2016454

AI-samenvatting

In deze belastinguitspraak wordt de vraag behandeld of de adviseur van belastingplichtige A gelijk heeft in zijn stelling over de doorschuiving van de waarde van een pand na de scheiding. De uitspraak concludeert dat A de volledige waarde van het pand moet aangeven, omdat hij de civielrechtelijke bestuursbevoegdheid heeft.

Kennisgroepstandpunt

TBS enechtscheiding Vraag en
Antwoord 16059 0013
Vraag
Feiten
1Belastingplichtige deheer Aisinalgehele gemeenschap gehuwd
met mevrouw B
2Aheeft een pand ineigendom dat hijterbeschikking stelt aan A
BV Aheeft 646 van deaandelen van ABV Bdeoverige 354
Tot enmet belastingjaar 2008 hebben beide echtgenoten ieder voor
dehelft devoordelen uithet terbeschikking gestelde pand alsROW
aangegeven 2007 2008 €51000 huurinkomsten
3In2009 heeft Ageen aangifte gedaan enheeft deInspecteur een
ambtshalve aanslag opgelegd omdat zijingemeenschap van
goederen zijngehuwd
4AenBgaan in2009 scheiden op
rechtbank debeschikking van deechtscheiding afdie op
2009 wordt ingeschrevenInhetechtscheidingsconvenaruTs
opgenomen dat hetTBS pand genoemd onder 12wordt toe
gescheiden aan Ainclusief dedaarop rustende hypotheek waarbij
devrouw uithaar hoofdelijke aansprakelijkheid werd ontslagen De
aandelen van ABVworden ook toegescheiden aan A2009 geeft de67Awr
67Awr
5Inhetechtscheidingsconvenant wordt een afspraak gemaakt over
degevolgen tussen partijen van mogelijke discussies met de
belastingdienst over dehoogte van derente opde
overbedelingsvordering van devrouw verdere afspraken over de
inkomstenbelasting worden ernietgemaakt
6Verder isinhetechtscheidingsconvenant bepaald datAvanwege
deovereengekomen verdeling isoverbedeeld Partijen stellen het
bedrag van deoverbedeling op€250 000 Bontvangt ditbedragin
8termijnen
7Op1mei 2009 heeft Ahetpand verhuurd aan een derde
waarmee deterbeschikking stalling aan deBVeindigt Deadviseur
2016454 00008
heeft zelf incorrespondentie aangegeven datvolgens hem daar de
TBS isgeeindigd
8Op1juli2010 levert Ahetpand aan een derde waarbij Ana
aflossing van dehypothecaire geldlening een bedrag ontvangt van €
200 000
9Indeaanslagregeling van Bover hetbelastingjaar 2009 isde
doorschuiving van artikel 359IBtoegepast Erheeft dus geen
afrekening wegens beeindiging van deterbeschikking stalling
plaatsgevonden omdat een verplichte doorschuiving isaangenomen
naar BHaar echtgenoot heeft naechtscheiding deterbeschikking
stalling voortgezet endaarmee isopgrond van lid2van artikel 359
IBdedoorschuiving verplicht
10DeInspecteur heeft aan Aambtshalve aanslagen opgelegd voor
dejaren 2009 tot enmet 2014 Bijdebehandeling van het
bezwaarschrift isgevraagd met welke reden tot enmet 2008 bijA
TBS inkomsten zijn aangegeven Daaropiskomen vast testaan dat
hetpand aan deBV terbeschikking werd gesteld Ook isvastgesteld
dat deterbeschikking steliingin2009 geeindigdis
11 Bijdebezwaarbehandeling van Aisover 2009 het resultaat uit
terbeschikking gesteld vermogen nagevorderd over dewaarde in
heteconomised verkeer van dehelft van dewaarde van hetpand
omdat het niet langer aan deBVterbeschikking werd gesteld De
adviseur heeft daar met de intoelichting ziehierna genoemde
argumenten bezwaartegen gemaakt
Standpunt adviseur inbezwaar
Deadviseur isvan mening dat slechts een verplichte doorschuiving
van een kwart van dewaarde van hetpand onder toepassing van
artikel 359IBaan deman kan plaatsvinden Hijstelt dat door de
verwijzing naar artikel 359 lid2Wet IB2001 altijd verplicht moet
worden doorgeschoven voor het aandeel dat krachtens
huwelijksvermogensrecht aan devoortzettende exechtgenoot
toekomt Aangezien beide echtgenoten voor deechtscheiding de
tbs regeling voor dehelft moeten toepassen artikel 392 lidvier
Wet IB2001 betreft deverplichte doorschuiving dehelft hiervan
endus een kwart van hetgehele vermogensbestanddeel
Vraag isdesteliing van deadviseur juist
2016454 00008
Antwoord
Nee
Toelichting
1 Destaatssecretaris stelde zich inhet besluit met nummer Besluit Staatsecretaris 1december
2008 CPP 2008 520M ophetstandpunt dat beide echtgenoten voor deonverdeelde helft dezaak
terbeschikkingstellen aan deBVendat beide echtgenoten bijstakingover dehelft moeten
afrekenen 72Toerekening resultaat bijterbeschikkingsteliing pand aan BVIndesituatie dat
beianghebbende een onroerende zaak terbeschikking stelt aan een BVwaarin hijeen
aanmerkelijk belang heeft enhijvervolgensinalgeheie gemeenschap van goederen huwt gaan
deaandeien endeonroerende zaak totdehuweiijksgoederengemeenschap behoren Ten aanzien
van deaandeien heeft dittotgevolg dat beide echtgenoten ieder voor deonverdeeide heift
aanmerkelijkbelanghouder indeBVworden zie artikei 416 eerste iidonderdeei eenartikei
417 eerste lid van deWet IB2001 Ook deonroerende zaak wordt aan hen beiden voor de
onverdeeide heift toegerekend Vanaf dehuweiijksdatum steiien beianghebbende enzijn
echtgenote daardoor ieder deonverdeeide heift van deonroerende zaak terbeschikkingaan de
BVBeianghebbende staakt zijn werkzaamheid voor deheift endient derhalve over deheift van
destille reserves afterekenen Erisgeen doorschuiffaciliteit van toepassing wel kan eronder
voorwaarden gebruik gemaakt worden van debetalingsregelingvan artikei 25 veertiende lidIW
1990 juncto artikei 4aUitvoeringsregeling IB1990
2 InHoge Raad 15januari 2010 BNB 2010 100 enHoge Raad 15januari 2010 VN2010 412
heeft deHoge Raad vastgesteld dat hetTBS resultaat moet worden bepaaldaan dehand van de
dvielrechtelijke bestuursbevoegdheid met betrekking totdeter beschikking gestelde
vermogensbestanddelen
3 Inreactie heeft dewetgever met ingang van 1januari 2011 artikei 392 lid4enartikei 398d IB
aan deWet IBtoegevoegd Inartikei 392 lid4IBisbepaald dat beide echtgenoten voor deheift
eenvermogensbestanddeel toegerekend krijgenvoor deTBS regelingals dit
vermogensbestanddeel terbeschikking wordt gesteld aan eenvennootschap alsbedoeld inartikei
392IB
4 Debeeindiging van deterbeschikkingsteliing vond plaatsin2009 toen artikei 392IBnog niet
bestond Indatjaar moet naar demening van dekennisgroep BNB 2010 100 worden toegepast
Degene diedecivieljuridische bestuursbevoegdheid heeft over hetvermogensbestanddeel moet
afrekenen over destakingswinst Hier isdatAomdat hetpand opzijn naam staat Het volledige
resultaat wegens staking van deterbeschikking stelling aan deBVmoet bijhern inaanmerking
worden genomen
5 Devraag dievervolgens nog beantwoord moet worden isinhoeverre het belaid van de
Staatssecretaris vertrouwen heeft gewektinhet Besluit van ldecember 2008 wordt immers
aangegeven dat beide echtgenoten deheift van devoordelen uitterbeschikking aan kunnen
geven onafhankelijk van debestuursbevoegdheid Omdat slechts voor deheift een aanslag is
opgelegdisdeangelerindeze casus aluit Maar inhethuidige gevalwaarin Ageen aangifte
heeft gedaan eneen ambtshalve aanslagisopgelegd kan erinprincipe geen sprake zijn van
opgewekt vertrouwen Voor debeantwoording van dehelpdeskvraag inbredere zin blijft deze
vraag nog openstaan enzal naar demeningvan dekennisgroep deKGFormeel Recht
geraadpleegd moeten worden
Situatie na 112011
•Blijft opzich natuurlijk devraag bestaan wat moet gebeuren met desamenloop van artikei 392 lid4
398d enartikei 395jo359IBDekennisgroep wilhier slechts kort opingaan omdat devraag alop
andere grondenisbeantwoord
• Artikei 398d IBiseen lexspecialis voor desituatie dat hetvermogensbestanddeel binnen twee jaar na
ontbindingvan dehuwelijks gemeenschap verdeeld wordt ingevalvan terbeschikking stellingaan een
BV Wanneer niet terbeschikking wordt gesteld aan een BVofdeverdeling van de
vermogensbestanddelen buiten detwee jaarstermijn ligt kan artikei 359IBvorden toegepast
Conclusie
Omdat onderhavige casus zich afspeelt voordat in2011 artikei 392
lid4IBenartikei 398d IBinwerking zijn getredenishet in2009
toepasselijke recht van kracht Dan staat vast dat deHoge Raad
bepaalt datuitgegaan moet worden van decivielrechtelijke
bestuursbevoegdheid om tebepalen aan wie het resultaat uitter
beschikking stelling moet worden toegerekend Inhoeverre het
2016454 00008
besluit van deStaatssecretahs van 1december 2008 vertrouwen
heeft gewekt dat iedere echtgenoot 50 aan moet geven meet nog
door deKGFormeel Recht onderzocht worden Omdat indeze casus
bijdeman 50 van devoordelen uitterbeschikking stellingis
belast isdevraag eenvoudig tebeantwoorden Dit iszijn aandeel in
devoordelen uitterbeschikking stelling alshet besluit zou worden
toegepast
Hier isAdegene opwiens naam hetpand staat ishijdegene diede
huurcontracten ondertekend en ishijdegene die het
vermogensbestanddeel levert aan dekoperin2010 Daarmee staat
vast dat hijhet bestuur indegemeenschap over deze zaak heeft
Daarmee komt het tebelasten voordeel bijhem op Anders
gezegd deTBS had in2009 voor 100 bijAmoeten worden
aangegeven conform BNB 2010 100 Bijeinde TBS dient A
vervolgens ook over 100 van dewaarde van hetpand afte
rekenen Artikel 359Wet IBkan dan—behoudens een eventueel
beroep ophetvertrouwensbeginsel—geen rolspelen
2016454 00008

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Belang: