AI-samenvatting
In deze belastinguitspraak wordt geconcludeerd dat de participatie van 85 aandelen door CBV in EBV niet kwalificeert als een lucratief belang. De beoordeling is gebaseerd op het ontbreken van een beloningsoogmerk en de specifieke omstandigheden van de lening en aandelenstructuur.
Kennisgroepstandpunt
Belastingdienst
Naam dienstonderdeel
Kennisgroep resultaat overige
werkzaamhedenAan
Van Kennisgroep ROW512e
Contactpersoon
512e
512e
512e
belastlngdlenst nl
memoDatum
29januari 2019
Referentienummer
Behandeld door
I 512e
Onderwerp
Vraag 18059 016
ParticipatieinBV onzakelijke financiering lucratief belang
Feiten
Door devraagsteller zijn devolgende feiten aan dekennisgroep voorgelegd
Oude structuur
• Ahoudt 100 inABV enABVhoudt 833 inDBV
Bhoudt 100 inBBVenBBVhoudt 167 inDBV
• Deactiviteiten van DBVbestaan voornamelijk uithettegen vergoeding
aanbieden van| 67Av rtliensten door hoogopgeleid personeel ophet
gebied van67Awr
Beoogde nieuwe structuur
ABV enBBVhebben een nieuwe vennootschap EBVopgericht Bijde
oprichting van EBVzijn 100 000 gewone aandelen 83300 bijABVen
16700 bijBBV van nominaal €001geplaatst
• Deaandelen EBVzijn volgestort met €|67Awr] door ABV en€|67Awr] door
BBV gewone aandelen van nominaal €1inDBVmet een waarde van
€I67AwrIkostenvoet EVvan 142 Erontstaat nastorting dus
€|67Awr ^aan agio bijEBV
Dekoopprijs van een aandeel EBV is€| 67Awr €
Choudt sinds oprichting [| 67Awr alle aandelen inCBVp7Awjr
aandelen van nominaal €1en iswerknemer bijDBVsinds 1September
67Awr
I
ABV enBBVzijnvoornemens|67 AwTjvan deaandelen inEBV tevervreemden
aan CBVvoor een bedrag van€|67Awr
|€ 67Awr
|x|67Awr| De
Belastingdienst isakkoord met deze waarde
Dekoopprijs zal voor€f^Awr |naar rato aan verkopers worden voldaan in
contanten Het restart van €|67Awr~|wordt naar rato aan verkopers schuldig
gebleven door CBV«
67Awr}
VERTROUWELIJK Pagina 1van 19
2015698 00045
Voorwaarden geldleningsovereenkomst
oLooptijdtot enmet 31 12022
oAflossing uiterlijk 31 12022
o Rente
o Zekerheid 1®verzoek 1®pandrecht aandelen inEBV
o Door Cworden vanuit prive geen zekerheden gegeven
Adviseur heeft laten dat eropgeen enkele manier een vorm van
kwijtschelding van deleningisovereengekomen indien deaflossing op31
januari |67Awr|niet volledig heeft plaatsgevonden
ABVenofBBVhebben geen informeel kapitaal gestort enoflenlngen
verstrekt aan DBVofEBV6|a^indien niet voldaan dan rentedragend bijgeschreven
Schematisch zien oude ennieuwe structuur eralsvoIgt uit
Oude structuur
B A
100 100
BBV ABV
833167
DBV
Beoogde nieuwe structuur
BC A
100 100 100
AK€f7^
ABV CBV BBV
159
85756
GepI Gewoon AK 100 000 x€001
Agio €]67Awr~|EBV
100
GepI gewoon AK€100 000
100 000 aandelen x€1 DBV
2015698 00045
Beschouwing enpre advies van devraagsteller
Devraagstellerheeft een uitgebreid preadvIes IngediendHet preadvies isals
bijiage Ibijdeze vraag opgenotnen
Decondusie van devraagstellerisdat het indeze casus verdedigbaaristestellen
dat achtereenvolgens sprake isvan
•Loon moment onvoorwaardelijke recht oplevering aandelen ofophetmoment
van kwijtschelding schuld iwaarna sprakeisvan een lucratief belang opgrond van
of
•Een economisch vergelijkbaar recht aandelen enlucratieve schuld of
•Alleen een lucratieve schuld
Vraag
Aan dekennisgroep ROW zijn devolgende vragen gesteld
a Behoort departicipatievan 85 aandelen door CBV inEBV tot een
lucratief belang
b Kwalificeert delening terverwerving van deaandelen alslucratieve
schuld
c ZoJaheeft dittotgevolg datook deaandelen behoren tot een lucratief
belang
Antwoord
Vraag a
Nee opgrondvan defeiten enomstandigheden van hetgevalisniet voldaan aan
hetbeloningsoogmerk van art 392b lid1Wet IB2001 Bovendien issprake van
een soort aandelen zodat deaandelen opbasis van hettweede lidvan art 392b
Wet IB2001 niet kwalificeren als lucratief belangaandelen Ook opbasis van het
vierde lidvan art 392b Wet IB2001 isergeen lucratief belang Ophet niveau
van EBVofDBV isgeenhefboomeffect van minimaal 1090
Vraag b
Nee opgrond van defeiten enomstandigheden kan niet geconcludeerd
worden dat ersprakeisvan een lening met een lucratieve
kwijtscheldingsfaciliteit een dergelijke voorwaardelijke kwijtschelding is
niet afgesproken enook zijn ergeen feitelijke gedragingen waaruit een
kwijtschelding blijkt
Vraagc
Nee zieantwoord bijb
Daarnaast isdewetsgeschiedenis aangegeven dat een lucratieve schuld erin
beginsel niet toe leidt dat degekochte aandelen ook kwalificeren als lucratief
belang
2015698 00045
Beschouwing
1Opmerkingen vooraf bijdefeiten
Dekennisgroep gaat uitvan defeiten zoals deze zijn aangeleverd door de
vraagsteller Bijdebeoordeling van defeitelijke samenhang tussen de
aandelen endelening spelen ook depredeze bewoordingenvan de
overeenkomst en een rol Indeze enandere vergelijkbare casus zaldus
ook deleningsovereenkomst moeten worden beoordeeld insamenhang met
demogelijke andere overeenkomsten zoals aandeelhoudersovereenkomst
managementovereenkomst enofarbeldscontract Zoblljkt ultdefeiten
bijvoorbeeld niet ofsprakeisvan leaverbepalingen
Vender kunnen ook feitelijke gedragingen van partijen zoals deafwikkeling
van deleningsovereenkomst een rolspelen bijdebeoordeling van devraag of
infeite sprakeisvan kwijtschelding van delening
2Iseraldan niet sprake van loon
Devraagsteller vraagt oferindeze casus sprake isvan loon Inhet pre
advies wordt hier uitgebreid bijstilgestaan Debeantwoordingvan deze vraag
valt buiten hetgebied van dekennisgroep ROW Weverwijzen hiervoor naar
dekennisgroep LH
Deze vraagdient opgrondvan derangorderegelingvan art 214 lid 1en2
Wet IB2001 teworden beantwoord voorafgaand aan detoepassing van de
lucratiefbelangregeling
3Lucratief belong
Devraagsteller vraagt dekennisgroep oferindeze casus sprakeisvan
lucratief belang aandelen enofeen lucratieve schuld Erissprake van een
werknemer Cdie een belang van 85gewone aandelen inEBVkooptvoor
een zakelijke prijs namelijk €|67Awr|Hijhoudt deze aandelen via een
persoonlijke holding CBV Het kapitaal van EBVbestaat uitsluitend uit
gewoneaandelen met agioTot zoverlijkt geen spraketezijnvan een
lucratief belang Definanciering van deaandelen vindt echter plaats door de
andere twee aandeelhouders rechtspersonen onder zachte voorwaarden
namelijk rentepercentagepr Aw|bijschrijving van derente afiossingaan het
einde van delooptijd engeen zekerheden Devraagisofdelening als
lucratieve schuld moet worden aangemerkt enmisschien zelfs deaandelen
mee trekt inhet iucratief beiang
Ten eerste dient getoetst teworden ofaan hetbeloningsoogmerk van art
392b lid1Wet IB2001 wordt toegekomen voordat aan de
financieringstoets en van art 392b lid2en lid4Wet IB2001 Ditwordt
behandeld in32Daarna zullen wijdedoor vraagsteller geschetste scenario s
behandelen 33Daarna behandelen wijfinancieringstoetsen 34aan de
