AI-samenvatting
In deze belastinguitspraak wordt behandeld of een belastingplichtige een liquidatieverlies kan inbrengen bij het ontbreken van een vereffening. De ruling concludeert dat dit niet mogelijk is zolang de vereffening niet is voltooid.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
**Beantwoording vraag kennissgroep Deelnemingsvrijstelling**
**Nummer vraag:** VRAAG 19024
**Verkorte omschrijving vraag:**
Belastingplichtige houdt een deelneming die door de Kamer van Koophandel wordt ontbonden. De KvK is niet tot vereffening overgegaan. De deelneming houdt een belang in een vennootschap en op de bankrekening van de deelneming zou een minimaal bedrag staan. Kan belastingplichtige het eventuele liquidatieverlies in aanmerking nemen?
**Antwoord:**
Nee, nu er geen vereffening heeft plaatsgevonden, kan er nog geen liquidatieverlies in aanmerking worden genomen.
**Onderbouwing:**
Op grond van artikel 13d, elfde lid van de Wet VPB 1969, tekst 2020, wordt een liquidatieverlies in aanmerking genomen op het tijdstip waarop de vereffening is voltooid. Dan houdt de rechtspersoon op te bestaan (artikel 2:19 lid BW). Na ontbinding blijft de rechtspersoon dus voortbestaan totdat de vereffening is voltooid (artikel 2:19 lid BW, behalve indien de rechtspersoon geen baten meer heeft bij ontbinding, artikel 2:19 lid BW). Ontbinding door de KvK (artikel 2:19 lid onderdeel BW) leidt dus niet zonder meer tot het einde van de rechtspersoon.
De keuze om het liquidatieverlies niet eerder dan op het tijdstip waarop de vereffening is voltooid in aftrek toe te staan, is tijdens de parlementaire behandeling als volgt nog nader gemotiveerd: door de liquidatie van de dochter heeft de fiscus de zekerheid dat de mogelijkheid van verliescompensatie voorgoed verloren is gegaan. In een eerder jaar dan waarin de vereffening van de dochter plaatsvindt, kan het liquidatieverlies nog niet worden berekend omdat dit mede afhankelijk is van de liquidatie-uitkeringen.
In casu is sprake van een deelneming met een saldo op een bankrekening en een belang in een vennootschap. Naar de mening van de Kennisgroep Deelnemingsvrijstelling kan derhalve het liquidatieverlies niet in aanmerking worden genomen zolang de vereffening niet is voltooid. Ook het Besluit Deelnemingsvrijstelling nr. 2019/00012049 biedt in dit geval geen soelaas. Wellicht ten overvloede wordt opgemerkt dat in dit kader de verzwaarde bewijslast op belastingplichtige rust.
**Bron:** Kamerstukken II 1995, 59 5000, nr. 22 29.
Geef een reactie