1856361

AI-samenvatting

In deze belastinguitspraak wordt behandeld of verzoeken op basis van artikel 18 BFE en artikel 14b Wet Vpb gelijktijdig kunnen worden behandeld. Het antwoord is negatief; de verzoeken moeten afzonderlijk worden ingediend, afhankelijk van de situatie van de fiscale eenheid.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

**Documenttitel: 1856361**

**Juridische fusie binnen fiscale eenheid en tevens een verzoek artikel 14b**

**Vraag**
BV en BV vormen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. BV is verdwijner bij een juridische fusie waarbij BV verkrijger is. Er wordt een verzoek gedaan om toepassing van artikel 18 eerste lid Besluit Fiscale Eenheid 2003 (BFE), juridische fusie binnen fiscale eenheid waarbij de fiscale eenheid wordt geacht niet te zijn verbroken, maar tevens ook een verzoek op basis van artikel 14b derde lid Wet Vpb. Kan een verzoek artikel 18 eerste BFE gelijktijdig worden behandeld met een verzoek artikel 14b derde lid Wet Vpb 1969? En maakt het voor het antwoord op de vraag uit of de fiscale eenheid wordt aangevraagd in de loop van een boekjaar?

**Antwoord**
Nee, het is niet mogelijk een verzoek artikel 18 BFE gelijktijdig te behandelen met een verzoek artikel 14b Wet Vpb 1969. Belanghebbenden hebben de keuze om de fusie binnen of buiten de fiscale eenheid te laten plaatsvinden. Artikel 18 BFE bevat een zelfstandige regeling op basis waarvan het mogelijk is juridisch te fuseren zonder dat de juridische fusie tot een verbreking van de fiscale eenheid leidt. Het gaat dan om een juridische fusie binnen fiscale eenheid en dan komt de regeling van artikel 14b Wet Vpb 1969 niet in beeld. Er hoeft in dat geval dan ook niet te worden getoetst of er sprake is van het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. Is sprake van een fusie buiten fiscale eenheid, de fiscale eenheid verbreekt ten aanzien van de bij de fusie vertrokken maatschappij onmiddellijk voorafgaand aan de fusie op grond van artikel 14 lid BFE, dan kan een beroep worden gedaan op de faciliteit van artikel 14b Wet Vpb 1969. In deze situatie zal getoetst moeten worden of de fusie in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. Als een beroep wordt gedaan op artikel 18 BFE komt terugwerkende kracht niet aan de orde.

**Antwoord op de tweede vraag**
Om toch een beschikking artikel 14b lid Wet Vpb geen ontgaan uitstel te krijgen, heeft men als alternatief bedacht om een fiscale eenheid aan te vragen per bijvoorbeeld januari. Vervolgens vindt er na die ingangsdatum een juridische fusie plaats waarbij men civielrechtelijk bepaalt dat de fusie terugwerkt naar januari. Dit bewerkstelligt echter niet dat fiscaal de juridische fusie buiten fiscale eenheid plaatsvindt. Ervan uitgaande dat er een verzoek om artikel 18 BFE gedaan is, vindt ook nu de juridische fusie plaats binnen fiscale eenheid en volgt dus het regime van de fiscale eenheid. Terugwerkende kracht komt niet aan de orde en ook nu is een beschikking artikel 14b lid Wet Vpb geen ontgaan uitstel niet aan de orde.

K05 032 0002 herzien maart 2020
Het voorgaande antwoord is met de grootst mogelijke zorg samengesteld, maar het kan voorkomen dat een antwoord onjuist of niet meer actueel is. Mocht daar volgens jou sprake van zijn, neem dan contact op met de secretaris van de kennisgroep Fusies en Fiscale Eenheden.

**Publicatiedatum**
06 04 2020

**Geldigheidsperiode**
1856361 00168

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *