1770298

AI-samenvatting

Deze belastinguitspraak behandelt de toepassing van art 21bis UBIB en verduidelijkt de voorwaarden waaronder een buitenlandse belastingplichtige als kwalificerende buitenlandse belastingplichtige kan worden aangemerkt. Het benadrukt dat belastingplichtigen moeten aantonen dat zij in hun woonland geen belasting verschuldigd zijn door een regeling die een minimuminkomen buiten de belastingheffing laat.

Kennisgroepstandpunt

Onderwerp Toepassing art 21bis UBIB
Datum ontvangst KG Maart 2018
Naam ktr
vraagstellerAanslagregeling kantoor buitenland
Behandelaar KG 512e
Datum naar
secretaris
Hoe dient art 21bis lid 1onderdeel cUBIB aannemelijk maakt dat hijwegens
degeringe hoogtevan zijn inkomen inhet woonland geen inkomstenbelasting
verschuldigd is teworden uitgelegd
Met andere woorden wanneer kan een inhet buitenland woonachtige
pensioengerechtigde die niet aan degeheel ofnagenoeg geheeleis van art 78
lid 6onderdeel a IB kan voldoen toch als kwalificerende buitenlandse
belastingplichtige worden aangemerkt
Veel belastingplichtigen doen een beroep opdeze bepaling terwiji dat naar de
visie van deBelastingdienst ten onrechte isKan er een praktisch houvast
geboden worden bijdetoepassing van art 21b islid 1onderdeel cUBIB
IMill WULII U
Art 21bis UBIB dient strikt te worden uitgelegd Belastingplichtige zal
aannemelijk moeten maken dat hijin zijn woonland geen belastingis
verschuldigd vanwege een regeling die als doel heeft een bepaald minimum
inkomen buiten debelastingheffing telaten
Om de behandelaar enig praktisch houvast tebieden dient de situatie van
belastingplichtige te worden vergeleken met een inwoner met dezelfde
inkomstenbronnen Zou voor een inwoner natoepassing van het IBdeel van de
heffingskortingeneen bedragtebetalen belastingresteren dan ishet niet
aannemelijk dat belastingplichtige kan voldoen aan de eis van art 21bis lid 1
onderdeel cUBIB
Invrijwel alle gevallen wordt dan ten onrechte een beroep op deze
bepaling gedaanenkan het verzoek worden afgewezen Belanghebbende
kan dan uiteraard inbezwaar alsnog hetbenodigde bewijs leveren
Iseropbasis van deberekening geen sprake van een resterend bedrag te
betalen belasting moet belanghebbende nader bewijs leveren dat hijook
feitelijk geen belasting verschuldigdisinhet woonland door het minimum
inkomen
IR fho IiiA inn
Uitgangspuntvan de wetgever bij de invoeringvan de kwalificerende
buitenlandse belastingplicht was om zodicht mogelijk bijderechtspraak van het
HvJ teblijven Derechtspraak van het HvJ isvolgens dewetgever weerspiegeld
inart 78IB Enkel indien het Unierecht lees derechtspraakvan het HvJ
aanleiding geeft tot een verruiming van devoorwaarden zalhieraan bijalgemene
1770298 00083
maatregel van bestuur invulling worden gegeven^De hier bedoelde algemene
maatregel van bestuur isbet Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting met name
art 21bis UBIB
Art 21bis lid 1UBIB isdeNederlandse codificatie van deuitspraak van
het HvJ indezaak Commissie vsEstland^ Indeze zaak achtte bet HvJ een Estse
regelinginstrijd met het vrije verkeer van werknemers Opgrondvan de
betreffende Estse regeling kon een inFinland woonachtige gepensioneerde die in
zijn woonland wegens degeringe hoogte van zijn wereldinkomen geen belasting
verschuldigd was geen aanspraak maken opbelastingverminderingen waarop
inwoners welaanspraak konden maken Bijdeinvoering van art 21bis lid 1gaf
debesluitgeverindememorie van toelichting^ hetvolgende aan
Artikel 2Ibis eerste lid van het UBIB 2001 geeft uitvoeringaan de
uitspraak van het HvJ EU inde zaak Commissie vEstland Omdat de
Europese jurisprudentie over de fiscale behandeling van buitenlandse
belastingplichtigen die bun inkomen niet geheel ofnagenoeg geheel
ineen bronstaat verdienen nog niet volledig isuitgekristalfiseerd is
ervooralsnog voor gekozen om zo dicht mogeiijk bijgenoemde
uitspraak teblijvenDit betekent dat debepaiing alleen van toepassingis
opgepensioneerde buitenlandse belastingplichtigen met een Mein pensioen
of een kleine lijfrente dan wel andere oudedagsvoorziening zoals een
staatspensioen Indian zijwegens degeringe hoogte van hun inkomen geen
belasting verschuldigd zijn inhun woonland worden zijaangemerkt als
kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen mits ook aan de overige
voorwaarden wordt voldaan Aan voornoemde eis wordt voldaan indien het
wereldwijde inkomen van debuitenlandse belastingplichtige dermate laagis
dat inhet woonland geen inkomstenbelasting verschuldigdisasgevolg van
regelingen van dat land die als doe hebben om een bepaald
minimuminkomen buiten debelastingheffing telaten Het gaat hierbij
bijvoorbeeld om een belastingvrije som Onder debepaiing valt niet de
situatie waarin debelastingplichtige inhet woonland geen belasting
isverschuldigd door detoepassingvan regels tervoorkomingvan
dubbele belasting^ terwiji zonder detoepassing van deze regels wel
belasting verschuldigd zou zijn
Op basis van het voorgaande dient art 21bis UBIB strikt te worden
toegepast Invoorkomende gevallen zal naast devoorwaarden van art 21bis
lid 1onderdelen aenbUBIB getoetst moeten worden ofbelastingplichtige in
zijn woonland geen belasting verschuldigdisvanwegeeen regeling die als
doel heeft een bepaald minimuminkomen buiten debelastingheffing telaten
endus nadrukkelijk niet vanwege detoepassing van deregels tervoorkoming
van dubbele belasting
Debelastingplichtige dient hetvoorgaande aan deinspecteur aannemelijk te
maken endient dus strikt genomen debuitenlandse regelingteanalyserenen
tebeoordelen Hierin zal hij niet makkelijk slagen Debehandelaar zal opzijn
beurt ook desituatie van belastingplichtige moeten beoordelen Ter indicatie
zijnaan het einde van deze notitie van enkele typische KBB landen de basis
belastingvrije sommen opgenomen Om debehandelaar verder enig praktisch
‘Art 78lid8IBenKamerstukken 112013 14 33752 nr 3p24
HvJ EG 10mei 2012 zaak C39 10
Besluit van 17december 2014 Stb 2014 579
1770298 00083
handvat tebieden kan de situatie worden vertaald naar een binnenlandse
situatie Met andere woorden de behandelaar beoordeelt of
belastingplichtige indien hijvoor zijn wereldinkomen inNederland belastbaar
zou zijn na aftrek van heffingskortingen een bedrag aan belasting zou
moeten betalen Is dit het geval dan is zonder nader bewijs niet
aannennelijk dat wegens degeringe hoogtevan het inkomen inhet woonland
geen inkomstenbelasting verschuldigd isenkan geen beroep worden gedaan
op art 21bis UBIB
Voorbeeld
Belastingplichtige Xiswoonachtig inEU lidstaat Yenontvangt een private
pensioenuitkeringvan €9800 en eenAOW uitkeringvan €9200 Op basis van
hetbelastingverdragisdepensioenuitkering belast inYendeAOW uitkeringin
NL Op basis van dehoofdregel van art 78lid 6IBkan Xniet worden
aangemerktals kwalificerende buitenlandse belastingplichtige
Xdoet echter een beroep opdeuitzonderingsbepaling van art 21bis UBIB en
overlegteen Yaanslag waaruit blijkt dat over de aan Ytoegewezen
pensioenuitkering geen inkomstenbelasting verschuldigd isOp deYaanslag
staat echter het aan Nederland toekomende inkomen niet vermeld
Uitvoering van een simulatieberekening voor hetjaar 2015 leert dat een inwoner
bij een box 1inkomen van €19000 een bedrag van € 1586 aan
inkomstenbelasting verschuldigd isNaaftrek van het IBdeel van dealgemene
heffingskortingendeouderenkorting blijftereen tebetalen bedragover van €
614 Belastingplichtige kan derhalve geen beroep doen opart 21bis lid 1UBIB
en dus niet als kwalificerende buitenlandse belastingplichtige worden
aangemerkt
Schematisch
Box 1inkomen 19000
Inkomstenbelasting 1® schijf
8351586
WIz 1947 Premie VV Anw en
1025
Algemene heffingskorting 112 IB 504
PVV 619
IB 468
PVV 574504
3
Ouderenkorting104 468
2
Tebetalen IB 614
Indicatie belastingvrije sommen 2016
Belgie
Duitsland
Polen€7130
€8626
€1490
1770298 00083
NB indien het wereldinkomen van een belastingplichtige deze bedragen teboven
gaat kan ersowieso geen beroep worden gedaan opart 21bis UBIB
1770298 00083

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Belang: