1949640

AI-samenvatting

In deze belastinguitspraak wordt geoordeeld dat de juridische kosten van de koper niet aftrekbaar zijn in het kader van de verkoopovereenkomst. Dit is gebaseerd op de vaststelling dat er geen rechtstreeks oorzakelijk verband is tussen de kosten en de verwerving of vervreemding van de deelneming.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

**Documenttitel: 1949640**

Ter zake van jouw casus het volgende. De KG meent dat er in deze casus voldoende argumenten zijn om de kosten niet aftrekbaar te achten, zie hieronder.

Wij vragen jou om de feitelijke vragen die ik gisteren stelde ook nog op te pakken. De verwerking van de juridische kosten bij de verkoper en de wijze waarop de prijsaanpassing is berekend zijn daarin niet. Ook de juridische kosten van de koper zijn feitelijk vergoed.

De Hoge Raad BNB 2019 26 heeft geoordeeld dat bij gebrek aan nadere tekstuele of wetshistorische aanwijzingen voor de beantwoording van de vraag welk verband vereist is, de maatstaf van een rechtstreeks oorzakelijk verband geldt. Kosten moeten worden aangemerkt als kosten ter zake van de verwerving of de vervreemding van een deelneming indien zij worden opgeroepen door de verwerving of de vervreemding van de desbetreffende deelneming in die zin dat de kosten zonder die verwerving of die vervreemding niet zouden zijn gemaakt. Bepleit kan worden dat deze kosten nog een rechtstreeks oorzakelijk verband houden met de verkoop.

In deze casus heeft de verkoper de koper op het verkeerde been gezet (dwaling, bedrog), hetgeen heeft geleid tot een overeenkomst welke een onjuiste kern bevat, namelijk die van de omvang van de tegenprestatie. Deze tegenprestatie, de overeenkomst zelf, wordt nu alsnog aangepast. De kosten die worden gemaakt om die aanpassing te bewerkstelligen hebben in onze optiek een voldoende rechtstreeks oorzakelijk verband met de verkoopovereenkomst om deze onder artikel 13 lid Vpb te begrijpen.

De herziening van de transactie wordt onder de deelnemingsvrijstelling begrepen op grond van artikel 13 lid Vpb. Dan ligt het ook meer in de rede in beginsel de daartoe gemaakte kosten onder artikel 13 lid Vpb te begrijpen.

Belanghebbende is verkeerd of onvolledig ingelicht alvorens te kopen. Belanghebbende maakt in casu na de aankoop deze kosten om dat glad te strijken. Onder andere omstandigheden zou hij daartoe kosten hebben gemaakt alvorens de aankoop te doen (eigen due diligence inschakelen, valuator, juridische kosten). Het zou onbevredigend zijn indien je die economisch sterk vergelijkbare gevallen fiscaal anders zou behandelen.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *