AI-samenvatting
De kosten voor de aanschaf van een OrCam MyEye kunnen in aftrek worden gebracht als specifieke zorgkosten volgens artikel 6.17, tweede lid, onderdeel d, van de Wet inkomstenbelasting 2001, mits de kosten drukkend zijn voor de belastingplichtige en er een causaal verband bestaat met de ziekte of invaliditeit. De OrCam wordt gekwalificeerd als een hulpmiddel voor blinde en slechtziende personen, en valt niet onder de aftrekbeperkingen voor reguliere hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen, zoals brillen en contactlenzen.
Kennisgroepstandpunt
Download kennisgroepstandpunt in origineel PDF-formaat
AI-samenvatting
De kosten voor de aanschaf van een OrCam MyEye kunnen in aftrek worden gebracht als specifieke zorgkosten volgens artikel 6.17, tweede lid, onderdeel d, van de Wet inkomstenbelasting 2001, mits de kosten drukkend zijn voor de belastingplichtige en er een causaal verband bestaat met de ziekte of invaliditeit. De OrCam wordt gekwalificeerd als een hulpmiddel voor blinde en slechtziende personen, en valt niet onder de aftrekbeperkingen voor reguliere hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen, zoals brillen en contactlenzen.
**Belastingdienst**
**Memo Aftrekbaarheid van kosten OrCam MyEye**
**Casus**
Belastingplichtige heeft een slecht gezichtsvermogen. De diagnose is dat niets meer kan worden gedaan en dat oogtransplantatie niet mogelijk is. Het zicht zal langzaam afnemen maar niet helemaal verdwijnen. Ofwel er is geen sprake van volledige blindheid.
Belastingplichtige is voornemens de OrCam MyEye (hierna: OrCam) aan te schaffen. Dit is een kleine camera die magnetisch op een bril kan worden bevestigd.
De OrCam kan, met behulp van kunstmatige intelligentie, zowel gedrukte als digitale teksten voorlezen. Daarnaast helpt de OrCam ook om gezichten, producten en kleuren te herkennen.
De minimale aanschafkosten van de OrCam bedragen € 3.815 en worden in dit geval niet vergoed door de zorgverzekeraar.
**Vraag**
Kunnen de kosten van de aanschaf van een OrCam in aftrek worden gebracht als uitgaven voor specifieke zorgkosten ex artikel 6.17, tweede lid, onderdeel d, van de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001)?
**Antwoord**
Ja, mits sprake is van drukkende kosten en een causaal verband bestaat tussen de ziekte/invaliditeit en de aanschaf van de OrCam.
**Beschouwing**
**Wettelijk kader**
Ingevolge artikel 6.1 van de Wet IB 2001 is de persoonsgebonden aftrek het gezamenlijke bedrag van de in het kalenderjaar op de belastingplichtige drukkende persoonsgebonden aftrekposten. Uitgaven voor specifieke zorgkosten worden op grond van artikel 6.1, tweede lid, onderdeel d, Wet IB 2001 aangemerkt als persoonsgebonden aftrekposten.
Artikel 6.17, eerste lid, aanhef en onderdeel d, Wet IB 2001 bepaalt dat uitgaven voor specifieke zorgkosten de uitgaven zijn die wegens ziekte of invaliditeit zijn gedaan voor andere hulpmiddelen, voor zover deze hulpmiddelen van een zodanige aard zijn dat zij hoofdzakelijk door zieke of invalide personen worden gebruikt.
In het memo over het hoofdzakelijkheidsvereiste wordt een onderscheid gemaakt in drie categorieën hulpmiddelen:
– zaken die een bijzondere hoedanigheid bezitten waardoor deze uitsluitend door de specifieke zieke of invalide belastingplichtige kunnen worden gebruikt of gezonde personen deze niet willen gebruiken (eerste categorie);
– zaken die een bijzondere hoedanigheid bezitten, welke ook door niet zieke of niet invalide personen kunnen worden gebruikt, maar feitelijk hoofdzakelijk door zieke of invalide personen worden gebruikt (tweede categorie); en
– zaken die geen bijzondere hoedanigheid bezitten waaruit blijkt dat ze bedoeld zijn voor gebruik door zieke of invalide personen (derde categorie).
Verder bepaalt artikel 6.17, tweede lid, aanhef en sub 1, Wet IB 2001 dat als ander hulpmiddel in ieder geval niet wordt aangemerkt brillen, contactlenzen en overige hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen.
**Analyse**
**Uitgaven wegens ziekte of invaliditeit?**
Op grond van artikel 6.17, eerste lid, aanhef, Wet IB 2001 zijn uitgaven voor specifieke zorgkosten uitgaven die zijn gedaan wegens ziekte of invaliditeit. Daarnaast moeten de kosten op grond van artikel 6,1, eerste lid, onderdeel a, Wet IB 2001, op de belastingplichtige drukken om als persoonsgebonden aftrekpost in aanmerking te kunnen worden genomen.
In de onderhavige casus bestaat er een verband tussen de aanschaf van de OrCam en de ziekte van de belastingplichtige. Belastingplichtige heeft een slecht gezichtsvermogen dat in de tijd nog verder zal afnemen. De aanschafkosten drukken in dit geval ook, omdat de belastingplichtige de aanschafkosten uit eigen middelen betaalt en daarvoor geen vergoeding ontvangt.
**Hulpmiddel?**
De OrCam is geen hulpmiddel van de eerste categorie zoals hiervoor bedoeld. De OrCam bezit geen bijzondere hoedanigheid waardoor deze uitsluitend door zieke of invalide belastingplichtige kan worden gebruikt of waardoor gezonde personen deze niet willen gebruiken.
Nu de OrCam geen hulpmiddel van de eerste categorie is, dient getoetst te worden of sprake is van een hulpmiddel van de tweede categorie. Hiervoor moet worden getoetst aan twee voorwaarden. De eerste voorwaarde is dat het hulpmiddel een bijzondere hoedanigheid bezit waaruit blijkt dat deze is bedoeld voor gebruik door zieke of invalide personen. De fabrikant zet de OrCam in de markt voor blinde en slechtziende personen. De OrCam is een product dat geschreven tekst kan omzetten in gesproken tekst. Voor een slechtziende wordt op deze wijze geschreven tekst als het ware vertaald of verduidelijkt. Het is een product dat ervoor zorgt dat de slechtziende de geschreven tekst beter kan begrijpen. Daarnaast helpt de OrCam ook om gezichten, producten en kleuren te herkennen. Tevens kan worden opgemerkt dat, mede gelet op de kosten van het product, het product waarschijnlijk niet snel zal worden aangeschaft door iemand die er geen baat bij heeft. De OrCam heeft daarmee een bijzondere hoedanigheid waaruit blijkt dat deze is bedoeld voor gebruik door zieke of invalide personen.
N.B.: Het product zou ook gebruikt kunnen worden door personen die analfabeet zijn. In die situatie is echter geen sprake van een ziekte of invaliditeit en zal om die reden geen aftrek mogelijk zijn.
De tweede voorwaarde is dat het hulpmiddel ook daadwerkelijk hoofdzakelijk door zieke of invalide personen wordt gebruikt. Er zijn geen cijfers bekend over wie de daadwerkelijke gebruikers van de OrCam zijn. Gelet op het voorgaande kan ervan worden uitgegaan dat de OrCam hoofdzakelijk wordt gebruikt door zieke of invalide personen.
De OrCam kwalificeert derhalve als hulpmiddel in de zin van artikel 6.17, eerste lid, onderdeel d, Wet IB 2001.
Ten slotte merken we nog het volgende op. Artikel 6.17, tweede lid, aanhef en sub 1, Wet IB 2001, bepaalt dat als ander hulpmiddel in ieder geval niet worden aangemerkt brillen, contactlenzen en overige hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen. In de memorie van toelichting van de Regeling van een tegemoetkoming voor chronisch zieken en gehandicapten (Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten) is ter zake van deze hulpmiddelen het volgende vermeld:
“Uitgaven voor brillen, contactlenzen en overige hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen zijn uitgezonderd. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt in afwijkingsgraad van de ogen en daarmee in sterkte van bril of contactlenzen, omdat vanwege uitvoeringstechnische redenen een dergelijke afbakening niet mogelijk is.
De reden van uitsluiting van voornoemde hulpmiddelen is, dat het dragen van een bril of contactlenzen een zo veel voorkomend verschijnsel in onze samenleving is dat de kosten die met de aanschaf en het gebruik hiervan samenhangen niet als voldoende specifiek en naar hun aard als meerkosten in vergelijking met doorgaans gezonde personen beoordeeld zijn, om voor aftrek in aanmerking te komen.
Omdat een ooglaserbehandeling ter vervanging of voorkoming van bril of contactlenzen nauw verbonden is met het dragen van een bril of contactlenzen, zijn de uitgaven voor een dergelijke behandeling eveneens uitgesloten van aftrek.
Onder overige hulpmiddelen ter ondersteuning van het gezichtsvermogen wordt bijvoorbeeld contactlensvloeistof verstaan.
Hulpmiddelen voor blinde personen vallen hier niet onder. Hulpmiddelen voor deze groep zien niet zozeer op ondersteuning van het gezichtsvermogen, maar op vervanging van het gezichtsvermogen. Visuele hulpmiddelen voor deze groep komen dus wel voor aftrek in aanmerking, uiteraard voor zover sprake is van drukkende uitgaven. Over het algemeen zullen deze kosten (deels) worden vergoed.”
Om te bepalen of de OrCam onder deze aftrekbeperking valt, dient te worden bepaald of dit apparaat ter ondersteuning van het gezichtsvermogen dient. Zoals te lezen is op de website van het product vergroot de OrCam de zelfstandigheid en onafhankelijkheid van de gebruiker door tekst voor te lezen en gezichten, producten en kleuren te herkennen. Hieruit kan worden afgeleid dat geen sprake is van ondersteuning van het gezichtsvermogen. De OrCam kan dus niet gelijk worden gesteld met een gewone bril. Er is eerder sprake van vervanging van het gezichtsvermogen. In bovenstaande Memorie van Toelichting is te lezen dat visuele hulpmiddelen voor blinde en slechtziende personen zien op vervanging van het gezichtsvermogen en derhalve aftrekbaar zijn. De OrCam valt gezien voorgaande niet onder de aftrekbeperking van artikel 6.17, tweede lid, aanhef en sub 1, Wet IB 2001.
**Conclusie**
De aanschafkosten van een OrCam kwalificeren als uitgaven voor specifieke zorgkosten, mits de aanschafkosten op de belastingplichtige drukken en de aanschaf is gedaan in verband met ziekte of invaliditeit van de belastingplichtige. Er is namelijk sprake van een hulpmiddel in de zin van artikel 6.17, eerste lid, onderdeel d, Wet IB 2001. De aftrekbeperking van artikel 6.17, tweede lid, aanhef en sub 1, Wet IB 2001 is niet van toepassing.
Geef een reactie