke beloning (een arm’s-lengthbeloning). Het arm’s-lengthbeginsel is in Nederland gecodificeerd in artikel 8b van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Wet Vpb) en in het OESO-modelverdrag ter voorkoming van dubbele belastingheffing in artikel 9. In het OESO- commentaar op artikel 9 van het OESO-modelverdrag en de Transfer Pricing Guidelines for Multinational Enterprises and Tax Administrations (OESO-richtlijnen) wordt het arm’s- lengthbeginsel van een nadere invulling voorzien. Relevant in dit kader is het Verrekenprijsbesluit 2022.

Voorts zijn relevant het Besluit vooroverleg rulings met een internationaal karakter, waarin de kaders voor het verkrijgen van zekerheid vooraf zijn gegeven met betrekking tot rulings met een internationaal karakter, en de Regeling laagbelastende staten en niet-coöperatieve rechtsgebieden voor belastingdoeleinden (met inachtneming van de jaarlijkse wijzigingen).

Overwegingen

X heeft besloten het verzoek om zekerheid vooraf in te trekken. Een beoordeling of voldaan werd aan de voorwaarden uit het Besluit vooroverleg rulings met een internationaal karakter heeft niet plaatsgevonden. Een inhoudelijke behandeling van het verzoek heeft niet plaatsgevonden.

Conclusie

Het verzoek om zekerheid vooraf is ingetrokken. Er is derhalve geen vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen. Het voorgaande zal in beginsel in het kader van het reguliere toezicht beoordeeld worden.

Bron: Rulings Belastingdienst

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *