AI-samenvatting
In deze belastinguitspraak wordt de fiscale behandeling van een lijfrente-uitkering bij een eigen BV besproken. De uitkeringen worden als periodieke uitkeringen aangemerkt, waardoor er geen heffing plaatsvindt op basis van artikel 392 lid 2 van de Wet IB 2001.
Kennisgroepstandpunt
Belastingdienst
Naam dienstondardeel
Kenrisgroep resultaat overige
werkzaamhedenAan kennisgroep Verzekeringsproducten enAssurantiebelasting
Van Kennisgroep ROW
Contactpersoon
[ 512e ]
MI5T2e
I b12e gi
belastingdienst nl
memo1932018
Referent ienummer
18059 009
Beliandeld door
I512e
OnderwerpKopieaan
BijiagenVraag 18059 009 lijfrentenav inbrenginbv
Feiten beschouwing enpreadvies van devraagsteller
Door dekennisgroep Verzekeringsproducten enAssurantiebeiasting iseen
verzoek gedaan om derow aspectentebeoordeien ineen casus diebijdeze
kennisgroep inbehandeiing is
Door dekennisgroep Verzekeringsproducten enAssurantiebeiasting isde
vraagaisvoigt geformuieerd
Belastingplichtige heeft inhet kader van deinbreng van deonderneming ineen
BVeen lijfrente bedongen Deiijfrenteziet opdestakingswinst voortvioeiend uit
destilie reserves van onroerende zaken die naar hetprivevermogen zijn
overgeheveld Dewaarde van deinbrengisonvoldoende omdelijfrentepremie
tedekken endepremie wordt met vreemd vermogen gefinancierd De
lijfrenteaftrekisdoor deinspecteur gecorrigeerd omdat debetalinginfeite
schuidig isgebleven dmveen kasrondje viadebank Deovereenkomst kan
daardoor niet worden benut voor deomzetting van destakingswinsten
afwikkeling van deoudedagsreserve maar iscivieirechteiijk wei totstand
gekomen Wat betekent ditvoor defiscale behandeiing van deuitkering
Devraagsteller schrijft met betrekking totderow aspecteninhet
conceptantwoord
Debelastbaarheid van lijfrenten bedongen bijdeeigen BV isbepaald inartikel
392 lid2ten 2^®van deWet IB2001 Omdat echter sprakeisvan een lijfrente
die valt onder afdeling 35van deWet IB2001 ensprake isvan een aanvulling op
een pensioentekortisdeuitkering belast opgrond van artikel 3100 lid1
onderdeel bvan deWet IB2001 juncto artikel 3125 artikel 3124 lid1
onderdeel aenartikel 3129 van deWet IB2001
VERTROUWELIJK Pagina 1van 2
2015702 00036
Vraag
Devraagsteller verzoekt dekennisgroep resultaat overige werkzaamheden ofde
kennisgroep zich inditantwoord kan vinden enverwijst daarbijnaar de
kennisgroepvraag 12059 0005
Antwoord
Dekennisgroep resultaat overige werkzaamheden kan zich inhetantwoord
vinden Indeonderhavigecasus worden deuitkeringeninaanmerking worden
genomen als een periodieke uitkeringen alsbedoeld inafdeling 35van deWet IB
2001 Erisgeen heffing opgrondvan artikel 392 lid2ten 2^®van deWet IB
2001
Beschouwing
Indebetreffende casus isbijderuisende inbreng indeeigen BV een lijfrente
bedongen voor destakingswinst Deinbrengwaarde van deonderneming was
onvoldoende om aan destortingsverplichting met betrekking tothet
lijfrentekapitaal tevoldoen Ook overigens waren erniet voldoende liquide
middelen omdestoringsverplichting tevoldoen Door belanghebbende werd
debetaling infeite schuldig gebleven
Door dekennisgroep VerzekeringsproductenenAssurantiebelastingis
geconcludeerd dat
Ersprakeisvan een ievensverzekeringeneenlijfrentealsbedoeld inde
artikelen 16aen 17lid1van deWet IB2001
Deuitkeringenuitovereenkomsten van Ievensverzekering bedongen bij
deeigen BVzijn opgrond van artikel 392 lid2ten 2^®van deWet IB
2001 alsresultaat uitoverige werkzaamheden belast Een uitzondering op
deze regel isdeuitkering dieanders inaanmerking zou worden genomen
als een uitkering alsbedoeld inafdeling 35van dewet
Deuitkering belast isals een periodieke uitkeringalsbedoeld in
genoemde afdeling 35artikel 3100 lid1onderdeel bvan deWet IB
2001
Kennisgroepvraag 12059 0005 gaatover een casus waarin een
belastingplichtige bijdeeigen BV een bedrag heeft gestort en inmil daarvoor
het recht krijgt oplijfrentetermijnen Indebetreffende casus is in
tegenstelling totdehuidige casus geconcludeerd dat ergeen sprakeisvan
een pensioentekort Deuitzonderingssituatie alsbedoeld inartikel 392 lid2
ten 2^®van deWet IB2001 werd daar niet aanwezig geacht
Indecasus diethans isvoorgelegd isgeconcludeerd dat deze situatie zich
wel voordoet Deheffing vindt dan niet plaats opgrond van de
resultaatbepalingen maar opgrond van debepalingen van afdeling 35
2015702 00036
Geef een reactie