hand van derelevante regelgeving Vervolgens besteden wij kort aandacht
aan deonzakelijke lening 35ensluiten we afmet een conclusie 36
2015698 00045
31 Relevante regelgeving
Derelevante regelgevingisopgenomeninbijiageII
Beloningsoogmerk art 392b lid1Wet IB2001
Voordat aan definancieringstoets van bet tweede derde ofvierde lidvan art
392b Wet IB2001 wordt toegekomendient getoetstteworden ofaldan niet
aan hetbeloningsoogmerk van art 392b lid1Wet IB2001 isvoldaan
Indien deze vraag ontkennend wordt beantwoord wordt aan deoverige leden
van art 392b Wet IB2001 niet toegekomen32
Devraag ofaan hetbeloningsoogmerk van het eerste lid isvoldaan most
naar defeiten enomstandigheden worden beoordeeld Het gaat hierbij om
een subjectieve toets met dien verstande dat met de indewettekst
opgenomen woorden naar moet worden aangenomen een zekere
objectiveringisbeoogd kamerstukken II2007 2008 31459 nr 3pag 10
Deinspecteur opwie inhetalgemeen debewijsiast rust zal blijkens de
rechtspraakinhetalgemeensnel aan zijn bewijspositie kunnen voldoen dat
ersprake isvan een beloningsoogmerk indezin van art 392b lid1Wet IB
2001
Indeonderhavige casus ontbreken echter aanwijzingen dat voldaan isaan
hetbeloningsoogmerkvan art 392b lid1Wet IB2001 Uitdeaangeleverde
stukken voIgtniet dat deaandelen enofdelening mede een beloning
beogen tezijn voor werkzaamheden van debelastingplichtige
Ook andere feiten enomstandigheden diewijzen opeen beloningsoogmerk
zijn niet gegeven Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de
omstandigheid dat dewerknemer deaandelen verkrijgt enoptermijn bijeen
exit weer vervreemdt waarbij een deel van demeeropbrengst van de
aandelen toe terekenen isaan deverrichte arbeid van dewerknemer
Onduidelijk isook ofindeonderhavige casus bijvoorbeeld sprake isvan
leaverbepalingen drag alongentagalong bepalingen Dergelijke bepalingen
kunnen een aanwijzing zijnvoor deomstandigheid dat deaandelen zijn
verkregen rnede alsbeioning voor verrichte ofteverrichten
werkzaamheden
Voorts isbijdebeoordeling van hetbeloningsoogmerk van belang ofvoor de
aandelen een zakelijke prijsisbetaald Incasu isdithetgeval
Definanciering van deaandelen lijkt echter onzakelijk tezijn Deinbreng
door deverkrijgende aandeelhouder iszodanig dat hijdoor deverstrekte
leningeen beperkt neerwaarts risico loopt opdeaandelen Dit kan een
indicatie zijn datsprake isvan een beloningsoogmerk Devraag isechter of
deonzakelijke financiering voldoende isvoor het aannemen van een
beloningsoogmerk ten aanzien van deaandelen Dekennisgroep acht deze
omstandigheid inditgeval opzichzelf niet voldoende om een
beloningsoogmerk aanwezig teachten Er iseen zakelijke prijs betaald voor
deaandelen erzijn alleen gewone aandelen erisgeen hefboomwerking op
het niveau van EBV en erzijn geen leaverbepalingen voor zover ons
bekend
Inonderdeel avan lid1isgeregeld dat met lucratieve aandelen
samenhangende schulden ook behoren tot een lucratief belang Het isde
2015698 00045
vraag ofalleen desamenhangende schuld kan zorgen voor het aannemen van
een beloningsoogmerk bijhetverkrijgenvan deaandelen Van een dergelijke
feitelijke samenhang bijvoorbeeld gezamenlijke verkoop aflossing
onlostnakelijke verbondenheid isdekennisgroep niet gebleken
Inonderdeel bvan lid 1isgeregeldwanneer een schuld een lucratieve schuld
isOok hier moet sprake zijn van een beloningsoogmerk bijde
overeengekomen tegemoetkoming van kwijtschelding Het ligtvoor dehand
dat ereen beloningsoogmerkisals een werknemer een lening krijgt met een
kwljtscheldingsfacllltelt Dat isechter gezlen defeiten indeze casus nIet aan
deorde zie 35
Concluderend indeze casus wordt niet voldaan aan hetbeloningsoogmerk
van art 392b lid 1aWet IB2001
Dehierna opgenomen overwegingen met betrekking totdefinancieringstoets zijn
inzoverre dan ook ten overvloede
33Scenario vraagsteUer
Inhetpreadvies heeft devraagsteUer een tweetal scenario sgeschetst alshet
gaat om dewaardeontwikkelingvan dedoor CBVgekochteaandelen
Voor CBV kan erzich een positief ofnegatief scenario gaan voordoen
Positief scenario
DBVbehaalt deresultaten zoals verwacht Deopbrengst van door CBV
gehouden aandelen inEBV DBVkan aldus deberekening van de
vragensteller na5jaar alsvoIgt worden bepaald
67Awr
Het rendement opdegewoneaandelen over 5jaaris671 1 teweten
rendement C investering67Awr
Negatief scenario
DBVbehaalt niet deresultaten zoals verwacht endaardoor kanCBVde
lening met rente niet terugbetalen CCBVheeft echter een maximaal
neerwaarts risico van €|67Awr]Hetpandrecht opdeaandelen zal erniet toe
leiden dat hiermee delening enrente kan worden afgelost omdat dit
pandrecht inditscenario relatief weinig waarde zalhebben
Anderzijds behouden degeldverstrekkers ABVenBBVafgezienvan de
€40000 indirect hetvolledig neerwaarts risico bijdeaandelen terwiji het
opwaarts potentieelisbegrensdtotdeovereengekomen rente van 4^
Indien weuitgaan van dekoopsom dan kan gesteld worden dat detotale investering hoger isdan
]Hettotaal rendement over 5jaar
wordt dan 149 4 Hierbij isuitgegaan van betaling van zowel derente dehoofdsom alsde
opbrengst over 5jaar67Awr
2015698 00045
34Financieringstoets
Indecasus issprake van een participatie van CviaCBVvan 85 van de
aandelen inEBV Devraag isofdeze aandelen kwalificeren alslucratieve
aandelen
341Lucratieve aandelen 392b lid2Wet IB2001
Erisgeen sprakevan verschillende soorten aandelen indezin van art 47
Wet IB2001 EBVofDBVhebben niet een aandelensoort uitgegeven die
achtergesteldisbijandere soorten waarvan hetgeplaatste aandelenkapitaal
minder beloopt dan 10 van het totale geplaatste kapitaal van EBVofDBV
Deaandelen kwalificeren opbasis van hettweede lidniet als lucratieve
aandelen
342Economisch vergelijkbare rechten art392b lid4Wet IB2001
Lid4wordt opgekniptintwee onderdelen kort gezegd1vermogensrechten
dieeconomisch overeenkomen met aandelen alsbedoeld inhet tweede lid
1090verhouding en2overige rechten ofverplichtingen waarvan het
waardeverloop afhankelijkisvan managementdoeleinden etc Indecasus
gaat het economisch vergelijkbare vermogensrechten zoals omschreven in
hetgedeelte van lid4voor dekomma
Indenota naar wijziging staat hierover hetvolgende
Detoevoeginginhetvoorgestelde arfikel 392b vierde lidWet IB2001 van «ge et
opdefeiten enomstandigheden» ziet opsituaties waarin sprakeisvan sterk met
elkaar samenhangendefinanciele betoningsinstrumentenovereenkomsten en
juridische bepalingen dieeconomisch gezien een beloningsinstrument vormen
Daarbij gaat hetbijvoorbeeld ommet elkaar samenhangende vermogenstitels die
tezamen economisch gezienvoor een vergelijkbaar«hefboomeffect» zorgenalshet
geval isbijdeinaitikel 392tweede lidonderdeel aWet IB2001 bedoelde
aandelen
Ermoet dus getoetst worden ofineconomische zinsprakeisvan een
achtergestelde soort aandelen waardoor een hefboomeffect ontstaat
Verondersteld wordt dat hier een hefboom van 1staat tot 10wordt bedoeld
Voor deeconomische vergelijkbaarheid isdetotale vermogenspositie van de
vennootschap van belang inclusief eventuele aandeelhoudersleningen
Hetvermogen van EBV enDBVbestaat uitsluitend uitgewone aandelen met
agio Erisophet niveau van EBVgeen sprake van aandeelhoudersleningen
Deverhoudingnominaal kapitaal agioisvoor alle aandeelhouders gelijk
zodat deaandelen EBVook opbasis van lid4niet kwalificeren als lucratief
belang
343Combinatie een soort aandelen enlening
Indecasus ontstaat een hefboomeffect voor CBV doordat deaankoop van
deaandelen door CBV voor bijna 90 gefinancierd wordt door deverkopers
Derente opdeschuld bedraagt^ Aw^egenovereen rendement opheteigen
vermogen inEBVvan| 67Aw7]pe vraag isofhierdoor een lucratief belang
ontstaat
2015698 00045
Indenota van wijziging staat over deze situatie
Daarnaast gaathet om situaties datsprakeisvan een soort aandelen diederhalve
niet rechtstreeks onder detekst van artiket 392b tweede lid van deWet
inkomstenbelasting 2001 vallen maar waarbij we een gelet opdefeiten en
omstandighedenineconomisch opzicht vergetijkbaareffect wordt bereikt Als
sprake isvan eenvennootschap met een extreme financiering dus met nauwelijks
aandelenkapitaaleneen hele hoge deals vanconcernmaatschappijenvan het
private equity huis afkomstige achtergestelde financiering zodat een
hefboomeffect wordt gecreeerd dat toteen excessief rendement kan leiden dan is
dat gelet opdefeiten enomstandighedenineconomisch opzicht gelijktestetlen
aan een situatie van verschiliende sooifen aandelen waarvan een een preferentie
heeft van tenminste 15 dividend perjaar wat overeenkomt met hetvoorgestelde
artikel 392b tweede lidaanhefen onderdeel bWet IB2001
NB Dehierboven vermelde vergelijking met onderdeel bvan art 392b tweede lid
Wet IB2001 isniet juist Desituatie moet worden vergeleken met desituatie van
onderdeel avan art 392b tweede lidWet IB2001 Ditblijktuiteenopmerkingvan
deStaatssecretaris tijdens debehandeling van hetwetsvoorstel belastingheffing
excessieve beloningsbestanddelen indeTweede Kamer
Indeparlementaire behandeling^isook hetvolgende opgemerkt
Daarblj moet gedacht worden aan hetaanvutlend financieren met een
achtergestelde lening die inmateriele zinkwalificeert alseigen vermogen Dat sluit
aan bijdemogelijkheid om teheffen indien ersprake isvan een soort aandelen
Inwelke situaties isdefinanciering relevant Om tebeginnenisvan belang
dat bijfinanciering met vreemd vermogen altijd een hefboomeffect ontstaat
Zolangdefinanciering plaatsvindt door een zakelijk handelende derde zal
hierin echter geen beloningselement zitten Alleen indien door een
achtergestelde financiering door deaandeelhouder een situatie ontstaat die
economisch vergelijkbaarismet die van een achtergesteldesoort aandelen is
definanciering relevant
Indecasus worden erophet niveau van EBVgeen aandeelhoudersleningen
verstrekt Ophet niveau van CBVwordt wel een lening verstrekt door ABV
enBBV Dit isechter geen achtergestelde lening Gezien devoorwaarden
lijkthier welsprakevan een beloningselement Ook ontstaat ereen hefboom
door definanciering met vreemd vermogen Devraag isofdeze hefboom
groot genoeg isVoor het constateren van een lucratief belang moet
daarnaast ineconomisch opzicht sprake zijn van een achtergestelde soort
aandelen
Opdeaandelen CBV is€40120 gestort tegenover een totaal vermogen
inclLisief lening van €350 024 dus een hefboom van 01146 Zoals de
vraagsteller alconstateerde iserdus geen hefboom van minimaal 110 De
kennisgroep vraagt zich ook afofdeze hefboom relevant isvoor de
beoordeling van het lucratief belang Ckrijgt alswerknemer demogelijkheid
aandelen EBV tekopen Het lijkt dan ook logisch omdehefboom ophet
niveau van EBV tetoetsen AlsCinverhoudingtot deandere aandeelhouders
een excessief rendement opdeaandelen EBVkrijgt door de
vermogensstructuur kan sprake zijn van een lucratief belang Delening van
ABV enBBVmaakt indecasus maar een klein deel uitvan het totale
2Kamerstukken 2008 09 31459 nrEpag 37en8Verslag van een schriftelijk overleg
2015698 00045
vermogen van EBV zodat niet aan een hefboom van 110toegekomen zal
worden
Zoals eerder aangegeven meet ineconomisch opzicht ook sprake zijn van
een achtergestelde soort aandelen Op het niveau van EBV zou alleen sprake
zijnvan achtersteilingaisdeieningvan ABVenBBV insamenhang met hun
aandelen inEBVwordt bekeken Diesamenhang lijkt erniet tezijn
Lucratieve schuld art 392b lid1bWet IB2001
Een schuld met een lucratieve kwljtscheldingsfaciliteit behoort ook tot een
lucratief belang Ermoet rechtens dan wel infeite sprake zijn van een
tegemoetkoming van gehele dan wel gedeeltelijke kwijtschelding35
Voorbeelden die indewetsgeschiedenis aan deorde zijngekomen
Situatie dat vooraf wordt afgesproken dat definanciering wordt
kwijtgescholden indien een bepaald rendement niet wordt behaald
Garantstaan door decrediteur voor een bankfinanciering van de
werknemer
Geldleningen aan werknemers waarbij dewerkgever zich vooraf vastlegt
omonder voorwaarden aftezien van invordering
Indehiervoor genoemde voorbeelden issteeds sprake van afspraken vooraf
Indeze casus zijn vooraf geen afspraken gemaaktover kwijtschelding onder
voorwaarden Wellijkteronzakelijktezijn gehandeld door ruim 88 van de
aankoopprijs van deaandelen tefinancieren zonder noemenswaardige
zekerheden voor deterugbetaling Hierin schuilt waarschijnlijk een
beioningselement Gezien devoorbeelden uitdewetsgeschiedenis gaat het
echter tever om hierin een vooraf afgesproken kwijtschelding tezien
351Pakketbenadering art 393 lid2Wet IB2001
Vraagindeze casus isofdeaandelen insamenhang met delucratieve schuld
moeten worden aangemerkt als een werkzaamheid endaardoor een lucratief
belang vormen Voor devolledigheid behandelen weook deze vraag ook alis
volgensons geen sprakevan een lucratieve schuld
Indewetsgeschiedenis behandeling Eerste Kamer 31549 Cpagina 26 is
aan deorde gekomendat een lucratieve schuld inbeginsellos van de
gekochte aandelen moet worden gezien Dit isalleen anders indien de
gehele ofgedeeltelijke kwijtschelding onderdeel isvan een samenstel van
afsprakendie als ware sprakevan een werkzaamheid inhet resultaat uit een
werkzaamheid begrepen worden
Indeparlementaire geschiedenis wordt detoepassing van artikel 393
tweede liduitsluitend inverband gebracht met een lid4lucratief belang voor
dekomma zieNota van Wijziging hierna Dus alsdeoptie
Pakketbenadering opgrond van artikel 393 tweede lid altot een lucratief
belang leidt dan tot een lid4lucratief belang voor dekomma Dat betekent
volgens ons datsprake moet zijn van een hefboom van tenminste 1090 en
achtersteiling
IndeNota naar aanleidingvan hetverslagstaat hetvolgende
Detoepassing van artikel 393 tweede lid van deWet inkomstenbeiasting 2001
zorgtervoor dat een veelal complex eningewikkeld samenstel van afspraken ais
ware het een werkzaamheid inhet resultaat wordt begrepen Het moet daarbij
2015698 00045
gaan omafspraken die een sterke samenhang met elkaar hebben enwaarbij de
economische reaiiteit Juistisgelegeninenwordt gecreeerd door deonderiinge
samenhangAls ersprakezou zijnvanjuridischverschillende
beloningsinstrumenten dieeconomised gezien een beioningsinstrument vormen
dan zou betzander nadere aanvulling van dewettekst van defeiten en
omstandigheden afhangenofartikei 393 tweede lid vantoepassingisNet de
ieden van deWD fractie ishet kabinet vanmening dat deze onduideiijkheid
ongewenstisWat het kabinet betreft isdetoets dieaangelegd moet warden of
het ineconomisch opzicht om een iucratief belang gaat Dat isook devraag die in
hetvoorgestelde vierde iidvan artikei 392b centraal staat Om diehlervoor
gesignaleerde onduideiijkheid weg tenemen zalhet kabinet opditpunt met een
nota van wijziging komen
Vervolgensisartikei 392b aangepast bijnota van wijziging met de aleerder
opgenomen toelichting
Detoevoeginginhetvoorgesteldeartikei 392b vierde iid Wet IB2001 van
«ge etopdefeiten enomstandigheden» ziet opsituaties waarin sprake isvan
sterk met eikaar samenhangende financieie beloningsinstrumenten
overeenkomsten enJuridische bepaiingen dieeconomisch gezien een
beioningsinstrument vormen Daarbij gaat hetbijvoorbeeld ommet elkaar
samenhangende vermogenstiteis die tezamen economisch gezienvoor een
vergelijkbaar «hefboomeffect» zorgen aishetgevaiisbijdeinartikei 392
tweede iid onderdeel aWet IB2001 bedoelde aandelen
Hetvoorgaande wijst erop dat deaandelen alleen worden rneegetrokken met
een lucratieve schuld alssprakeisvan een hefboom van 1090en een
achterstelling Dit isbier niet hetgevai ziedeconclusie bij343
Onzakelijke financiering
ABV enBBVfinancieren dedoor CBVgekochte aandelen EBV voor ruim
88 Eriseen rentevergoeding van^^n erschuldigd diejaarlijks wordt
bijgeschrevenenaflossen hoeft pas aan het einde van delooptijd Erworden
geen noemenswaardige zekerheden verstrekt door CBV36
Een rentepercentage van^7 Aw|op delening lijkt telaag gezien het risicoprofiel
Zekerheden ontbreken enheteigen vermogen van CBV isslechts€|67Awr
tegenover een schuld van €|S7Awr^Er ziteen groot verschil tussen het
verwachte rendement opheteigen vermogen van EBVvan|67Aw7]ende
rentevergoeding opdelening van^7AwEen zakelijk handelende derde zou
gezien het risico een hogere rentevergoeding bedingen Indelage
rentevergoedingzitwaarschijnlijkeen loonelement maar debeoordelinglaten
we uiteraard over aan deloonheffingsspecialisten
Daarnaast dient beoordeeld teworden ofsprakeisvan een onzakelijke lening
Getoetst dient teworden ofeen onafhankelijke derde delening onder deze
voorwaarden zou verstrekken tegen een niet van dewinst van de
vennootschap afhankelijke vergoeding Een onzakelijke leningkan niet
worden afgewaardeerd ten laste van debelastbare winst
Jezou wellicht ook kunnen stellen datbijverstrekkingvan delening sprakeis
van loon Aan dehand van dehefboom kan het loonelement worden
berekend Een andere optie isloon stellen ophet moment van kwijtschelding
Ook debeoordeling van deze stellingenisaan deloonheffingsspecialisten
2015698 00045
Geef een reactie