2015518

AI-samenvatting

In deze belastinguitspraak wordt vastgesteld dat het schuldig gebleven dividend van mevrouw S als regulier voordeel kan worden aangemerkt volgens artikel 412a Wet IB 2001. De ruling bevestigt dat de omzetting van de vordering in een agiostorting de toepassing van deze bepaling niet belemmert.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

**Toepassing art 12a bij schuldig gebleven dividend**

**Vraag**
Mevrouw heeft als gevolg van het overlijden van de heer 50 van de aandelen van Beheer A^r verkregen krachtens erfrecht. De waarde van de aandelen van de BV bedraagt [GEANONIMISEERD] en de verkrijgingsprijs van de erflater bedraagt [GEANONIMISEERD]. In de aangifte van de heer ter zake van de overgang krachtens erfrecht is een vervreemdingsvoordeel in aanmerking genomen. De nieuwe verkrijgingsprijs bedraagt [GEANONIMISEERD]. Binnen 24 maanden na overlijden van de erflater heeft mevrouw een dividenduitkering genoten van [GEANONIMISEERD]. Deze is in mindering gebracht op de verkrijgingsprijs van de aandelen conform artikel 12a Wet IB 2001 (hierna artikel 12a) [GEANONIMISEERD].

Op [GEANONIMISEERD] wederom binnen 24 maanden na overlijden van de erflater heeft mevrouw een dividenduitkering genoten van [GEANONIMISEERD]. Deze is tevens in mindering gebracht op de verkrijgingsprijs van de aandelen conform artikel 12a. Het bedrag van dit dividend is echter schuldig gebleven aan mevrouw. De verkrijgingsprijs bedraagt na laatstgenoemde dividenduitkering [GEANONIMISEERD]. Direct volgend op de laatstgenoemde uitkering heeft mevrouw besloten een agiostorting te doen op haar aandelen ad [GEANONIMISEERD] middels inbreng van voormelde vordering uit hoofde van de schuldig gebleven dividenduitkering. De vordering wordt dus omgezet in agio, waardoor de verkrijgingsprijs opgehoogd wordt tot [GEANONIMISEERD]. Namens mevrouw wordt verzocht om op grond van artikel 12a het genoten dividend van [GEANONIMISEERD] niet als regulier voordeel in aanmerking te nemen. De vraag is of wij tot een [GEANONIMISEERD] bedrag hiermee akkoord gaan.

**Antwoord**
Artikel 12a luidt als volgt:
Ingeval aandelen of winstbewijzen krachtens erfrecht zijn verkregen en ter zake van die overgang bij de erflater inkomen uit aanmerkelijk belang in aanmerking is genomen, worden binnen 24 maanden na het overlijden van de erflater genoten reguliere voordelen uit die aandelen of winstbewijzen op verzoek, in afwijking van artikel 12, niet tot het inkomen uit aanmerkelijk belang gerekend voor zover deze voordelen niet uitgaan boven het bedrag dat bij de erflater ter zake van de overgang krachtens erfrecht als inkomen uit aanmerkelijk belang in aanmerking is genomen en voor zover deze voordelen worden afgeboekt op de verkrijgingsprijs van de verkregen aandelen of winstbewijzen.

Ingevolge artikel 43 Wet IB 2001 worden reguliere voordelen geacht te zijn genoten op het tijdstip waarop zij zijn ontvangen, verrekend, ter beschikking gesteld, rentedragend geworden of vorderbaar en inbaar geworden. Van rentedragend worden is sprake als het recht op de inkomsten is omgezet in een lening of een andere vordering en daarbij reëel onder de beschikkingsmacht van de rechthebbende op de inkomsten is gekomen. In de casus is sprake van een schuldig gebleven dividenduitkering. Dit wordt gekwalificeerd als een regulier voordeel. Mede gelet op artikel 43 kan artikel 12a zonder problemen toegepast worden. Het feit dat de vordering wordt omgezet in een agiostorting doet hier niets aan af. Het oogmerk achter de transactie kan niet bestreden worden met artikel 12a. Anticiperend op de toekomst zullen zij vermoedelijk de volgende stappen ondernemen.

**Omzetten van agioreserves in nominaal aandelenkapitaal via uitreiking van agiobonusaandelen**
De uitreiking van dergelijke bonusaandelen is onbelast. Hierna volgt bij statutenwijziging het verminderen van het vergrote aandelenkapitaal met het bedrag dat gelijk is aan de gewenste teruggave. Op grond van artikel 13 geschiedt dit onbelast. De verkrijgingsprijs wordt door de dividenduitkering op basis van artikel 12a verlaagd. Vervolgens wordt de verkrijgingsprijs verhoogd door de agiostorting. Indien er een onbelaste teruggaaf plaatsvindt, wordt de verkrijgingsprijs weer verlaagd. Wij behouden dus de belastingclaim.

**Conclusie**
Doel en strekking van artikel 12a Wet IB 2001 verzetten zich niet tegen toepassing van deze bepaling in situaties als de onderhavige, waarbij de dividenduitkering schuldig wordt gebleven en vervolgens wordt omgezet in een agiostorting.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *