1891212

AI-samenvatting

In deze uitspraak wordt behandeld of er sprake is van een schenking wanneer de schadeplichtige niet verarmt. De conclusie is dat er geen schenking is, omdat de vereisten van verarming en vrijgevigheid ontbreken.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

**Documenttitel: 1891212**

**Giftbegrip. Schadevergoeding, verkrijger verrijkt zonder verarming schadeplichtige (KGSW17.0025)**

**Vraag:**
Kan er bij schadeplichtigheid sprake van een schenking wanneer de schadeplichtige niet verarmt?

**Casus:**
A is schadeplichtig ten opzichte van een goed van B. In plaats van het repareren van de schade kiest A ervoor eenzelfde nieuw goed te realiseren, om aan zijn vergoedingsplicht van de schade te voldoen. Dat is qua kosten goedkoper voor A. Voor B is dat prettig, want het nieuwe goed is meer waard dan een gerepareerd oud goed. Hij verrijkt derhalve. Is sprake van een schenking?

**Antwoord:**
Nee, er is geen sprake van een schenking. Voor een schenking zijn drie cumulatieve vereisten: verarming, verrijking en vrijgevigheid. Wanneer de begiftigde verrijkt als gevolg van een handeling waarbij de schenker niet verarmt, is geen sprake van een schenking.

**Toelichting:**
Hier ontbreken zowel de verarming als de vrijgevigheid. A wil B niet bevoordelen, maar zichzelf kosten besparen. Een ‘gift’ waar de schenker beter uitspringt, leidt niet tot een schenking. De casus doet in enige mate denken aan het arrest HR 21 januari 1976, ECLI:NL:HR:1976:AX3822, BNB 1976/64.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *