1774330

AI-samenvatting

Deze belastinguitspraak behandelt de maatstaf van heffing bij erfpachtconversie door de gemeente Amsterdam. De afkoop van de canon wordt niet als zodanig beschouwd, waardoor de maatstaf van heffing de tegenprestatie volgens artikel 9 WBR bedraagt.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

**Documenttitel: 1774330**

Kantoor Maastricht
6401 CZ Heerlen
Kennisgroep overdrachtsbelasting
Doorkiesnummer: 512e
Datum: 22 januari 2016
Behandeld door: 5.1.2e
Vraag: 15-052-11
Betreft: Erfpachtconversie gemeente Amsterdam.

**Vraag 1.**
Geachte 5.[5.1.2e|
U heeft de kennisgroep een vraag gesteld omtrent de toepassing van de artikelen 9 en 11 Wet op belastingen van rechtsverkeer (hierna WBR).
Hieronder treft u het antwoord (bindend advies) aan.

**Uw casus.**
De gemeente geeft een nieuw erfpachtrecht uit (onbepaalde tijd). Volgens de obligatoire erfpachtovereenkomst is geen koopsom verschuldigd maar is wel een jaarlijkse canon verschuldigd van [GEANONIMISEERD]. De canon kan echter eeuwigdurend worden afgekocht. De koper maakt hierbij gebruik van de mogelijkheid de canon [GEANONIMISEERD] voor eeuwig af te kopen. De overeengekomen afkoopsom bedraagt [GEANONIMISEERD]. Het feit dat de canon voor eeuwig is afgekocht wordt in de akte van vestiging opgenomen.

**De vraag.**
Welke is de maatstaf van heffing? [GEANONIMISEERD]

**Antwoord.**
De maatstaf van heffing bedraagt [GEANONIMISEERD].

**Beschouwing.**
De afkoop van de canon is civielrechtelijk en fiscaalrechtelijk geen afkoop. Het recht is immers nog niet gevestigd, zodat van afkoop van een canonverplichting geen sprake kan zijn. Wat partijen (per saldo) zijn overeengekomen is dat de gemeente tegen een koopsom van [GEANONIMISEERD] een canonloos erfpachtrecht vestigt. Daarom wordt niet toegekomen aan de toepassing van de tabelfactoren en beloopt de maatstaf van heffing de tegenprestatie [GEANONIMISEERD] conform art. 9, eerste lid, WBR. Dit geldt dus ook als die tegenprestatie hoger is dan de waarde in het economische verkeer van de zaak waarop het recht betrekking heeft; het plafond van art. 11, eerste lid WBR komt niet in beeld omdat geen bijtelling van een schuldplichtigheid plaatsvindt.

Ik hoop u hiermee naar genoegen geïnformeerd te hebben.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *