1769554

AI-samenvatting

Deze uitspraak betreft de kwalificatie van kosten voor huisvesting en maaltijden van werknemers aan boord van baggerschepen. De kosten worden niet belast als bijtelling, aangezien de werknemers als uitgezonden werknemers worden beschouwd en de kosten in het kader van de 30-regeling vallen.

Kennisgroepstandpunt

Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat

**Publicatiedatum**
02 2016

**Geldigheidsperiode**
Kennisgroep
IBR IB niet winst LB

**Categorie**
Wet LB

**Rubriek**
30 regeling

**Sub rubriek**
Niet van toepassing

**Uitgezonden werknemer 30 regeling ET kosten en WKR**

**Vraag**
De casus betreft werknemers die aan boord van baggerschepen werken en tevens als uitgezonden werknemer kwalificeren in de zin van art 10e tweede lid onderdeel UBLB 1965. Dit uiteraard voor zover de werknemers voldoen aan de dagenregeling en werkzaam zijn in een aangewezen regio art 10e vierde lid UBLB 1965. De werknemers ontvangen een vergoeding van 30% van het loon op basis van de bewijsregel. Daarnaast worden de reiskosten en het verblijf aan boord volledig verstrekt door de werkgever. De vraag is dan of de kosten van het verblijf aan boord, huisvesting en maaltijden kwalificeren als ET kosten. Beslissend voor het antwoord op die vraag is als meerdere categorieën van vrije vergoedingen verstrekkingen van toepassing zijn, waar in overwegende mate de oorzaak van de kosten is gelegen. In het onderhavige geval van een zeevarende en uitgezonden werknemer ligt die oorzaak overwegend in de uitzending, dus ET kosten. Onder het regime van vrije vergoedingen en verstrekkingen waren huisvesting en maaltijden niet onbelast naast de 30 regeling te verstrekken. Onder de WKR is dat mogelijk anders omdat qua systematiek de verstrekking eerst gewaardeerd wordt volgens art 13 Wet LB en sprake is van een werkplek. De huisvesting aan boord wordt op nihil gewaardeerd art eerste lid onderdeel URLB 2011. De maaltijden worden op grond van art onderdeel URLB 2011 op de daargenoemde norm gewaardeerd. De maaltijden kunnen vervolgens als eindheffingsbestanddeel worden aangewezen waarvoor de gerichte vrijstelling van art 31a tweede lid onderdeel Wet LB geldt.

**Antwoord**
De kennisgroepen IBR IB niet winst en LH Algemeen twijfelen of deze maaltijden in geval van uitzending onder de gerichte vrijstelling van art 31a tweede lid onderdeel Wet LB gebracht kunnen worden. Er is immers sprake van tijdelijk verblijf in de zin van art 31a tweede lid onderdeel Wet LB. Anderzijds is in het handbook expliciet vermeld dat maaltijden aan boord van schepen maaltijden zijn met een meer dan bijkomstig zakelijk karakter. De uiteindelijke conclusie is dat de kosten van huisvesting en maaltijden in dit geval, nu wordt uitgezonden naar een werkplek waar ook wordt verbleven, hetzij op nihil gewaardeerd worden, hetzij gericht zijn vrijgesteld. Samenvattend, de werknemers komen in aanmerking voor de 30% vergoeding, terwijl de verstrekking van huisvesting en maaltijden, nu wordt verbleven op de werkplek, niet tot een bijtelling leidt. Overigens wordt voor de volledigheid opgemerkt dat alle reiskosten wel als ET kosten zijn aan te merken en niet naast de 30% vergoeding onbelast vergoed of verstrekt mogen worden.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *