1774107

AI-samenvatting

In deze belastinguitspraak wordt de toepassing van de vrijstelling van artikel 15 Wbr besproken met betrekking tot de verkrijging van aandelen in Houdster BV door de kinderen van ouder P en ouder L. De vrijstelling is niet van toepassing voor de kinderen van ouder P, terwijl voor de kinderen van ouder L geen sprake is van een belaste verkrijging.

Kennisgroepstandpunt

g | 5.1.2e |Artikel 15-1-b Wbr, Toepassing doorkijkarresten
67 Awr
67 Awr
De omvang van de belangen in de diverse KD BV’s is onbekend.
Gegeven is dat binnen enkele (klein}dochtervennootschappen enkele onroerende zaken worden
aangewend binnen een materiële onderneming (projectontwikkeling, handel in onroerende zaken),
maar daarover ontbreekt verdere (relevante) informatie.
Voorgenomen rechtshandelingen
Ouder P is voornemens zijn (middellijk) gehouden aandelené7 Awp belang) in Houdster BV te
schenken aan zijn twee kinderen.
Ouder L is voornemens zijn gehouden aandeles AR 6 belang) te schenken aan zijn vier kinderen.
Vraag
1) Is op de verkrijging van de aandelen Houdster BV door de Br Awfinderen van ouder P de
vrijstelling van artikel 15, eerste lid, letter h, Wbr van toepa g?
2) Is op de verkrijging van de aandelen Houdster BV door des7 Awtfkinderen van ouder L de
vrijstelling van artikel 15, eerste lid, letter h, Wbr van toepassing?
Pagina 1 van 3
1774107 00039

1774107d Artikel 15-1-b Wbr, Toepassing doorkijkarresten
Antwoord
1) De vrijstelling is niet van toepassing omdat de overdrager een niet-kwalificerend
rechtssubject is, namelijk Beheer BV in plaats van Ouder P. Overigens lijkt, op basis van de
beperkte feiten, ook niet voldaan aan de criteria die de Hoge Raad heeft geformuleerd.
2) Op grond van artikel 4, derde lid, letter a, Wbr is er geen sprake van een belaste
verkrijging omdat ieder van de kinderen na verkrijging van iede 67 Awfo belang van vader
een belang houden va 7 Awb. Dat is minder dan de vereiste 7% als genoemd in eerder
vermeld artikellid.
Wet- en regelgeving en jurisprudentie
Wet- en regelgeving — artikel 15, eerste lid, letter b, Wbr
Vrijgesteld is de verkrijging door een of meer kinderen (…) van een ondernemer van (fictieve)
onroerende zaken die behoren tot en dienstbaar zijn aan de onderneming van de ouder die wat de
bedrijfsvoering betreft, in haar geheel (al dan niet in fasen) door de verkrijger(s) wordt voortgezet.
Jurisprudentie — ECLI:NL:HR:2018:2110 – rechtsoverwegingen
Onder “in haar geheel door de verkrijger wordt voortgezet” wordt mede verstaan de verkrijging
van OZR-aandelen, doch uitsluitend!:
a) indien de aandelen worden gehouden in een vennootschap die een materiële onderneming
drijft en voorts;
b) doordat alle aandelen worden verkregen;
c) de volledige zeggenschap in die onderneming van de ouder op het kind overgaat.
De vrijstelling is van toepassing voor zover?:
d) de onroerende zaken dienstbaar zijn aan de onderneming in de vennootschap van de
ouder,
e) welke onderneming wat bedrijfsvoering betreft, door overname van alle aandelen van de
ouder, door het kind wordt voortgezet.
Beschouwing
1) Is op de verkrijging van de aandelen Houdster BV door de twee kinderen van
ouder P de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, letter h, Wbr van toepassing?
Wet- en regelgeving
Bij de verkrijging van aandelen in Houdster BV door de kinderen van Ouder P is er geen sprake van
een kwalificerende overdrager. Niet Ouder P is namelijk degene die overdraagt maar Beheer BV.
Zodoende kwalificeert de verkrijging niet omdat er geen sprake is van de verkrijging door een of
meer kinderen (…) van een ondernemer van (fictieve) onroerende zaken die behoren tot en
dienstbaar zijn aan de onderneming van de ouder.
Criteria HR
Ten overvloede, gezien het bovenstaande, beschouw ik de criteria van de HR in het kort.
a) indien de aandelen worden gehouden in een vennootschap die een materiële onderneming
drijft en voorts;
Onbekend is of en in hoeverre Houdster BV, na toepassing van de consolidatieregeling van artikel
4, vierde lid, Wbr een materiële onderneming drijft. Wanneer er sprake is van deelbelangen in
‘ Rechtsoverweging 2.2.2.
2 Rechtsoverweging 2.3.3.
Pagina 2 van 3
00039

1774107Artikel 15-1-b Wbr, Toepassing doorkijkarresten
(klein)dochtervennootschappen dan is de vraag of die vennootschappen wel of niet geconsolideerd
dienen te worden (meer dan 33,32%?). Wanneer het belang minder dan 33,34% is dan vindt er
geen consolidatie plaats en kan de materiële onderneming van die dochtervennootschap niet
worden toegerekend aan Houdster BV.
b) doordat alle aandelen worden verkregen;
Niet alle aandelen worden verkregen, de|67 Awrtinderen verkrijgen ledef7 Awl van de aandelen,
derhalveb7 Aw} in totaal.
c) de volledige zeggenschap in die onderneming van de ouder op het kind overgaat.
De volledige eigenschap ten aanzien van Houdster BV gaat niet over naar de|67 Awr| inderen, erer AwAwr gaat 6 over. De volledige eigenschap in de onderneming van de
(klein)dochtervennootschappen gaat in beginsel alleen over wanneer Houdster BV 100%
(middellijk) belang heeft in die (klein}dochtervennootschappen.
De vrijstelling is van toepassing voor zover?:
d) de onroerende zaken dienstbaar zijn aan de onderneming in de vennootschap van de
ouder,
De onroerende zaken zijn in ieder geval niet dienstbaar aan de onderneming in de vennootschap
van de ouder 67 Awr naar aan de onderneming in de
vennootschap Beheer BV.
e) welke onderneming wat bedrijfsvoering betreft, door overname van alle aandelen van de
ouder, door het kind wordt voortgezet.
De aandelen worden niet overgenomen van ouder P maar van Beheer BV. Niet alle aandelen in
Houdster BV worden overgenomen en een eventueel aanwezige materiële (subjectieve)
onderneming wordt niet (geheel) door del67 Awrkinderen voortgezet.
Conclusie vraag 1
De vrijstelling is niet van toepassing omdat de overdrager een niet-kwalificerend rechtssubject is,
namelijk Beheer BV in plaats van Ouder P. Overigens lijkt, op basis van de beperkte feiten, ook
niet voldaan aan de criteria die de Hoge Raad heeft geformuleerd.
2) Is op de verkrijging van de aandelen Houdster BV door de67 Awjkinderen van ouder
L de vrijstelling van artikel 15, eerste lid, letter h, Wbr van toepassing?
Conclusie vraag 2
verkrijging omdat ieder van de kinderen na verkrijging van ieder7 wfo belang van vader een
belang houden varg7 Awl. Dat is minder dan de vereiste 7% als
artikellid,Op grond van artikel 4, derde lid, letter a, Wbr lijkt me dat er geen sprake is van een belaste7 av be in eerder vermeld
3 Rechtsoverweging 2.3.3.
Pagina 3 van 3
00039

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Belang: