AI-samenvatting
In deze belastinguitspraak wordt geconcludeerd dat de verkrijging van aandelen in Holding Vader BV door Kind 1 en Kind 2 niet onder artikel 15, eerste lid, letter b, Wbr valt. Dit betekent dat er geen vrijstelling van overdrachtsbelasting van toepassing is, aangezien de onroerende zaken niet dienstbaar zijn aan de materiële onderneming van Holding Vader BV.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
**1774109**
**Feiten**
Vader is houder van alle aandelen in Holding Vader BV. Holding Vader BV was in het verleden houder van alle aandelen in Werk BV. Werk BV drijft een materiële onderneming. Holding Vader BV is eigenaar van een onroerende zaak die ter beschikking wordt gesteld aan Werk BV. Holding Vader BV heeft die aandelen in Werk BV onbepaalde tijd geleden overgedragen aan Holding Kind 1 BV en Holding Kind 2 BV. Na overdracht van de aandelen in Werk BV is Holding Vader BV een OZR.
**Voorgenomen rechtshandeling**
Vader is voornemens om de aandelen in Holding Vader BV te schenken aan Kind 1 en Kind 2. De navolgende situatie ontstaat.
**Vraag**
a) Is op de verkrijging door Kind 1 en Kind 2 (elk de helft van de aandelen in Holding Vader BV) artikel 15, eerste lid, letter b, Wbr van toepassing?
b) Is deze situatie vergelijkbaar met een overgang in fasen van een onderneming waarbij eerst de materiële onderneming wordt overgedragen en tot slot de onroerende zaak wordt overgedragen?
**Antwoord**
a) Op de verkrijging door Kind 1 en Kind 2 van de aandelen in Holding Vader BV is artikel 15, eerste lid, letter b, Wbr niet van toepassing. Er is geen sprake van een onroerende zaak die behoort tot en dienstbaar is aan een onderneming van Holding Vader BV.
b) Voor zover een gefaseerde bedrijfsoverdracht op basis van de doorkijkarresten kwalificeert voor de toepassing van artikel 15, eerste lid, letter b, Wbr, geldt het volgende. Het onderhavige geval is niet aan te merken als een (gefaseerde) bedrijfsoverdracht tussen gekwalificeerde natuurlijke personen. Kind 1 en Kind 2 hebben geen goederen verkregen die behoren tot en dienstbaar zijn/waren aan een onderneming die voorheen door de ouder werd gedreven. De overdrager van Werk BV is Holding Vader BV en de verkrijgers van Werk BV zijn Holding Kind 1 BV en Holding Kind 2 BV. Bovendien ontstaat er uiteindelijk een structuur waarbij de onroerende zaken niet behoren tot de materiële onderneming van Holding Vader BV.
**Beschouwing**
Van overdrachtsbelasting is vrijgesteld de verkrijging door een of meer kinderen van een ondernemer van goederen die behoren tot en dienstbaar zijn aan diens onderneming die wat de bedrijfsvoering betreft, in haar geheel door de verkrijger of verkrijgers wordt voortgezet.
**Wettekst**
De overdrager dient een kwalificerend natuurlijk persoon te zijn die de over te dragen aandelen rechtstreeks in privé houdt. De verkrijger dient een kwalificerend natuurlijk persoon te zijn die de verkregen aandelen rechtstreeks in privé gaat houden. Er dient sprake te zijn van de verkrijging van OZR-aandelen, de rechtstreekse verkrijging van onroerende zaken kwalificeert niet. De vennootschap waarvan de aandelen worden overgedragen dient een materiële onderneming te drijven. De onroerende zaken dienen tot die materiële onderneming te behoren en daaraan dienstbaar te zijn.
**Parlementaire behandeling – overgang in fasen**
De Staatssecretaris heeft in de parlementaire behandeling opgemerkt dat de toepassing van de vrijstelling van onderdeel b in het geval waarin al een samenwerkingsverband tussen ouder en kind bestaat, geen bezwaar ontmoet.
**Beleid – Besluit Overdrachtsbelasting Ondernemingsfaciliteiten**
Bij een bedrijfsoverdracht kan de volgende situatie zich voordoen. Een ondernemer draagt zijn onderneming, inclusief onroerende zaken, over aan een familielid. Deze inbreng staat de toepassing van de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, onderdeel b, van de WBR bij de voorafgaande overdracht in de weg.
**Goedkeuring**
Ik keur onder voorwaarden goed dat de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, onderdeel b, van de WBR ook geldt voor een verkrijging van een onderneming door een familielid, die wordt gevolgd door de inbreng van die onderneming in een BV, waarvan dit familielid alle aandelen houdt.
**Jurisprudentie**
Wanneer aan de bovenstaande criteria is voldaan, dient ten aanzien van de verkrijging van de aandelen aan het volgende te zijn voldaan.
**Uitwerking**
Vraag (a): In casu drijft vennootschap Holding Vader BV geen materiële onderneming.
Vraag (b): Voor zover de doorkijkarresten zich uitstrekken tot een gefaseerde bedrijfsovername, geldt dat de onderneming niet door de kinderen wordt voortgezet maar door Holding Kind 1 en Holding Kind 2.
**Argumentatie belanghebbende**
Holding Vader BV is een OZR. De overdracht van de aandelen Holding Vader BV is een overgang in fasen van de onderneming.
Geef een reactie